CamperCassie

Testrit ✓

Mijn eerste echte rit met mijn MAN vrachtwagen camper. Ik reed naar Denemarken waar ik vrienden bezocht. En weer terug natuurlijk. 2.376 woorden, 13 minuten leestijd

27 juli mijn proefrit begonnen, na eerst nog twee dagen bij mijn zus voor het huis geparkeerd te hebben (met dank zussie). Dit om het een en ander weer om te pakken maar ook omdat mijn moeder geopereerd is aan haar heup en ik een beetje in de buurt wilde blijven. Het blijft wennen in zo een nieuwe auto. Niet alleen het rijgedrag van een vrachtwagen hoor. Alles is nieuw en ik heb van veel dingen geen flauw idee heb hoe ze werken. Dit moet allemaal wennen en ik moet een hoop leren, daar doe ik de test rit ook voor.
De dag begon niet goed. Eerst liet ik het kraantje van een jerrycan half open staan, zonder het in de gaten te hebben. Normaal staat dat ding in de douche cabine en dat zou dus niet erg zijn, nu had ik hem juist er buiten gezet. Toen ik na 2 km dan ook even ging tanken en wat geld ging pakken kwam ik in een cm water te staan. Snel alles opgedweild maar het is geen pretje, de vloer was wel gelijk lekker schoon.

Daarna reed ik gigantisch verkeerd. Ik wilde via Kleef en Emmerik langzaam doorsteken naar het noorden, maar om de een of andere reden kwam ik helemaal verkeerd uit en reed zo toch wel 50 km om. Ook dat hoort bij een testrit.

Verder die dag niet zo veel meegemaakt. Het zoeken van een slaapplekje met zo’n grote auto is niet makkelijk. Dat was het met mijn oude Knaus al niet, nu is het dubbel zo moeilijk. Uiteindelijk in het platteland op een oprit naar een korenveld gaan staan. Lekker rustig aan een landweggetje, maar heb er wel een paar uur naar gezocht. Het was erg warm en er zaten veel vliegen. Onweer was op komst, en daar stond ik niet zo gunstig voor, namelijk onder wat bomen…slik. Gelukkig is er niks op me gevallen, heb zelfs weinig van het onweer gemerkt (in de delen van Duitsland erg veel overlast geweest door omvallende bomen en ondergelopen kelders.

De volgende dag verder naar het Noordoosten gereden en zonder al te veel problemen bij een camping vlak onder de Deense grens gaan staan.

Tussen de kleintjes op de camping. Ha, vroeger had ik ook zo’n Tupperware ding

Ik moet zeggen, ook nu weer vind ik de Duitsers erg sympathiek en goed in de omgang. Ook hier op de camping allemaal even vriendelijk, behulpzaam en aardig. Geen onvertogen woord, geen zuipfestijnen of harde muziek, ik snap niet wie al die vooroordelen heeft verzonnen. Ik sta hier als enige Hollander tussen alle Duitsers, wellicht wel zo prettig. Zoals verwacht valt mijn auto erg op en krijg ik veel bekijks (zelfs foto’s worden er genomen). Iedereen verklaart me voor gek als ik vertel dat ik in mijn uppie rond de wereld wil gaan rijden. Het werd op zaterdag heerlijk weer, beetje windig maar zonnig, en veel geklust. Haakjes opgehangen, ophang netten gemaakt, schoenhouders gemaakt, de volgestouwde luiken wel 10 keer uitgepakt en weer ingepakt, maar zonder al te veel ruimte besparing helaas. Er is maar een manier om wat ruimte te maken… alles op te eten. De hoes om me reservewiel op het imperiaal goed vastgemaakt, die vloog er onderweg een paar keer af (en heb ik toen maar eraf gehaald), de kraan op het imperiaal beter bevestigd enz enz. Je kan er de dag wel mee bezig zijn. Ook nog even het durpske in gereden op de fiets, en zoals verwacht is dat een super toeristische bedoeling, standjes met Duitse hoempapa muziek, braadworst op elke hoek, veel bierstubes die al om 12 uur druk bevolkt zijn en veel, heel veel toeristen. Nu is het natuurlijk ook weekend en ik vermoed dat ik mazzel heb gehad een plekje te vinden want in principe sta ik vlak bij het strand.

Langzaam begint de binnenkant van de auto op orde te raken en zit er enige logica in, alhoewel ik waarschijnlijk nog wel een maand bezig ben om alles zo te krijgen als ik het precies wil, en ook alles terug kan vinden. Gelukkig alle tijd. De volgende dag naar Denemarken vertrokken. Stuk binnendoor en vanaf de grens over de snelweg. Op zich een makkie. Hier rijden is een genot. Mooie wegen, niet druk, uitgestrekte graanvelden, afgewisseld met mais of andere agrarische producten zoals kool. Erg veel windmolens, heel erg veel. Bij de Grens met Denemarken gestopt en getracht geld te wisselen maar alle banken waren dicht. Pin automaat niet gezien. Een heerlijke burgerlijke camping gevonden in Lundenborg, aan het water, km of 40 van de brug naar Sealandt. Weer erg rustig, ook in het dorpje, waar een haventje is en wat restaurantjes valt me weer het rustige kabbelende leven op, iets wat je in Nederland vrijwel niet meer ziet. Als je daar naar een haventje gaat is het een gaan en komen van mensen, auto’s , dringen, volle restaurantjes etc. Hier is het een stuk gemoedelijker. Zou het aan mij liggen?

Nog geprobeerd om Charlotte en Jon te bellen, maar het nummer wat ze me gemailed hebben blijkt niet goed te zijn. Zouden ze de uitnodiging wel gemeend hebben, of hebben ze het op z’n Iraans gedaan ? (eerste 3 keer vragen voor je nee zegt). De volgende dag zonder veel problemen richting ‘Sjealland’ gereden, over de wel erg fraaie verbinding tussen Funen en Sjealland heen. Behalve hoog en mooi is de brug ook erg duur. Met 600 kronen voor een enkeltje (een kroon is ongeveer 14 eurocent, dus die paar kilometer koste me even 85 Euri’s) Wel woei voor de zoveelste keer mijn reservewiel hoes er bijna af, dus maar weer eraf gesloopt midden op de snelweg, gelukkig niet midden op de hoge brug.

Na wat zoeken het huis van Jon en Charlotte gevonden. Absoluut niet wat ik gedacht had. Ik had een huisje in een klein dorpje verwacht, maar het bleek een oude boerderij te zijn, midden tussen de graanvelden. Schitterend gelegen in het rustige Deense platteland, eromheen graanvelden en koeien. Jon was het hele huis aan het renoveren, doet mijnheer naast zijn full time werk als technicus in een Medisch bedrijf dus gewoon in de weekend en avonden. Charlotte zorgt voor de baby. Ik heb wel bewondering voor ze, want ze moeten eigenlijk het huis van onder af aan opnieuw opbouwen, het enige wat blijft staan is de muren en het dak. Als er een grote klus gedaan moet worden (zoals bijvoorbeeld 100 ton puin uit de funderingen sjouwen om nieuwe vloeren te gaan storten) nodigt men hier de hele familie en alle vrienden voor een weekend uit en werkt men de hele dag samen om ’s avonds te barbecueën (dat lijkt een volkssport hier) en te zuipen. ’S Avonds zit men hier rustig buiten onder de kersen boom, te genieten van een verhaal van de buurman of vrienden, een biertje of een kop koffie en ziet men het leven voorbij trekken. En zo dus ook deze avond, heel gezellig met de buren erbij en een paar andere onbekende mensen. Prettig wonen zo, tenminste nu het zomer is. In de winter, als het guur en koud is denk ik dat ik er anders over zou denken en lijkt me het afgelaten en eenzaam hier.

Woensdag in de namiddag naar een toeristisch plaatsje aan de zuidkust gegaan. In Marielyst zaten wat vrienden van Jon en Charlotte en we hebben heerlijk wat zitten kletsen en uiteraard geBBQ’ed, maar wel een van de lekkerste stukken vlees sinds tijden. Nog even naar het strand gelopen, maar dat stelde niet zo veel voor dus snap niet waar de heisa om is. Er komen in dit dorpje elke jaar duizenden toeristen, veel Duitsers, en de het aantal souvenir shops is om duizelig van te worden (en niet eens leuke). Ondanks dat het net geregend had (en dus best fris) ging Jon nog even de zee in (de gek), heb hem maar niet na gedaan. Rond 11 uur weer terug bij het huis van Jon en Charlotte. Jon moet elke ochtend om 5 uur zijn bed uit, dus dan snap je het wel….uitstappen en maffen.

Denemarken is zoals Nederland had kunnen zijn. Veel gemoedelijker, minder opgefokte mensen, meer ruimte en meer rust. Maar ook met hogere belastingen en meer welvaart. Jon vertelde over zijn auto belasting en zijn kijk & luistergeld (wat je ook moet betalen voor bijvoorbeeld je autoradio) en dat liegt er niet om. Daar voor terug krijg je dan wel een welvaart staat die prettig is, en niet zoals Nederland druk, verkrampt en vol spanningen en bekrompenheid. (niet dat ik anti Nederlands ben of zo, maar als je ziet dat het beter kan)….*zucht*.

Vandaag 4 augustus wilde ik helemaal om de noordkant van Jutland gaan rijden om aan de west kant weer af te zakken naar het zuiden. Het had de hele nacht geregend en ook in de ochtend was het nog een miezerige bedoeling, de plassen stonden diep rond de auto. Onderweg naar het noorden verbeterde het weer aanzienlijk, en op een straffe wind na werd het zelfs erg mooi weer. Moest op een geven moment een pont over om het Langerak Fjord over te steken en dat pontje was zo klein dat ik er nog net op paste met mijn auto. De pontmeester was niet blij met me en liet me voor 2 auto’s betalen. Het leek India wel. Verder was de weg wel ok, wel erg veel snelheid drempels, dat hield erg op. Eenmaal aan de westkust gekomen werd het een zeer mooie weg langs de zee, met machtige uitzichten en hoge grote duinen waar de weg door heen slingerde. Het leken wel de groene heuvels van Mongolië, zo mooi.

Toch vond ik dit uitzicht het mooist

Wat ik niet wist is dat de graanvelden waar je in Denemarken erg veel doorheen rijd, niet voor consumptie groeien maar voor energie. Op de een of andere manier brand dat graan in de ovens van de energie verwekkende centrales en levert dus zo stroom. Dat is nog een schone enegrie.
Vond een camping in de duinen en zowaar weer wifi internet. Tenminste, dat denk ik, want ik had zowaar verbinding ondanks dat de camping beheerder raar met zijn bek trok toen ik naar internet vroeg, alsof ie daar nog nooit van gehoord had. Waarschijnlijk zit ik illegaal op iemand ander zijn netwerk, pech voor diegene, makkelijk voor mij. Moet zeggen, het internette dubbel zo lekker.

De volgende dag verder afgezakt over weg nummer 181, dat is de kust route en bijzonder fraai moet ik zeggen. Kronkelend door duinen, langs kwel meren en natuurgebieden, heel veel vogels en ook heel veel vlekken op mijn ramen. Dit van plat gevlogen insecten, de lucht was er zwoel van. Toen ik bijna een uur op een pondje moest wachten zat het er vol met van die nepwespen, ik weet niet hoe ze heten maar ze lijken op wespen maar vliegen anders. Ik heb er wel een miljoen gezien (en toen de tel kwijt geraakt). Na het pontje reed ik met mijn raam wijd open, en dat had ik beter niet kunnen doen. Ik voelde al zo af en toe een insect zich te pletter vliegen tegen mijn spiegels, waardoor er insecten ingewanden spetters naar binnen vlogen, maar er kwam ongemerkt ook een wesp naar binnen vliegen (niet zo’n geelzwarte maar een grote bruine) en die was tegen de stoel aangevlogen en zat ongemerkt op mijn rug. Toen ik eens lekker achterover leunde stak hij me in mijn rug net onder mijn schouderblad, das een rot gevoel omdat je niet kan zien wat er gebeurt. Naja, dood ben ik er niet aan gegaan. Verder had ik mijn zinnen gezet op Henna Strand camping omdat dat in beschrijving wel ok leek, en daar aanbeland nat het middaguur en lekker gerommeld. Ik blijf hier zondag ook, ga ik eens een brood bakken, moet ik ook proberen nietwaar.

Tja, dat brood bakken was niet zo’n succes. Om de een of andere redden was de temperatuur van de oven na een half uur draaien nog maar 160 graden, en dan vind een brood niet leuk. Het kwam er dus een beetje klef uit. Later bedacht ik me dat ik misschien te weinig elektra voor de oven beschikbaar had gesteld, dat gaan we dus de volgende keer bekijken, eerst dit ‘wat kleffe’ brood verorberen.

In de middag naar het strand geweest, maar na een anderhalf uur maar weer opgestaan van het zand. Het waaide nogal hard en dan kwam er een lading zand mee. Dat zandhappen is na een uurtje irritant. Na het uitproberen van alle standjes om zand vrij te blijven maar een lange strand wandeling gemaakt, wat boodschapjes gedaan en aan de auto geklungeld. ’S Avonds was er een pantomime voorstelling van een Vader en zoon, wel ok, maar ontmoete gelijk alle Nederlanders op de camping, die allemaal heel nieuwsgierig waren naar mijn auto. Grote groep mensen uit Friesland bevolkte mijn auto, gelijk het record mensen tegelijk in mijn auto gebroken (14 geloof ik). Allemaal heel leuk. Foto’s gemaakt, en hopelijk krijg ik die per mail nagestuurd.
Nou moet ik wel zeggen dat ik de ervaring heb dan van de 100 mensen die je je kaartje geeft en die beloven een mail te sturen of wat in mijn gastenboek te schrijven, het er misschien 2 ook daadwerkelijk doen. Wellicht zijn mijn nuchtere Friese vrienden een van die 2. De volgende dag alleen maar gereden, daar valt weinig over te vertellen, behalve dan die mega file bij Bremen waar geen beweging in zat. Parkeerde mijn auto onder een windmolen, is weer eens wat anders. Echter was ik na een half uurtje het gesjoesh geluid van die wieken al zat en verkaste 200 meter verder naar een inrit van een akker.
De volgende dag goed naar huis gereden, waardoor ik nu kan zeggen dat mijn testrit goed verlopen is. Ondanks dat ik de auto niet onder extreme omstandigheden heb getest heb ik een hoop geleerd, zijn er een aantal kleine aanpassingen die gemaakt moeten worden en een hoop vragen, die, indien beantwoord, mij met een zeker gevoel volgende week met de reis naar het grote onbekende durven te laten starten.