Van Islamabad naar Turkije is bekend terrein. Dit is de vierde keer dat ik dit stuk rijd. Erg veel valt er dan niet over te schrijven. Toch zijn het 8200 woorden geworden, wat anekdotes en leuke verhalen maken dat het toch 43 minuten kost om te lezen zegt wordpress.
De volgende dag de grens over van India naar Pakistan ging stroef maar zonder al te veel problemen. De doos bier die ik in Amritsar had gekocht blufte ik weg, en de Pakistaan trapte er in. Terug in snorrenland, het land van Mousharaf die was, het land van de mooie vrachtwagens, het land van de aardige mensen. Gaf gelijk een lift aan de eigenaar van de boekwinkel aan de grens (een echte Pakistaan met grote baard en rode tanden). Iets wat ik in India nooit gedaan zou hebben. Via de Canal-road omzeilde ik Lahore en reed de M2 snelweg op. Die lag er prachtig bij, dit is echt nu de mooiste weg die ik in jaren heb gereden. Ik kon echt 80 rijden zonder problemen en kon rustig wennen aan het veel geciviliseerdere verkeersgedrag van de Pakistani’s. Men geeft zelfs richting aan met de richting aanwijzer (ipv met de hand in India) en doet dat zelfs als men van baan verwisselt. Eng.

Op 132 km van Islamabad parkeerde ik bij een wegrestaurant voor de nacht. Dit omdat het daar wat hoger gelegen is en dus in de nacht wat meer afkoelt. De volgende dag arriveerde ik rond 11’en op de camping site midden in Islamabad. Daar stonden een stuk of 6 overlanders, dat was dus weer dolle pret. Ook Philip en Nancy waren present, een Duitser op een motor (wie door de Iranese Ambassade een visa geweigerd werd en dus nu niet wist hoe hij terug naar huis moest) , een Zwitserse vrouw op een motor, een Zwitsers stel met een landrover, een zweed met een Mercedes bus en twee Duitsers op een motor. De camping was zoals altijd warm en groezelig maar ideaal voor mij.
Pakistan is het land waar iedereen hetzelfde draagt, op de kleur na. Maar het land is momenteel erg onrustig. Zoals gezegd is begin van de week Musharaf afgetreden, de zelfbenoemde dictator. Toch geloof ik dat hij het wel goed deed in Pakistan. Je moet hier met harde hand regeren, dat heeft dit land echt nodig. Ik ben bang dat er nu een machtsvacuüm komt en dat de politieke partijen lang zullen kibbelen en kissebissen. Dat lijkt mij voor dit land geen goed idee. Wil dus eigenlijk wel snel mijn visa voor Iran regelen en zo snel mogelijk zowel door Pakistan als door Iran rijden. Heb uitgerekend dat ik dat in 12 tot 14 dagen zou moeten kunnen, dan kan ik in Turkije wel even uitpuffen.
Gisteren weer 70 man dood door een bomaanslag, maar 30 km hier vandaan. Vorige week in Lahore 7 doden en zo is de lijst momenteel erg lang.
Helaas arriveerde ik op een donderdag. Te laat om nog diezelfde dag wat met Visa te doen. Vrijdag is in moslimland alles dicht, en zaterdag is de ambassade van Iran eigenlijk ook dicht. Zondag ook, dus moest wachten tot maandag. Spendeerde maar mijn tijd aan het vinden van de rammel, het kwijlen in de supermarkten hier (in tegenstelling tot India kan je hier echt alles krijgen). Me bezondigd aan een stuk Gouda kaas, dropveters en een zakje haribo snoepmix. Prompt was ik misselijk natuurlijk.
Heerlijk wezen eten met de Zwitserse vrouw. We bestelde per ongeluk het verkeerde maar dat was veel lekkerder dan wat we in eerste instantie wilde. Ontmoete ook een hele vage andere Zwitser die op ons afstapte. Die kwam met een vaag verhaal dat ie 10 dagen in de gevangenis had gezeten in het midden van Pakistan. Maar zijn manier van doen kreeg ik het idee dat er een steekje bij hem los zat.
Ook in Pakistan maaien ze het gras…. met de hand. Doen ze dat in India op de knieën met een sikkelmes, hier gaat dat met een golfclubmes. Onder op de club zit een horizontaal mes en dan zie je dus ineens 4 of 5 mensen hevig met golfclubs staan te meppen langs de weg. Komisch gezicht, en lijkt me ook heel vermoeiend.
Het verkrijgen van de visa voor Iran vergde veel lik en lach werk. Ik had via internet al wel een goedkeuring vanuit Teheran gekregen, maar het verhaal van die Duitser die geweigerd werd baarde me toch wel zorgen. Als ik geen visa zou krijgen zou ik gedwongen worden om via Afghanistan en wat andere Stan landen te rijden, iets wat niet echt hoog op mijn verlanglijstje stond, buiten het feit dat het waarschijnlijk niet eens mogelijk zou zijn om door Afghanistan te gaan rijden.
Op maandag ochtend om half 10 stond ik dan ook met een brede glimlach bij de Iranese ambassade. Vulde me formuliertjes in, was goed voorbereid, had dus ook een kopie van mijn paspoort mee (het is een soort nieuwe mode om dat te vragen, alsof ze zelf geen kopieer apparaat hebben ). De Iranese ambassade is een groot gebouw, met een grote deur. Zowel links als rechts zat een minuscuul raampje, afgesloten door een minuscuul deurtje. Het linker deurtje stond op een kier en daar mocht ik mijn formulieren afgeven. De man was vriendelijk maar bleek alleen maar formulieraannemer te zijn. Ik werd verzocht buiten op een houten bank te gaan zitten en het wachten begon. Na een uur ging het rechter luikje open en werd er door een luidspreker stroef ‘Netherlands’ geroepen. Daar ik de enige buitenlander was ging ik er maar van uit dat het voor mij was, en ik begaf me naar het luikje waarachter een wat oudere man me vroeg of deze formulieren van mijn waren. Beetje domme vraag maar goed, ik grapte dus , yes, my name is Netherlands. Er kon geen lachje van af en hij vroeg me over het goedkeuring nummer uit Teheran. Daarna werd ik verzocht weer te gaan zitten.
Ik weet dat dit soort dingen tijd kosten, maar het duurde en duurde maar. Om half twaalf ging luikje links weer open en werd ik verzocht om naar een bepaalde bank te gaan, 6600 roepies te gaan storten en met het stortingsbewijs terug te komen. Dat duurde natuurlijk een uur, want de Pakistaanse bank vinden het nog normaal om mensen een 40 minuten in de rij te laten wachten. Half een terug met mijn reçu-tje, ingeleverd bij luikje links en er werd me uiteraard geboden te wachten…Half twee ging luikje rechts weer open. Een andere man nu, die streng en nors keek wilde me wat vragen stellen. Juist echter op dat moment vlogen er wat grote insecten rond mijn hoofd die blijkbaar konden steken want de man gebood me om binnen te komen. Eenmaal binnen kon ik mijn charme offensief beginnen. Een likje hier, een complimentje daar, niks te dik maar toch wel merkbaar. De man ontdooide iets en vroeg me over mijn auto, of ik ook foto’s van de binnenkant had. Aha, dacht ik, ik heb je. Dus ik zeg, nee, maar ik nodig U bij deze uit om vanmiddag, of als u tijd heeft, mijn auto van binnen te bezoeken. Ik zag zijn oren omhoog gaan en toen wist ik, kat in het bakje…
Ik zal je een lang verhaal besparen want het heeft me nog de hele dag gekost, maar ‘s avonds om 7 uur had ik een tourist-visa voor Iran, in één dag…wereldrecord gebroken, Olympische medaille nummer een.

Mijn schema ziet er dan nu als volgt uit. Over 3 of 4 dagen ga ik rijden. Hoor van iedereen dat je overal politie escorte krijgt en dat is niet echt prettig om te rijden. Ga er van uit dat ik in 4 dagen naar Quetta rijd, 1 dag rust, dan in 5 dagen de grens met Iran over en naar Yazd (Iran). Daar twee dagen rust, en dan in 5 dagen naar Dogabuyazit (Turkije). Het kan natuurlijk zijn dat ik ergens blijf hangen als het gezellig is, zo niet, ben ik over ongeveer 3 weken (dus zeg maar tweede helft september) bij de bekende Murat camping. En vanaf daar is het nog maar een peulenschilletje naar Duitsland (in 4 dagen door Turkije en in 5 dagen naar Koblenz). Dus een tussenstop in Griekenland is hoogst waarschijnlijk.
Ondanks dat het bommenland is (motto, ik heb een snor, therefore I am), is het redelijk goed toeven in Pakistan, speciaal in Islamabad. Alles is hier te krijgen en te vinden. Kost het in China of India een hele dag om een boutje te vinden, in Islamabad is dat redelijk snel gepiept. Je wordt over het algemeen vakkundig geholpen, winkelpersoneel heeft vaak goede kennis van hun producten. Iets wat je in vele andere landen in Azië absoluut niet kan zeggen.
Ook de camp-site waar ik sta is goed te doen. Denk niet dat het vergelijkbaar is met een Europese camping, maar het is een afgebakend stuk grond, er staan veel bomen voor schaduw, er is een koude douche en water om de was te doen aanwezig. Er huist een contingent soldaten met grote geweren om ons te beschermen. Er is zelfs elektra beschikbaar. Men heeft echter wel in de gaten dat sommige overlanders over was machines, airco’s en waterkokers e.d. beschikken, die stroom slurpen, er wordt (voor de eerste keer) vriendelijk gevraagd het energie gebruik te beperken tot 500 watt, en daar kan ik mijn aircotje niet op draaien. Er zijn veel overlanders, dat maakt het gezellig.. Het is ‘s nachts redelijk te doen met de hitte, zodat een vette ventilator uitkomst bied.
Er lopen twee ‘bazen’ rond op deze camping. De nachtbaas is Afzal, een super aardige maar wat te ‘zachte’ man van rond de 30. De dagbaas is Achmed, een superlelijke trol, met twee vooruitstekende tanden. Deze man is vaak onvriendelijk en bot, spreekt weinig tot geen Engels (behalve het woord money, dat kent ie als de beste), aan hem heb je niks dus.
Gisteren wilde ik nog wat extra Pakistaanse versieringen voor mijn auto kopen. Stapte om 10 uur in het mini-busje nr 1 richting Rawalpindi, de zusterstad van Islamabad 15 km hier vandaan. Het was echter niet mijn dag. Het begon er mee dat de minibus lokker de minibus tot het uiterste volpropte. Das niet prettig zitten met 24 man in zo’n klein ding, schouder tegen schouder, been tegen been. Als het dan buiten 30 graden is, is het binnen 35. Als de auto beweegt is het door de wind nog te doen, maar prompt kreeg de chauffeur een bon omdat hij iets stouts had gedaan (geen idee wat) en dan zit je 15 minuten te wachten. De temperatuur gaat dan richting 40 en met al die zwetende Pakistani’s tegen je aan geplakt is het geen pretje.
Het werd erger, want de man ging netjes de bekeuring storten bij een bank. En dat banken hier niet snel zijn was bekend van mijn vorige verhaal. Dat werd dus weer 20 minuten wachten met een volle bak, in de volle zon. Passagiers begonnen te morren, ik wilde net gaan uitstappen toen de man terugkwam. Het rijden duurde niet lang want na 1 km stonden we midden in een mega file. Het reed erg langzaam, en vooraan in de file aangekomen na 45 minuten bleek de hoofdweg te zijn afgesloten en werden we een smal zijstraatje in gecommandeerd door de vele agenten die er stonden. De chauffeur wist blijkbaar wat er aan de hand was en schoot door wat kleine straatjes heen om ook daar vast te komen te staan in het verkeer. Om 12 uur gaf ik het op en stapte uit. Geen idee waar ik was, maar als je een beetje het verkeer volgt kom je altijd wel ergens terecht.
Zo lopend door de achterbuurten van Rawalpindi voelde ik me niet onveilig. Er werd niet scheef naar me gekeken, mensen waren vriendelijk. Na een half uurtje lopen kwam ik op een hoofdweg aan en probeerde een taxi te overtuigen waar ik naar toe wilde. Hij legde echter uit dat er een staking was, van 10 tot 12 in Rawalpindi, en van 12 tot 2 in Islamabad. Dit bleek later een algemene landelijke staking te zijn tegen het voortdurende uitvallen van de elektra overal. Gevolg was wel dat alles helemaal vast stond. Heb de taxichauffeur maar gevraagd via de buitenkant van de stad terug naar de campsite te gaan. Het duurde anderhalf uur voor ik daar weer terug was, de taxi was dan ook duur, 200 roepies (1,8 euro). Al om al was ik om 14:00 uur terug en had ik niks bereikt. De dag erna was vrijdag, ook niet echt handig om wat nuttigs te doen. En zo gaan de dagen hier voorbij.
Op zaterdag nog een poging gedaan. Heen nam ik de bus, maar terug nam ik twee keer een taxi, en dat was echt Pakistaans. De eerste taxi was zo gammel dat ie volgens mij met elastiekjes vast zat. De man durfde de motor niet uit te zetten en toen die wel per ongeluk uit ging door een schakelfout duurde het 15 minuten voor hij hem weer aan de praat had. De tweede taxi chauffeur was aan een kant verlamd en reed en schakelde dus met alleen zijn rechterhand, dat is lastig als je stuur rechts zit. Uiteraard zonder speciale voorzieningen. Dat deed ie al 6 jaar zo zegt ie. Wat moet je anders, mijn familie moet toch eten nietwaar. Ik vond het geen pretje, maar kwam toch zonder kleerscheuren weer terug.
Het lastige is, dat begin september de Ramadan begint. Daar kwam ik ook net pas achter. Dat betekend dat het rijden nog minder prettig gaat worden. Overdag zijn alle eetgelegenheden dicht en de mensen chagrijnig. Zou ik ook zijn maar mijn geloof is het gelukkig niet. Omdat het toch al wel een hele zware rit gaat worden wordt het nog minder leuk. Er gaan verhalen over bandieten in de buurt van Zahedan (dat is in Iran, de driehoek Pakistan-Iran-Afghanistan) de rondte, hoorde wild west verhalen van diverse overlanders die men heeft geprobeerd te overvallen en zelfs een die auto’s van de weg af heeft gereden om aan zijn belagers te ontkomen.
Op de camping staan Philip en Nancy uit België, die ik ook reeds in en rond Leh tegen kwam als wel als in in Amritsar. Altijd gezellige mensen, goed voor een goed gesprek of een nietszeggend praatje. Tot drie keer mocht ik mee eten met ze, en dat is behalve lekker ook altijd prettig, zo eet je eens iets wat je normaal niet eet. Daarbij is andermans eten altijd lekkerder (vind ik). Verder stond er nog een jong Duits stel met een klein kind, die hadden zelf een gewone vrachtwagen omgebouwd tot camper en reden richting India. Hij sprak geen woord Engels, die kan zijn lol op straks. Leo was er ook. Een rare vogel. Een zweed, die al 10 jaar in zijn oude Mercedes in dit gedeelte van de wereld rijst. Hij zag er niet uit, en zijn auto ook niet, maar wie ben ik om te oordelen. Dat mag hier alleen Allah, dat snap je.

Ik heb geen stroom, snap niet waarom
De laatste dag verscheen Nick en Maartje, een Engels-Nederlands stel (www.nickandmaggie.com) , daar viel goed mee te praten. Er was een Belgische fietser stel, daar had ik weinig contact mee (weet niet waarom, leken aardige lui) en als laatste stond Peter-Klaus (alias PK) er, de Duitser met zijn motor die nog steeds geen visa voor Iran had.
Op 31 augustus de aantocht richting Turkije begonnen. Ben er wel uit dat ik in de Ramadan (of zoals het hier heet, de Ramazan), niet zo’n zin heb om toerist te gaan spelen in Pakistan of Iran. Met andere woorden, ik ga proberen door te scheuren. Kijk, er kunnen zich natuurlijk onvoorziene leuke dingen voordoen waardoor ik genoodzaakt ben te blijven plekken.
Na een uitbundig afscheid, daarna een langdurig bezoek aan supermarkt en slager (mijn ijskast puilt uit), retour camping om Nick en Maartje terug te brengen en weer een afscheid, was het scheuren met de geit. Op de snelweg ging het als gesneden koek, de kilometers vlogen voorbij. Dan ga je rond kijken en zie je rare namen. Er zijn erg veel bussen tussen Islamabad en andere grote steden. De express bussen hebben allemaal Niazi Express achterop staan, en als goede Hollander lees ik altijd Nazi Express, om dan vervolgens ‘oh nee, Niazi’ te lezen. Waarschijnlijk omdat het woord Nazi zo bekend is, lees je gewoon wat je denkt te zien. Of zie je gewoon wat je denkt te lezen.
Sowieso staan er rare namen op die bussen. De bedrijfsnaam word groot achterop gezet. Saad Brothers…..mmm, zou ik daar een ticket van kopen? Ook niet van de Butt Brothers trouwens, rare busnamen hoor, maar ik heb ze echt zien rijden.
De fraaiste vond ik echter wel die bus die niet voldoet aan de strenge euro1 norm, niet aan de strenge twee, niet aan de huidige drie, zelfs niet aan de in ontwikkeling zijnde euro 4 norm, nee, deze bus voldeed aan de Euro 8 norm. En terwijl hij me voorbij stoomde met zijn euro 8 motor, blies hij een grote pluim zwarte rook bij mij naar binnen. De achterklep van zijn motor open om de boel te koelen. Zo zie je maar, in Pakistan lopen ze voorop.
Nu we het toch over goed Engels hebben, zag een groot modern tankstation met een Tuck-shop… Wellicht mooi plekje voor een tukje.
Sliep 80 km voor Lahore op de snelweg. Sliep niet goed door lawaai van honden, moskee, muggen, een penetrante gaslucht, mensen die langs liepen en gewoon waakzaam zijn, zoals je op de eerste nacht in het wild altijd bent. Het was ook warm, dat hielp ook niet mee, toch koelde het in de nacht redelijk af.
De volgende dag was de weg richting zuid (NH5) goed (M2 tol was 550 roepies). Was om half negen al voorbij Lahore, een drukke rondweg. Er hing tientallen kilometers een dikke rook over het land, waarschijnlijk door uitgebreid rijst-stoppels affikken. Het werd ook steeds heter, want ik reed richting het heetste punt van dit continent, Sibi genaamd. Dat ligt niet ver van Quetta vandaan. In 2003 meete ik daar 55 graden. Ook nu weer moet ik daar langs, het is wel begin september maar dat maakt niks uit denk ik.
De shortcut naar Bahawalpur was ook nu nog steeds bagger en ik snap niet dat ik er steeds intrap. Dat verhaal van die ezel denk ik….Ze zijn de weg wel aan het verbeteren maar dat doen ze al sinds de eerste keer dat ik hier reed en ik heb niet het idee dat ze het deze eeuw af gaan krijgen. Gelukkig is die shortcut maar 80 km of zo, maar voor diegene die dit leest en er door moet, blijf op de 5, ga door Multan heen, ik denk dat dat een stuk beter is.

Yeah, shortcut, kamelen vlees zal je bedoelen
In Dnyapur, een klein dorpje stopte ik om 3 uur om een bakje thee te maken. Er kwamen wat mensen om mijn auto staan, maar dat is niks nieuws. Echter was er ook een lange jongen bij die steeds naar binnen wilde. Ik had hem al 3 keer gevraagd niet op de trap te gaan staan dus bij de 4e keer deed ik mijn trap omhoog. Blijkbaar schoot dat in zijn verkeerde broekspijp, want toen ik even niet keek jatte hij, ten overstaan van iedereen, een paar sleutelhangers van mijn wereld rekje (ik heb een verzameling van sleutelhangers van mensen die me dit geschonken hebben uit allerlei landen), Er was niemand die wat zei of ingreep. Dat is ook Pakistan, waar dieverij en eigendom/bezit woorden zijn die een zeer ruime betekenis hebben. Toen ik de jongeman mijn eigendom terug vroeg was het net een Marokkaan, de vermoorde onschuld in eigen persoon. Heb er verder maar geen halszaak van gemaakt, het waren maar twee of drie sleutelhangers en een plastic polsbandje, maar leuk is het niet.
Net na zessen was ik bij de PTDC in Bahawalpur en parkeerde mijn auto op het grasveld. Het veld waar ik had ik twee jaar niet gezien, er was echter niks veranderd. Er speelde een gedachte om hier een extra daggie te blijven staan. Ik had namelijk stroom, en dus een airco in de nacht, en dat was aanlokkelijk. Ik besloot de beslissing uit te stellen tot in de ochtend.
Werd gelijk ‘besprongen’ door een ober. Of ik Moslim was. Nee zeg ik , ik ben gristen. Oh wat goed, ik ook zegt ie, alsof ons dat tot bloedbroeders zou maken. Hij begon een heel verhaal af te steken over hoe Moslims anders zijn dan ‘wij’ en dat hullie anders denken dan wij. Verrek, de eerste openlijke Pakistaanse racist. Ik liet hem wat lullen, zei maar ja en amen. Kreeg het idee dat ie van alles van me wilde, maar dan kent ie me nog niet.
Morgen begint de Ramazan en ik kijk het eens aan in Bahawalpur. Met andere woorden, ik bleef een extra dag staan. Ondanks de hitte ben ik met de fiets over de markt gegaan, maar dat is dus echt niet leuk in Ramadan tijd. Ondanks dat de ‘juice’ tentjes wel open waren, kan je er niks drinken. Het kan waarschijnlijk wel, heimelijk ergens achter de hoek, maar ik moet eerlijk zeggen dat ik me dan niet lekker voel (en het juice-je me ook niet smaakt). Dus dat werd met droge bek door het oude kashba-achtige markt. Ook de lekkere kebab tentjes, de overheerlijk suikerriet kraampjes, enfin, alles wat je eten of drinken kan is er niet. Dat maakt zo’n markt nou juist leuk, en deze keer dus niet. Met Ramadan in de rest van Pakistan en in Iran is dus gewoon zoals verwacht schijt. Devies, scheuren met de geit.

Pakistaans achteruit inparkeren?
Diesel kost hier tussen de 65 en 65 roepies per liter, en met 110 roepies per euro maakt dat ongeveer 60 cent per liter. Net als India. Redelijk te doen.
Door naar Sukkur ging vrij goed. Het merendeel is 4 baans, alhoewel er een heel stuk (bijna 70 km) aan mijn kant nogal slecht en oud was, terwijl het aan de andere kant biljartlaken mooi is. Kan me herinneren dat ik dit op de heenweg ook zag en dacht….. lekker puh. Nu was ik de Puh. Had geen vast plan waar ik zou gaan stoppen voor de nacht. Er was enorm veel vrachtverkeer. Joekels van vrachtwagens met containers of andere grote dingen. Vrijwel allemaal denk ik uit de haven bij Karachi, en op weg naar Islamabad en het noorden. Wilde het liefst zo dicht mogelijk voor Jacobabad slapen, omdat die stad een hels karwei is om door te komen en als ik dat in de ochtend zou kunnen doen zou me dat een hoop tijd schelen. Reed door en vond een tankstation vlak voor Sikapur, ook zo’n puinhoop gehucht. Dit stuk weg is bijzonder druk met vrachtverkeer. Er loopt ook hier een route noord-zuid die blijkbaar veel verkeer aantrekt. Zette mijn auto bij het tankstation, zette de generator buiten en zwengelde de airco aan….zucht. Het was buiten niet te harden. Liet hem ook vrijwel de hele nacht aan. Door de herrie van de airco en de generator hoor ik het verkeer niet, de moskee niet, de mensen rond mijn auto, enfin, prima geslapen.
De volgende dag voor zonsopgang in een ruk naar Quetta. Bij Sibi, het heetste stuk land op dit continent was het maar 36 graden, dus dat viel mee. De Bolan pass, die eigenlijk geen pas is. Hij stijgt wel van 200 naar 200 meter maar je merkt daar niks van, zo langzaam. Bij Mag was een hele mooi nieuwe brug over de rivier, ik herinnerde me die van de heenweg omdat ik daar bijna over heen was gegaan, ik dacht dat het de hoofdweg was, omdat die brug zo mooi was. Nu lag de brug, kapot, gedeeltelijk op de rivier bedding. Als ik moest gokken was daar een bommetje op geplaats, zonde.

Gelukkig dit keer geen file zodat ik in de late middag bij het Bloomstar in Quetta parkeerde. Ook hier alles stil, geen gasten, geen lekkere vreet tentjes open, veel winkels dicht. Trakteerde mezelf op een kamer met TV voor 600 roepies (5 euro) maar had er al snel weer spijt van toen ik merkte dat ik , ondanks de 125 zenders (!), niks leuks kon vinden. Ja reruns van Friends, ouwe films, natuurlijk veel Arabisch, Hindi en Pakistani kanalen, maar zelf het nieuws op BBC of CNN was alsof ik naar dezelfde uitzending als van 2 jaar geleden keek.
Had de hele weg nog geen enkele escort gehad, en daar was ik heel blij mee. Had mensen gesproken die Pakistan binnen waren gekomen en die hadden door heel het land een escort gehad en baalde daar van als een stekker.
De Rikshaws in dit deel van Pakistan hebben de zitting naar achteren gericht. Dat is bewust zo gedaan, zodat de man achter het stuur, die naar voren kijkt, niet de vrouwelijke passagier kan zien, die dus naar achteren kijkt. Ach ja, ieder zijn cultuur.
Vier jaar geleden zwaaide bijna elke vrachtwagen chauffeur die je tegen kwam. Nu, zit de ene helft aan zijn mobiel en de andere bijna helt zit te kletsen met een passagier in zijn cabine. Er wordt nog wel gezwaaid, maar beduidend minder.
Je komt hier weer veel jochies met groene vlaggen tegen. Die staan dan, voor een moskee, geld in te zamelen en proberen om met groene vlaggen het verkeer te laten stoppen om zo wat financiële steun te krijgen. Helaas, men raast door…ik ook.
Het aantal tankstations is enorm, Elk dorpje heeft alle merken, van Shell, Total, PSO (Pakistaans) en nog wel wat. Kan me niet voorstellen dat dit geld oplevert. Daarom hebben ze allemaal mooie shops er bij, die, als je er binnen gaat vrijwel altijd leeg zijn.
Door naar de grens met Iran. Ik ging dat in twee rukken doen, immers had ik niet zo’n super haast. Het stuk Quetta – Dalbandin was zwaar. Men was de eerste 200 km veel weg verbeteringen aan het maken, het leek India wel. Dat betekende stof happen en afzien. Ik heb wel 50 km aan een stuk road-works gehad, dus dat wil zeggen, opgebroken weg, hopen met zand en grind op de weg etc. Het rare is, dat ik NIEMAND heb zien werken op het hele stuk. Het is de vierde keer dat ik deze weg rijd, en elke keer is’tie slechter. Het zou een Indiase weg kunnen zijn.
Met Ramadan was de weg ook een stuk saaier. Heb je normaal bij elke spoorweg overgang (en die heb je wel wat, je moet steeds hetzelfde spoor over) dat er mensen dingen staan te verkopen zoals had gekookte eieren, water, juice, etc, nu was alles leeg en stil. Alle eet dingetjes in de paar dorpjes… dicht. Super saai dus.
De tweede 200 km was hobbelig, maar consequent hobbelig. 50 km voor Dalbandin beginnen de echte zandduinen, ook op de weg. Dat is zwaar rijden. De laatste 31 km krijg je prachtweg en dat is hemels.
Het was heet in deze zandbak, ondanks dat ik vanochtend bij Quetta 18 graden op de thermometer had. Midden in de woestijn was het 38.5 graden, en ik was zo blij toen het om 4 uur naar 38,3 was gezakt….Het zicht was erg slecht omdat de wind veel zand opblies. Ondanks dat wisten de kids me te vinden. Het klinkt raar, zo midden in de woestijn, maar lokale kinderen rennen, als ze een buitenlandse auto aan zien komen (en dat zien ze al van ver), naar de weg kant toe en beginnen om pennen te bedelen door met een denkbeeldige pen op hun handpalm te schrijven. Geen idee waarom ze dat hier nu ineens doen en ik vind het ook helemaal niet leuk. Kon me goed 4 jaar geleden herinneren toen een van die gassies mij een steen tegen de auto gooide omdat ik niet wilde stoppen om hem een pen te geven. Waar ze het vandaan halen, geen idee. Waarom pennen… geen idee, elke winkel ligt er vol mee. Het is zo ingeburgerd om dat te doen dat sommige, al hangend/liggend of zittend, van verre dit gebaar maken. Lastige is dan dus wel dat je nergens kan stoppen omdat je overal gewoon lastig gevallen word door penbedelaars. En als je nee zegt, of zegt dat je niet hebt, bedelen ze gewoon door, of stappen over van pennen naar geld, snoep of wat dan ook.

Op een gegeven moment zag ik sjakie katapult staan, en bedelend om een pen met een hand, zag ik al dat ie de katapult wilde gaan pakken met de andere. Ik vol in de remmen, ging uit me raam hangen en vroeg hem wat die nou wilde. Net kwam er ook een brommer aan, en die man vroeg me wat er aan de hand was. Ik zeg, dat jong wilde gaan schieten. Begint die man uit te varen tegen dat ventje, net goed. Ik reed lekker door, denk, zo lang die vent er staat, zal die niet op me schieten. Gassen……!!
Nu we het toch over die jeugd hebben, de Pakistaanse jeugd is heel anders dan de Indiase. De joggies zijn echte macho mannetjes. Al vanaf een jaar of 10 lopen ze al hanend rond, met een trotse blik en een uitdrukking van ‘i am the king’. Zo trots als een Indiase jongen is op zijn school resultaten, zo trots is een Pakistaans joggie op zijn macho image.
In de late middag kwam ik in Dalbandin aan en parkeerde ik naast het politie buro. Dat ligt een beetje achteraf, je moet het maar weten te vinden, maar dat wist ik dus wel. Na de gebruikelijke plichtplegingen van het geven van paspoort en visa gegevens, de gebruikelijke vragen van wat doe je, wat kost je auto en waarom ben je kaal )dat laatste verzin ik er natuurlijk bij, was het koken en eten. Omdat ik niet precies weet wanneer de Ramadan tijd was afgelopen wilde ik ook niemand voor de kop stoten en at in gesloten auto. De nachtrust was redelijk en het koelde lekker af in de nacht.
Volgende dag door naar de grens. Ik had in eerste instantie in mijn hoofd om voor de grens te parkeren en de dag er na over te gaan. De weg vanaf Dalbandin is nog steeds goed. Jammer dat ze het niet onderhouden, zodat je hier en daar al stukken weg afgebrokkeld ziet. Een miljarden investering gaat zo langzaam naar de klote. Het woeide heel ernstig. Gevolg was veel zand op de weg en moeilijk te besturen auto. Ook snelheid was niet mogelijk want hele stukken zag je niks. Nog steeds erg veel diesel smokkel verkeer. Hele rijen met kleine vrachtwagentjes, vol met plastic 50 liter jerrycans met diesel en benzine, allemaal uit Iran. Dat ze dat gat nog niet dicht hebben is vreemd. Overal staan mensen jerrycans over te gieten in grote vaten of andersom, deze hele streek leeft van de smokkel.

Bij de diverse checkpoints, waar ik netjes stop, rijden de smokkelaars gewoon een stukje over de woestijn heen, en omzeilen zo het checkpoint. Maar wel zo dat men het ziet. Met andere woorden, iedereen weet wat er gebeurd.
Plots een zandduin op de weg. Zag hem nog maar net op tijd en bonkte er bijna in volle vaart in. Kon het nog net omzeilen. De volgende zandduin was echter groter en dieper, en daar zat dan ook een vrachtwagen in vast. De chauffeurs hulp stond al te scheppen maar ze blokkeerde wel de weg. En dan krijg je Indiase toestanden, ik heb wel in mijn vuistje staan lachen. Ik was al uitgestapt om te kijken of ik wat kon doen, maar de wind zwiepte gelijk mijn pet af (ik hollen) en daarna werd ik vakkundig gezandstraald. Ik keek nog of ik er langs zou kunnen, maar aan beide kanten van de weg was het zand mul en dus riskant, ik denk ik wacht wel en ging snel weer in mijn auto zitten. (later vond ik het zand tot in mijn naad, van 3 minuten buiten staan). De vrachtwagen die achter mij kwam had geen geduld. Die zag een pick-up om de vast zittende vrachtwagen heen rijden. Ik vermoed dat ie 4 weel drive had, en hij had geen lading was dus geen probleem. De vrachtwagen dacht, kan ik ook. Ik wenk nog naar hem, doe het niet, maar eigenwijs, vol gas het zand in. Ja… dummy, vol gas zakte hij er in. Het was een klein tanker truckje, met denk ik 10.000 liter benzine of diesel (of water), maar ieder geval zwaar, en die zat, met dubbel lucht banden, vast in het zand. Een uur later zat hij op precies dezelfde plek vast. Benieuwd of ie er ooit is uitgekomen.
Toen de vrachtwagen voor me zichzelf eindelijk had uitgegraven ( deze chauffeur wist hoe het moest), reed ik, met 4-wheel-drive in een keer door het hoge zand heen. Ik voelde mezelf ook wegzakken maar had gelukkig genoeg snelheid om de overkant te halen.
Ondanks deze opstoppingen was ik redelijk bijtijds bij de grens en ik besloot om het dezelfde dag nog te wagen. De Pakistaanse kant was nel gepiept, maar ik hoorde al van diverse kanten dat de Iranese kant al om 4 uur dicht ging, dus ik haastte me wat. Wisselde nog snel wat geld (dan word je afgezet, maar had geen andere keus omdat je in Iran niet kan pinnen, dus hield het beperkt tot 50 euro) en reed Iran binnen. De Immigratie was ook snel bekeken maar bij de douane aangekomen bleek het wat moeilijker. Eerste deed men heel moeilijk, liet men mijn carnet steeds liggen, en toen kwam de aap uit de mauw, de man die de stempel moest zetten was al weg…Men deed heel verontschuldigend en ik deed of ik me groot hield maar er van baalde, maar ik had al lang gerekend op een overnachting op de grenspost dus vond het niet erg.
De volgende dag om half negen was de stempel binnen. Met een militair (zonder geweer of walktie talkie) reed ik het eerste stuk Iran. De gast sprak 0 Engels dus de conversatie was beperkt. Het was sinds een lange tijd wee rechts rijden geblazen, dat was even wennen. Ook het feit dat er mega moderne vrachtwagens rijden (Scania, Volvo, Iveco, Renault, Mercedes etc, was er niet een boycot tegen Iran?) die harder rijden dan ik. Even van je weghelft af slingeren per ongeluk en je hebt een frontale botsing, iets wat fataal zou zijn. Ook heerlijk is dat je kan vertrouwen op de weg, dat er niet ineens een gat van een meter diep zit, dus je kan snelheid maken. Na een half uur, bij een militaire checkpost (die zijn er hier veel) moest ik een uur wachten. Waarschijnlijk, dacht ik achteraf, omdat men een escorte moest regelen. Na een uur kwam een andere soldaat tevoorschijn en moest ie mee rijden naar Dalbandin, midden in het centrum. Daar weer een militair kamp, en na 5 minuten wachten werd mijn paspoort aan een politie auto gegeven, die moest ik volgen. Dat duurde 4 minuten, toen stopte ie aan de kant van de weg om een reserveband op te halen en werd mijn paspoort aan een andere politie auto door gegeven. Enfin, in de stad Dalbandin ging dat 4 keer zo (!!) en het duurde nog tot 12 uur voor ik de stad uit reed. Ik had al gezegd dat ik diesel nodig had (ik had nog wel maar wilde wel graag wat tanken) en de politie loodste me tegen het verkeer in langs een lange rij met vrachtwagens naar een benzine station waar ik 100 liter kreeg. Daarna was het in sneltrein vaart door naar Bam, zonder stoppen, eten of drinken. Het was 300 km of zo. De escortes wisselde mekaar af maar gebaarde steeds dat ik maar vast door moest rijden, tijd voor wat rusten was er blijkbaar niet. In Bam aangekomen was ik moe (en blij) en ik reed het Azadi Hotel binnen. Een geheel lege parking, geen hond te zien, ook niet in het Hotel. Behalve de pinguïn achter de balie, en die verzekerde me (na een telefoontje met de manager) dat parkeren alleen nog maar mocht als ik een kamer nam, en die waren 50 euro. Bedankte (met een zuur gezicht, en mompelde nog iets over de bekende Iranese gastvrijheid).
Stap in mijn auto om weg te rijden, en ja hoor, daar stonden ineens 4 agentjes/soldaatjes (het is een soort mix geloof ik) met grote geweren. Waar ik dan wel naar toe hing. Dus ik leg uit, mag niet, waarop ook zij de pinguïn lastig gingen vallen maar na heel veel bla bla mocht het nog steeds niet. Dus ik reed weg maar een ventje (met geweer) sprong voor mijn auto. Nee, je mag niet gaan, wij brengen je ergens anders naar toe. Pfff, ik was al zo moe en ik wilde gewoon mijn auto ergens onder een boom knallen, maar het mocht niet zo zijn. Na heel lang heen en weer geluld te hebben door de portofoon, er kwamen nog 3 andere agentjes bij, werd ik gesommeerd een agentje op een brommer te volgen. Die reed naar het Akhbar geusthouse midden in de stad. Ik was voor deze man al gewaarschuwd. Hij staat groot vermeld in de lonley planet, een heel verhaal over zijn ervaringen tijdens en na de aardbeving. En daar plukt hij dus nu de vruchten van. En niet op een prettige manier. Had al van diverse mensen gehoord dat ie je het geld uit de portemonnee trekt, want oh hij is zo zielig. Hij misbruikt de hele gebeurtenis en op een onsmakelijke manier. Zo was mij verteld. En inderdaad. Ik vroeg of ik bij hem kon parkeren. Hij zij ja hoor, maar ik heb alleen maar de parkeerplaats aan de kant van de weg… en … het gaat je wel kosten zegt ie met een vette knipoog. Dan weet ik eigenlijk wel genoeg, maar ik vraag hem.. wat zijn die kosten dan… Zoveel je kan betalen zegt ie. Ik zeg… ik wil nu een prijs afspreken, voor ik iets doe. Ok zegt ie, 10 dollar. Ik weer… ik wil alleen parkeren, niet je hele huisraad kopen. Ok zegt ie, doe dan maar 80.000 rials (ook 10 dollar). Ik heb de goede man een hand gegeven en gezegd dat ik wel in de woestijn ga parkeren.
De agentjes, die dit allemaal gevolgd hadden, werden helemaal zenuwachtig, maar ik reed weg. Ze volgende me helemaal tot aan de stads grens (er kwam zelfs nog een andere auto bij), en toen ik de stad uit reed wilde ik maar een ding… eten en slapen. Na 10 km vond ik een goed plekkie, parkeerde mijn auto, 1 km van de weg af, en zette rijst op. Die kookte net……. Ja hoor, een politie auto met 3 geweren. Hoe ze me gevonden hadden, geen idee, werd ik misschien gevolgd? De hoogste bons was helemaal overstuur. Hij sprak geen woord Engels maar volgens zijn gebaren (iemand die je oor eraf snijd) was het hier super gevaarlijk en zou ik hier vannacht zeker niet een oor aangenaaid worden maar het tegenovergestelde. Ik weigerde echter om verder te rijden, hij bleef me gebieden om naar Kerman te rijden (175 km verder). Na heel lang tegen elkaar lullen (en mekaar niet begrijpen) meende ik dat een van de geweertjes me vertelde dat er drie km verderop een betere plek was, dus onder luid protest alles weer in/vast gezet en hun gevolgd tot er inderdaad een politie buro was waar ik naast mocht staan. Het was ook een prima plek en heerlijk geslapen, maar wat een gedoe zeg.
Er is een keer, twee jaar geleden, een Japanse toerist ontvoerd en men is sindsdien zo paranoïde. Alle toeristen worden als baby’s behandeld. Ik vind het best dat ze het beste met je voor hebben, maar dit gaat wat te ver.
De volgende dag door naar Yazd gereden. Dat was een saaie rit, zand en zand. De hoogvalkte steeg wel naar 2200 meter dus de hitte viel mee. Vlak voor Yazd geslapen in de woestijn. Lekker rustig, geen moskee’s die blèren en zo. De volgend ochtend de laatste 30 km naar Yazd gedaan, dat was lekker rustig rijden. Reed met wat pijn en moeite de parkeerplaats van Silk Route Hotel op, want men was er van alles aan het afzetten en bouwen. Maar dan Iranese stijl. Met andere woorden, er lag een hoop puin en dat was het. Toch een lekker plekje gevonden en wat gaan rusten en kletsen met andere overlanders/toeristen. Zo’n Ramadan is toch niet echt best voor de mens volgens mij. Dat je eens vast, ach, dat kan nooit slecht zijn. Maar nu is het ten eerste twee keer per dag proppen en de rest van de dag niks. Kan niet goed zijn. Ook zijn er mensen die op veld werken en zich kapot zweten, die mogen niks drinken. Of als je boven op een bus staat, in de 45 graden, reken maar dat je wat vocht verliest. Maar je mag niks drinken. Verder ligt gewoon de halve economie stil in die tijd. Heel veel winkels die dicht zijn, en over dichte eten gelegenheden heb ik al verteld. Je ziet weinig mensen op straat, iedereen zit binnen, nee die Ramadan, niks voor mij.
Op 11 september gaan rijden. Wilde die dag veel kilometers maken, en dat is ook gelukt (700). Bij een tankstation wat truckers tegen gekomen die ook mijn kant uit moesten, ze wisten de kortste weg. Heb ze een tijd lang kunnen volgen maar na de lunchpauze peerde ze er vandoor. Ik reed zeker te langzaam voor ze. Omdat ik die nieuwe weg niet kon vinden en in dit deel alles alleen maar in Farsi staat aangegeven de zelfde weg gepakt als de heenweg. Dat ging goed tot ik de weg naar Hamadebad in wilde slaan. Politie (die niet aardig was) stopte me en vertelde dat de weg was opgebroken. Moest een alternatieve route vinden, en dat lukt met wat moeite. Bij diverse tank stations gestopt maar overal werd me verteld dat de diesel op is.
Na een heerlijke nacht in de woestijn (14 graden in de ochtend, jippie), door naar het noorden. Ik vond al snel de snelweg, maar diesel bleef een probleem. 4 tankstations hadden lange rijen met auto’s maar geen diesel. Ik gokte er maar op dat ze op de snelweg wat hadden. Bij een van de eerste stations stopte ik. Ik vond er geen diesel maar wel Nelly en Marcel. Die waren met hun VW bus ook op de weg naar Turkije en stonden bijna droog. Ze hadden een rotte ervaring gehad in Esfahan (hun trouwe hond werd gestolen) en hadden het gehad met Iran. Kon me er wel wat bij voorstellen na al hun verhalen gehoord te hebben, maar dat moeten jullie op hun eigen site maar lezen (www.bourgdemat.com). We spraken af el kaar ieder geval in Dogabuyazit te treffen, waar ook Jos en Ellen zouden staan, ik had er wel zin in. Ik reed door naar het volgende tank station terwijl ze bleven wachten. Daar aangekomen (100 km verderop) hadden ze wel diesel maar viel de stroom net uit zodat de pompen het niet deden.
Parkeerde mezelf via de uitgang als eerste voor de pomp(een halve kilometer vrachtwagens omzeilend). Nelly en Marcel kwamen nog even zeggen dat ze ook een volle tank hadden en die gingen Turkije proberen te halen. Ik moest nog een half uur wachten, de stroom kwam terug, mijn tank was vol, mijn geld was op (en de pomp bediende rijk want die rekende me veel te veel). Verder door naar het noorden hield normaal gesproken de snelweg op. 200 Km voor Tabriz was dat het ook zo dat er een afslag Tabriz stond. Waar de snelweg, die nu wel door liep naar toe ging, dat stond niet op het bord. Ik durfde niet te gokken dat deze snelweg mijn kant uit ging. Ik weet hoe weinig afslagen een snelweg in Iran heeft, en als ie verkeerd gaat kan je wel eens zo 100 Km de verkeerde kant op rijden zonder er af te kunnen. Gokte maar op de lokale wegen, die vorige keren ook goed waren. Dat waren ze nu in principe ook. Later hoorde ik van Marcel dat die snelweg nog 200 km door ging mijn kant op (grrrr).
Haalde de grens niet en vond een lekker plekje in een grind veld, weg van het verkeer. Ik stond net te koken of….ja hoor, daar kwam een auto-tje aan met twee lokalen. Het was hier veel te gevaarlijk zeiden ze, of ik aub met hun mee wilde gaan, 10 km verderop was een politiebureau en daar was het veel veiliger. Na wat soebatten heb ik dat maar gedaan. Alles weer vastgezet en mijn half af gekookte eten in de wasbak gezet. 10 Km verder was er inderdaad een groot politie bureau, maar geen parkeerplek. Het was ondertussen bijna donker. Wuifde mijn ‘redders’ bedankt en tot ziens toe, en reed maar een stuk door. Kon , ook al vanwege de duisternis, geen goede plek meer vinden om me auto neer te zetten en zette hem, uit ellende , maar 30 km verderop in een dorp. Slecht geslapen, dat snap je, met al dat voorbijrazende verkeer.
Haalde de volgende dag al vroeg de Turkse grens, en , na het vertonen van mijn niet helemaal eerlijke groene kaart, reed ik om 11 uur de camping in Dogabuyazit op. Mijn Aziatische avontuur was over…..
Ik moet even terugblikken op Iran. Dit was de vierde keer dat ik door Iran heen reed en ook de minst leuke. Voor een groot deel is dat te wijden aan de Ramadan, maar zeker niet helemaal. Ik heb een aantal onprettige ervaringen gehad in Iran deze keer, en een flink aantal onprettige verhalen gehoord.
Het begint met het gebrek aan Diesel. Hierdoor ben je steeds heel onzeker aan het rijden . Kan ik ergens diesel krijgen, sta ik dadelijk droog? Als ik kan krijgen, krijg ik dan genoeg? Dat maakt dat je continu op zoek bent naar diesel. Bij elk station stoppen en vragen, smeken en bidden. De soms onprettige antwoorden maken het nog minder leuk. Dan de hele gespannen situatie ten zuiden van Bam, de escorts die je krijgt, de militairen die in je auto zitten. Niet leuk.
De weigering van mijn vast stekkie om me toe te laten, de belachelijke 10 dollar parkeergeld van Akhbar, minder leuk. De politie die me steeds in de gaten hield, de vrachtwagen chauffeurs die me verzochten te volgen om er dan als een speer vandoor te gaan, de afgesloten weg met onvriendelijke politie, allemaal dingen die ik niet gewend was van Iran.
Wat dacht je van de volgende (on)gevallen van toeristen die ik ontmoete. Zij was een diplomaat voor Argentinië, hij voor Engeland. Samen met nog een andere diplomaat bezochten ze Esfahan in een auto met CD platen. Toen ze eens thee gingen drinken werden ze door politie meegenomen. De uitleg was dat ze hun auto onbeheerd hadden geparkeerd waardoor terroristen de CD platen van de auto zouden kunnen stelen en kunnen misbruiken voor een bom-auto. 3 dagen werden ze min of meer vastgehouden in Esfahan, steeds onder het mom van ‘jullie zijn onze gast, wij willen waken over jullie veiligheid’ Hun paspoort was in beslag genomen en dan kan je dus niet weg. Heel vaag allemaal.
Nog erger het verhaal van Marcel en Ellen. Die reizen met auto en hond door Iran en stonden bij het monument van Khomeini te wachten op hun Pakistaanse visa. Daar vroeg een man of die met hun hond mocht lopen. De man, en de hond, kwamen nooit meer terug. 15 jaar hadden ze het beest al, het is toch Allah-geklaagd.(dit is de verkorte versie van het verhaal Marcel). Nog vreemdere dingen maakte ze mee op zoek naar hun hond. Een advertentie werd geweigerd, het zou een slecht beeld over Iran geven. Een vrouw stopte geld in het shirtje van Nelly met de opmerking, ‘in Godsnaam ga terug naar huis, wat doen jullie hier’. Dingen zoals ‘jullie zijn ingehuurd door Amerika en proberen Iran in een kwaad daglicht te zetten’ en het bezoek aan clandestiene dieren markten maakte het hele verhaal luguber. Dit alles wil niet zeggen dat Iran zeer onprettig is om in te reizen maar de alom geroemde Iranese gastvrijheid is duidelijk aan het inboeten en met Ramadan kan je Iran beter niet bezoeken. Misschien kwam het wel omdat ik midden in Iran, ineens uit mijn Ipod het nummer Israël (Mozes Theme) van Ennio Morricone hoorde galmen en ik luidkeels mee zong (en het nummer 3 keer heb herhaald). Vage was dat het nummer daarna Jodelie van de Party Animals was, dus ik weer luidkeels Joden-hier gezongen, met het raampje open. Dat moeten ze gehoord hebben.
Overigens, als laatste opmerking over Iran iets over Farsi, de taal hier. Merkte op dat er veel Hindi in Farsi zit, of andersom. Soms met wat verbastering maar toch. Bis is twintig, Panch is vijf, doest is vriend (dost in Hindi). Toch interessant, want Urdu (Pakistaans) en Hindi lijken ook weer erg op elkaar, dat gaat dus in Farsi ook zo.
