In mei 2007 reed ik weer terug naar Nepal, in de hoop vanaf hier China in te rijden. Dat ging wel, toen niet, toen wel en toen misschien. Uiteindelijk dus niet en moest ik een paar duizen kilometer omrijden via de Karakoram Highway. Dit verhaal heeft 5.334 woorden, 28 minuten leestijd
Ik was blij weer in Nepal te zijn en als de grensovergang zo snel was gegaan, moest het natuurlijk ergens anders fout gaan. Dit was al na 3 km over de oost-west verbinding. Een rij met grote stenen op de weg en een meute mensen er bij. Er was een kant nog een klein gaatje. Ondanks dat de meute me vroegen te stoppen, reed ik langzaam door het gaatje. Gelijk begonnen er mensen op mijn auto te trommelen. Ik weet hoe licht ontvlambaar de mensen zijn, dus stopte de auto en begon domme toerist te spelen. Er sprak niemand Engels, ze spraken in Hindi en Nepali tegen me, en ik verstond donders goed wat ze zeiden: er is een staking aan de gang, je mag er niet door, al het verkeer licht plat. Maar domme Hollander, ikke niet snappe, en na 5 minuten zo gestaan te hebben, ik mijn schouders ophalen en zeggen ‘only English please’ gaven ze het op en mocht ik door rijden. Ik had dus door dat het wel eens een moeilijk rit zou kunnen gaan worden, en een vol risico’s, want het breken van een staking, zoals ik deed, kan wel eens de vlam in de pan doen slaan. En ik had al eerder auto’s op de kant zien liggen. Verhalen in de kranten spraken boekdelen. Chauffeur in mekaar gerost omdat ie de blokkade probeerde te omzeilen… enz.

Daar sta je dan
Ik reed vervolgens voorzichtig verder, er was inderdaad niks aan verkeer op de weg behalve fietsers en brommers. Dit ging 20 km goed zo, ik begon net wat geruster te worden. Helaas, weer een rij met stenen op de weg, nu strategisch voor een brug geplaatst zodat je er ook niet omheen kon. Auto stoppen, uitstappen en proberen te praten, nu was er iemand die wel wat Engels sprak. Van hem hoorde ik dat er in het hele westen van het land een staking voor onbepaalde tijd was afgekondigd (dat kon dus weken duren), er mocht niemand door. Ik probeerde met hem te praten over dat dit niet de manier was, dat ik een toerist was en niet een deel van het probleem, dat ik juist probeerde mensen inkomen te geven enz enz. Je weet hoe het dan gaat, er komen steeds meer mensen bij staan (ik was de enige auto bij de blokkade, ander verkeer was er niet) en na een half uurtje begonnen er stemmen op te gaan van ‘laat die toerist gaan’. Inderdaad, na 45 minuten werden er wat stenen opzij geschoven mocht ik door. Bij de volgende blokkade, 10 km verder mocht ik vrij snel door na even gepraat te hebben en een handje geschud. Hierna ging het bijna 100 km goed, tot 30 km voor mijn eindbestemming, in een klein plaatsje. Hier een dubbele blokkade op een groot kruispunt. Dit keer geen stenen maar zittende huisvrouwen en spandoeken. Het zag er hier serieuzer uit, veel stilstaand verkeer, vrachtwagens en bussen, iedereen gelaten wachtend.

De weg werd weer eens geblokkeerd
Ik had snel door dat er een soort staking leider was, en na een poosje ging ik met die man praten, hetzelfde verhaal ophangend. Hij beloofde me dat als ik een of twee uurtjes zou wachten, hij zou zorgen dat ik er door kon. Ik beruste in mijn lot, zo erg was het ook niet, en keek rond of ik wat kon eten. Zo zat ik een tros bananen weg te werken op een muurtje. Een banaan is hier overigens een jungle banaan, aan een banaan heb je een hele kluif. Geen kleffe stengel maar een echte vrucht waar je op moet kauwen. Heerlijk. Maar goed, ik werd plots benaderd door lokaal, die de ogen van een zuiplap had, en me gebood mee te komen, Ik werd aan het handje meegenomen naar een eet tentje, kreeg een cola en de man fluisterde dat ie mij zou helpen. Ik vond het allemaal best, alhoewel hij naar alcohol stonk (het was 12 uur middag). Ik moest mijn auto omkeren, hij sprong er bij in, en een stukje terug rijden gebood hij me de tuin van een huis in te rijden. Ahem, ik begon het niet te vertrouwen tot ik plots van achter het huis een vrachtwagen aan zag komen die van de andere kant dus ook door de tuin aan het rijden was. De auto was iets groter dan die van mij, en als hij er door kon, kon ik het ook. Met heel veel steken, heel veel passen en meten en voorzichtig onder lage bomen door, via een houten bruggetje wat angstvallig kraakte, reed ik in een cirkel om de blokkade heen, door achtertuinen, over loop paden en tussen huizen en winkeltjes door waar ogenschijnlijk geen auto door past. Uiteindelijk gelukt en een kwartier later stond ik op de straat aan de andere (lees goede) kant van de blokkade. Mijn alcoholische passagier zag plots twee vrienden, de deur werd open gedaan en hup, we zaten we met z’n 4’en voor in mijn auto. Daar was ik niet zo blij mee, maar ik kon niks zeggen de man had me geholpen. Hij wilde mee rijden (allemaal) naar Chisapani, een dorp 10 km verder. Ok, dat moet nog lukken, ik reed die kant op, ondertussen goed mijn ogen op mijn spullen houdend. In Chisapani aangekomen moest de auto worden geparkeerd, werd er een ‘restaurantje’ binnen gegaan, eigendom van de oom en tante van mijn drinkenbroeder. Het duurde niet lang of de eerste fles bier stond op tafel. Ik voelde wel aankomen dat ik er voor moest betalen. Ik verzond een manier om er weg te komen, want men begon al over eten te praten en behalve dat ik nog vrijwel geen Nepalees geld had, had ik geen zin om een feestje te betalen voor een stelletje drinken broeders. Ik vertelde hem dat ik een fles rum in mijn auto had en hij die mocht hebben als dank voor zijn hulp. Ik had idd die rum, al vanaf Nederland, dus je kon nagaan hoe vaak ik drink. Haalde die fles uit de auto, de gast glom van genot en toen hij naar de wc ging peerde ik hem , wel nog even snel de rekening betalende (dat leek me wel eerlijk), van ongeveer 1 euro.
Verder de laatste 20 km geen blokkades meer tegengekomen en zonder problemen arriveerde ik in het Bardia National park, waar ik op mijn oude plek parkeerde, in de rivier ben gaan zwemmen, een koude douche genomen heb, een koud biertje heb gedronken en na een gigantische regenbui heerlijk koel ben gaan slapen.
Het is hier in Nepal ook wel warm hoor, maar wel minder dan in India. Het haalt hier de 33-35 graden, maar het is wel vochtiger dan in India omdat ik midden in de jungle zit. Een jungle overigens waar uiteraard regelmatig mensen omkomen door jungle ongelukken. Zo gaan er gemiddeld 12 mensen per jaar dood door tijger aanvallen, ongeveer 20 door olifanten. Zoals de boer hier iets verderop die in de ochtend op zijn bijna te oogsten stukje land kwam, en daar een joekel van een wilde olifant zich tegoed zag doen aan zijn suikerriet. Tja, wat doe je dan als boer, je probeert die olifant weg te jagen, het is immers je brood en je leven wat die olifant staat de verorberen. Helaas voor de boer had die olifant honger en vond ie dat suikerriet wel lekker, dus besloot die olifant even boven op die boer te gaan staan. Gevolg, boer plat en dood, olifant een volle buik. Dit was vorig jaar, hier een paar kilometer verderop. Of de winkeleigenaar van het hutje hier om de hoek, die in de avond naar huis liep en plots oog in oog met een joekel van een tijger stond. Hij bracht het er beter af dan de boer, het winkeltje bestaat nog steeds, maar de man neemt nu elke avond een grote stok mee. Haha, alsof die tijger daar bang voor is. Zo een tijger is geen kleintje maar echt super groot, had ik niet verwacht. Een blik, een keer met zijn pootje slaan, en je bent er geweest.
Twee dagen later verder getrokken richting Budwal. De weg bleef dansend. Van Bollo en Pauline, een heel apart Duits-Frans gelegenheids koppel die op de motorfiets uit China kwamen hoorde ik dat er een brug onderweg kapot was. Die scheen door de Maoïsten te zijn opgeblazen tijdens een of ander protest. En inderdaad, op een gegeven moment file. Er scheen een vrachtauto vast te zitten op de geïmproviseerde weg. Met de verrekijker kon ik het goed zien, een grote truck had de bocht te kort genomen en was met de achterwielen het ravijn ingezakt. Ze waren bezig om het te ontladen, in de hoop hem weer vlot te krijgen. Dat lukte na twee uur, en weer een uur verder was ie boven en kon ik de geïmproviseerde weg, door een rivier (!) nemen, om de brug te omzeilen. Het was heel apart, en koste allemaal veel tijd waardoor ik Budwal op 60km na niet haalde. Op een cricket plaats van een dorpje gaan staan voor de nacht (tot grote verbazing natuurlijk).
Pokhara was hierna nog maar een peulenschilletje en aangekomen bij de campingplaats aan het meer stond het er vol met Europese auto’s. Het leek Agonda beach wel.

Ik zocht maar zo goed en kwaad als het ging een plaatsje tussen de mensen. Het was erg druk met lokalen op het veld. Later hoorde ik waarom. Want dit is Nepal. Wat was er aan de hand, de Maoïsten vonden dat het schoolgeld te duur was en dat er teveel privé scholen waren. Die hadden nu als ultimatum bevolen dat alle scholen die open waren, een bom op het terrein zouden ontvangen. Met andere woorden, alle scholen waren onder dreiging gesloten, waardoor alle kinderen al een week vrij hebben en zich stierlijk liepen te vervelen. Die kwamen dus allemaal op het veld cricketten, voetballen, hangen, toeristen kijken etc.
Er staan hier ondertussen drie MAN vrachtwagens , waarvan er een al tien jaar onderweg is en een ander (Fransman met kinderen) al twee jaar. Dar ben ik dus nog maar spielerei bij. Van hun een aantal handige dingen geleerd en gehoord welke technische problemen ze gehad hebben, hierdoor kan ik dus al preventief onderdelen mee nemen.
Zoals gezegd is hier de regentijd aan gebroken. Vooralsnog houd dat in dat het overdag prachtig warm weer is (wel wat vochtig), maar om een uur of 4 in de middag er een noodweer losbarst dat varieert van gewoon regen tot stormen, bliksem, windstoten en watergordijnen. Dan moet je dus zorgen dat je alles dicht hebt, anders wordt je auto een viskom. Resultaat is wel dat het heerlijk afkoelt, maar wel met een 100% vochtigheids graad. Toch is er lekker te slapen.

Aan het meer, met prachtige luchten
Gisteren stond ik op het imperiaal van de MAN vrachtwagen van de Fransman wat over technische dingen te lullen. Toen ik er af wilde klimmen zij de ene helft van mijn hersens dat ik moest springen, (het was een meter hoog), de ander zei dat ik via het rek naar benee moest klimmen. Gevolg was dat ik recht achteruit donderde, een meter naar beneden. Nou is dat niet zo veel maar je kan lelijk terecht komen. Ik lande op mijn achterwerk, (wie weet schoot mijn hernia weer naar binnen), en brak mijn val met mijn linker hand. Toen ik een beetje beduusd opstond voelde die niet goed aan en in eerste instantie vermoede ik dat ik mijn pols gebroken had. Na wat tijd werd mijn pols er echter niet dikker op, de pijn zakte ook wat weg. beweging was moeilijk, dus ik vermoede gewoon een kneuzing. Mijn achterwerk deed ook wel zeer, maar dat was de volgende dag wel over. Ik loop nu met een verbandje om mijn pols, kan met de linkerhand nog geen kracht zetten, dus alles is wat moeilijk te doen, Maar ach, we redden het wel.

Op 25 mei kwam er ineens een email van de agent uit China dat de chinese overheid in al haar wijsheid had besloten dat ik een borg moest storten voor mijn doorreis van 25 dagen, en wel een borg van $20.000. Die borg moest ik dan waarschijnlijk cash betalen bij binnenkomst in Zangmoe en die ook weer bij diezelfde douane zien terug te krijgen bij mijn uitreis 5000 km verder. Je snapt dat ik terug gemailed heb dat is daar niet toe bereid was/ben en als het op deze manier moest ik wel wat anders zou gaan verzinnen. Gadverdamme wat een problemen allemaal met die chinese overheid, ik word er langzamerhand wel erg ziek van. Heb zo’n idee dat dit verhaal nog wel een staartje krijgt.

Zij kwam elke dag een praatje maken
Als alles goed gaat vlieg ik 22 juni via Delhi naar Amsterdam, voor een dikke drie weken Nederland, het kan dus zo maar zijn dat ik tegen je aan loop binnenkort…..
Gek werd ik van die Chinese overheid. Dat ze moeilijk doen over het rijden in Tibet dat was bekend (alhoewel ik niet weet waarom), maar dat ze elke keer de spelregels veranderen, dat wist ik niet.
Ik sta weer in Pokhara, en dat is wel relaxed en om nou te zeggen dat er veel uit mijn handen komt…niet echt dus. Maar, regenen kan het hier wel.
Even kort herhalen. Ik had mijn China doorreis dus eigenlijk al in Nederland geregeld, via het Utrechtse Dim-Sum, dat toch een redelijke kenner op dat gebied is. Ik was van plan om Via Pakistan China binnen te vallen. In Pakistan ligt de Karakoram Highway, de twee na hoogste berijdbare weg van de wereld geloof ik. Echter toen ik in Nepal was dacht ik, kan toch beter via deze kant China in, is een stuk korter, via Tibet, sneller en dus goedkoper. De Chinese overheid verplicht elke bestuurder om
1) een gids mee te nemen 24 uur per dag.
2) deze gids in alles te voorzien, dus vervoer, eten en een slaap plaats.
3) Chinees rijbewijs aan te schaffen.
4) Chinese kenteken platen aan te schaffen.
5) een hele bubs aan vergunningen en papieren rotzooi te regelen, uiteraard voor veel geld.
6)Dit allemaal drie maanden van te voren aan te vragen.
Je snapt dus dat ik via Nepal wel een goede optie vond, maar na lange tijd soebatten en heen en weer mailen bleek dit via Dim-Sum niet mogelijk. Eerst wel, toen niet, toen misschien en uiteindelijk dus toch niet. Daar stond ik dan in Nepal. Met me schone ondergoed en mijn goede bedoelingen.
Gelukkig kwam ik een andere reiziger tegen die me een goed Chinese reisorganisatie aanbeval die het allemaal kon regelen voor me. Dit gaat dan allemaal via email. Na heel veel mail heen en weer de deal gesloten, de organisatie zou alles voor me regelen. Ik ging met een gerust hard weer terug naar India, Kashmir opzoeken.
Nu, twee maanden later, sta ik weer voor de poorten van China zowat, en krijg dus te horen dat een nieuwe regel per 1 mei is ingegaan, waardoor ik een borg van 20.000 USD moet betalen. Het vage is, dat ik dat aan de grens even contant moet voldoen, en als ik het land verlaat, het weer aan dezelfde grens moet ophalen. Het feit dat men via een andere grenspost het land kan verlaten is nog niet bij de autoriteiten doorgedrongen. Tja, daar sta ik dan weer, dit keer in mijn vieze ondergoed want ik heb door de situatie flink de broek vol gescheten. Je snapt dat ik geenszins van plan ben ook maar een dollar aan borg te betalen, dus moest ik weer nieuwe plannen smeden.

Daar zit ik dan, achter het bloementjes gordijn met me nieuwe oorbellen
Na wederom veel mails en veel opties, bleek er maar een haalbaar, en dat is toch via de Karakoram Highway China in te gaan en dan helemaal om Tibet heen rijden, via Xian naar het zuiden en Laos binnen te vallen. De slechte kant van dit verhaal is dat ik hierdoor een paar duizend kilometer om moet rijden en dat ik wel eens in het regen seizoen terecht kan komen. Ik moet weer door India (bah), door Pakistan (nu onrustig daar) en dan de Karakoram highway op (de twee na hoogste weg ter wereld), dat is dan weer niet zo erg. Elke slechte kant heeft ook een goede. 40 dagen door China heen is natuurlijk wel spannend, ik ga nu de oude ‘silk route’ rijden, de route die de oude karavanen vroeger volgde. Het zullen twee harde maanden worden, want het zijn veel kilometers in weinig tijd. Maar goed dat ik een dikke drie weken naar Nederland ga om door mijn moeder verwend te worden haha .
Hier in Pokhara komt nog steeds weinig uit mijn handen. Het regen seizoen is nu definitief aangebroken. Dat betekend elke dag regen, soms een hele dag achtereen. Het komt dan met bakken naar benee, soms vergezeld van hevig omweer of/en windstoten. Het kan erg spoken hier. Gelukkig is alles waterdicht momenteel dus ik vind het allemaal niet zo heel erg. Daarbij zijn de uitzichten over het meer elke dag anders en een lust om naar te kijken.
Toch staat mijn auto soms in 20 cm diep water en is het naar buiten gaan voor een boodschap een hachelijke onderneming. Ook is alles vochtig, zelfs je beddengoed wilt niet droog worden overdag.

Op het veld staan verder nog twee Zwitsers en een Duitser, heb er niet zo heel veel contact mee. Af en toe een praatje en wat info uitwisselen. Verdoe mijn tijd met internetten, filmpje kijken, (een DVD met nieuwe of oude film kost hier 50 cent), af en toe wat aan mijn auto poetsen, nu en dan eens zwemmen in het meer, een potje risk met wat lokalen, op de bromfiets wat heen en weer karren, tja, weinig nuttigs dus. Heb wel mijn visa kunnen verlengen en wat voorbereidingen getroffen voor als ik wat spul van Nederland via DHL naar Nepal moet sturen (vermoed dat ik anders teveel overgewicht zal hebben). Heb ook een parkeerplek voor mijn auto geregeld als ik naar Nederland ga. Een Hotel wil hem wel in de tuin zetten voor 50 roepies per dag (50 cent) dus dat is nog te overzien.
Nepal is Nepal als er niet om de haverklap gestaakt wordt. Eergisteren reed ik naar de stad op mijn scootertje toen ik ineens een meute mensen aan zag komen met spandoeken en vlaggen. Zag ook alle winkeliers snel hun rolluiken naar beneden doen. Dat is dan dus omkeren en maar weer terug rijden, iets anders zit er niet op.
Ook vandaag, 1 juni was het weer eens raak. Een of ander politiek vraagstuk en hoppa, het hele land ligt plat. Geen verkeer, meeste winkels dicht, je moet je dan maar aanpassen. Lijkt me ellende voor de middenstander. Zo hoorde ik de man van het internet café klagen. Vaak hebben we geen stroom, als we die wel hebben is de verbinding vaak niet goed, en als we die ook hebben dan is er wel een of andere staking. GEK word ik er van zegt ie. Ik kan het me helemaal voorstellen.
Maar ja, een meer, dat nodigt uit om te zwemmen, zeker als eens de zon schijnt en het erg warm (broeierig) kan zijn. Ik zwem dan ook af en toe in het meer. Het water is op zich niet eens zo vies als je de juiste plekjes weet. Ik kan redelijk zwemmen maar heb het idee dat het water erg zwaar is. Als je in de de zee zwemt heb je, door het zout gehalte, meer opwaartse druk en is het zwemmen makkelijk. Hier zit blijkbaar weinig tot geen zout in het water en zink je dus snel. Helaas is dat bij lokalen ook zo. Ondanks dat het lijkt alsof iedereen hier best goed kan zwemmen verzuipen er veel mensen per jaar in het meer. Ik sta hier nu 3 weken en heb twee verzuipingen meegemaakt. Eentje van een bouwvakker die voor de lol eens tijdens zijn middag pauze de kajak van zijn baas (een Amerikaan) het meer mee op nam. Hij vergat te vermelden dat ie niet kon zwemmen en eenmaal in diep water kapseisde zijn kajak en verzoop ie. Hij werd pas 3 dagen later gevonden. Er zijn hier geen duikers die het lichaam gaan zoeken, men moet wachten tot het boven komt drijven. De Amerikaan, waar ik wel een paar keer mee heb staan praten, was in alle staten natuurlijk, is niet zo leuk als dat gebeurt. Men verklaarde ook dood leuk dat het lichaam bijna om 12 uur verdronk. Om 12 uur zijn de geesten het actiefst, dus het was wel duidelijk wat er gebeurt was volgens de familie. Een geest had hem uit die kajak getrokken. Echt hoor, men gelooft dit heilig.
Vannacht gingen er een troepje jongens om een uur of 12 nog even zwemmen. Dit ongeveer 100 meter van mijn auto vandaan, op een plek waar ik ook diverse malen heb gezwommen. Echter, toen iedereen weg wilde gaan lag er nog één stapeltje kleren. Die jongen (van wie bekende me vertelde dat het een slechte jongen was want hij rookte en dronk alcohol) kwam ook ‘s nachts niet thuis. Tja, dat doet je denken natuurlijk. Nu, 9 uur in de ochtend, staat zijn familie, aangevuld door nieuwsgierigen (nu dus een man/vrouw of 50) over het water te staren, in de hoop een glimp op te vangen van hun naaste. Het leven gaat verder gewoon door, de water buffels liggen lui in het water waar waarschijnlijk de jongen ook in ligt, maar ik heb het idee dat de buffels er meer plezier van hebben. Geen hond die het water op gaat om te zoeken, dat is vragen om problemen. Zeker tijdens de geesten uren (12 uur middag en nacht).
Na verloop van tijd gaat er toch wat moedige mensen met een bootje het water op. Niet twee in een bootje, nee, de halve familie gaat mee om te zoeken en ja hoor, na 5 minuten al vinden ze het lichaam, niet eens 10 meter uit de kant en nog steeds in erg ondiep water. Ze halen het lichaam er niet uit, nee, ze varen terug en later hoorde ik dat ze het lichaam niet aan durven raken.

Weer een uurtje verder (er staan inmiddels wel 100 man aan de kant en het is een komen en gaan van de hele buurt) halen ze, met een stok, het lichaam richting kant, waar het nog minimaal 20 minuten aan de kant drijft alvorens ze het uit het water halen. Schande voor de familie, het lichaam is naakt, toch komen jan en allemaal naar de dooie kijken, inclusief kinderen en oudjes. Heel langzaam, zo rond 12 uur wordt het lichaam met een tractor weg vervoerd en druipen de mensen af. Men verteld dat het slachtoffer gezopen had, maar er gaan de wildste verhalen de ronde want hij verdronk in ondiep water.
Zowiezo hebben ze hier af en toe rare geloven hoor. Zo zag ik een bekende van de week met zijn hoofd naar beneden over het veld lopen hier. Normaal een vrolijke vent, dus ik vroeg hem wat er aan de hand was. Wat bleek, hij was vanochtend wakker geworden en toen scheen er een reepje zon door een spleet in de planken op zijn gezicht. En dat was enorm erg, zijn hele dag was verpest, hij zou vandaag heel veel ‘bad luck’ hebben en zich miserabel voelen. Ging vandaag ook maar niet werken…zucht.
In de tussentijd zijn er al weer drie stakingen geweest. Alles lag weer eens plat en vorig weekend zou er zelfs vier dagen gestaakt worden. Die staking wordt dan afgekondigd door een politieke ontevreden organisatie, en iedereen hoort zich daar dan aan te houden. Dus vier dagen geen verkeer, geen open winkels (soms wel stiekem hoor, via de achterdeur) , geen bussen, geen kranten, niks. Gelukkig werd na twee dagen de staking afgeblazen, begrijp nog steeds niet dat de mensen hier niet staking moe zijn.
Op 17 juni pakte ik de Green-line bus naar Kathmandu, nadat ik mijn auto bij het Silver Oaks guesthouse had achtergelaten. Dat was wel even wennen, voor het eerst in bijna een jaar niet meer in mijn eigese bedje en omgeving. Nu van het ene guesthouse naar het andere, het moest natuurlijk goedkoop dus dan krijg je ook goedkoop. Had ondertussen last van enorme jeuk over mijn hele lichaam, waarschijnlijk resultaat van het zwemmen in het vieze water van het Pokhara meer. ‘Hij zal het ook nooit leren’ hoor ik de diverse mensen nu denken, dit na mijn huisinfecties van het zwemmen in de Ganges. Maar ja, als het warm is, het meer is op loopafstand, dan is de verleiding groot, blijkbaar dus te groot.
Ik vermaak me in Kathmandu wel tot de 22ste, dan vlieg ik naar Delhi (met een obscuur maatschappijtje) en dan, na heel lang wachten, met de KLM door naar Nederland. Ik zou zeggen.. tot dan.
Ne een vakantie in Nederland, mijn auto in goede orde terug gevonden in Pokhara. Op 22 juli begonnen met de rit naar en door China. De grote trek om het zo maar eens te noemen, die me door een groot deel van Nepal, via India naar Pakistan brengt. Dan door Pakistan over de Karakoram Highway, door de Himalaya naar de Chinese grens, om vervolgens in 40 dagen 7000 km door China te rijden om er bij Laos weer uit te vallen. En alles ging goed, ondanks grote regens en overstromingen. Enige was, dat ik alsmaar niks van de Chinees hoorde die mijn vergunning regelde….
Door Nepal en India in snel tempo.
De eerste rijden dag was prima. Moest wel weer even wennen aan auto rijden, gelukkig zijn de wegen in Nepal rustig. Ik was wel een beetje bang dat ik misschien een landslide tegen zou komen die de weg zou versperren. Het eerste dag van mijn rit voerde door bergen en tijdens de regentijd zijn landslides schering en inslag. Trouwens ook niet meer dan normaal als je ziet hoeveel water er af en toe uit de lucht dendert. Op een gegeven moment had ik erg lang geen tegenliggers meer, ik denk wel een half uur of zo, ik verwachte achter elke bocht dus een enorme puinmassa op de weg. Het bleek echter allemaal toeval, er is ook niet zo erg veel verkeer op deze weg. Het schoot lekker op.

Het blijft mooi rijden door dit Nepal.
Om half twee was ik voorbij de plek waar ik de vorige keer overnacht had, kan je nagaan. Zelfs op die plek mijn watertank met bergwater bijgevuld en door naar Butwal, waar het ontzettend hard regende. Rechtsaf richting westen geslagen en die dag ver door kunnen rijden. Als dat zo door zou gaan moet ik makkelijk die Chinese grens halen en heb ik zelfs nog tijd om wat verkenning van de Karakoram highway te doen.
Onderweg zag ik nog mensen rivierjutten. Dat is strandjutten, alleen gaat men op een rots in een rivier staan en als er dan een grote tak of zo langs drijft wordt die eruit gevist. Zo kan je mooi de dag vol brengen alhoewel het hout lijkt me niet echt brandbaar is.
De brug, die de Maoïsten hadden opgeblazen en waardoor ik op de heenweg halsbrekende omleidingen door een rivier bedding moest nemen was gelukkig weer provisorisch hersteld. Ook dit zat mee.
Overal zag ik onderweg mooie slaapplekjes, lekkere veldjes om in te parkeren op afgelegen stekjes, maar als het dan rond 5én wordt zijn die er meestal niet meer. Kilometers lange akkers , rijstvelden en dorpjes, geen cm grond onbenut, een rustig plekje ho maar. Het was weer bijna donker toen ik een vaag plekje vond, maar wel rustig, 44km van Kussum.

Prachtige mooie rustige weg
Om de dag af te sluiten heb ik nog een lekker goor verhaal. Als je daar niet tegen kan …NIET verder lezen……
Ik heb een was-ton, dat is gewoon een plastic afsluitbare ton waar ik water, wasmiddel en vieze kleding in doe, die dan onder het rijden in de auto lekker schuddend schoon word. Nou had ik daar een week of 5 geleden vast een vieze zakdoek ingegooid, als ik dan de was zou doen zou ik die niet vergeten. Maar ik liet in Pokhara de was doen bij een wasmachine teef en vertrok daarna drie weken naar Nederland, dus vergat die hele zakdoek. Ik maakte vandaag, 5 weken later die ton open en wat ik daar zag was bijzonder bizar, absurd goor en apart. Die zakdoek was gaan leven, er hadden zich allerlei soort van fungussen (fungi) of zo ontwikkelt, die waren gaan groeien in die donkere, vochtige ton, hadden ook mijn hele zakdoek verteert. Het was een soort eigen leventje gaan lijden, wellicht was er een nieuwe species ontstaan. Lange slierten met een soort kruising tussen spinnenwebben en paddenstoelen zaten er in die ton. Heb nog even gedacht of ik het naar discovery channel zou sturen of zo maar het er toch maar uitgewassen. Bah bah, en dat allemaal uit zooi uit mijn neus. Vraag me nu af of ik wel gezond ben haha.
De volgende dag ging het wederom als een speer. Ik werd wakker uiteraard met staarders aan de deur, ik zit immers vlak bij India. Aardig van ze, kan ik namelijk vast wennen. Het waren aardige mensen hoor, maar geen woord Engels. Toen ik weg reed zakte ik met een achterwiel 30 cm een moddergat in en hing de hele auto zo scheef als wat. Het had goed geregend die nacht, de grond was blijkbaar zacht geworden, ik schrok me wild. Had gelijk al visioenen van uitgraven in de regen en modder, een heel gedoe. Heb het meerdere malen met mijn vorige camper meegemaakt. Het kost uren. Eerst even in de vierwiel drive stand proberen, en potverdorie, ik trok hem zo dat gat uit. Kijk, toch nog plezier van de vier. Had niet gedacht dat het zou lukken, het dus goed onderschat.
Had de vierwiel drive nog een paar keer nodig vandaag. Het heeft de hel dag gestort. Wat kan er hier een water uit de lucht vallen, het blijft verbazen. Op een geven moment moest ik door een snelstromende rivier heen. Niet al te diep hoor, maar toch maar de vierwiel aangezet. Het rare is, dat je geneigd bent, omdat het water zo snel onder je door stroomt, met de stroom van het water mee te sturen, en dat moet je niet doen, want dan eindig ik in de Ganges of zo.
Het schoot al om toch goed op en om 4:30 was ik bij de Nepalese/Indiase grens. In twee dagen dus van Pokhara naar de meest westerse grens. Ik was erg in mijn nopjes. Ook het passeren van de grens ging vlotjes, kende ondertussen het klappen van de zweep. Aan de Indiase kant hadden ze het wederom te druk met kaarten om naar mijn auto (en scooter) te kijken, dat was dus allemaal snel geregeld. Alleen heb je 20 meter na de grenspost de dam waar je over moet, en dat was nou jammer, het water was erg hoog en er mocht geen verkeer over. Hoe lang dat kan duren… tja mijnheer, tot het water daalt. Duhhh. Na een half uurtje zo te hebben gewacht, ben ik wat met de dam opzichter gaan smoezen, resultaat…. Alleen Casper mocht erover, nagekeken door veel boze gezichten want die moesten allemaal wachten (tot de volgende dag, of langer).
Nog leuke dingen meegemaakt onderweg in Nepal? Ja hoor, wat dacht je van deze…. Een klein Nepalees joggie van een jaar of 8 riep me iets heel hard na. Hij riep…. ‘bye America’ haha, die vond ik wel leuk. Ze zeggen overigens Bye omdat ze geen ander woord kennen, ook geen hello.
