Bangldesh is een van de armste landen in de wereld. En, erger, de bussen rijden nog gekker dan in India. En staren is een nationale sport. Dit verslag telt 6.017 woorden, 32 minuten leestijd.
In Bangladesh zouden de grens formaliteiten sneller gaan waren de verhalen, maar de man die mijn carnet moest invullen was toevallig net niet aanwezig, ik moest maar even een half uur wachten. Gelukkig werd mijn auto door militairen met grote geweren bewaakt, zodat ik geen last van het ‘klootjes volk’ had. Lunch gedaan en daarna de bureaucraat gevonden en de papieren rompslomp gedaan. Om 3 uur was ik pas de Bangla grens over en na het grensgebied (en de drukke business aldaar) achter gelaten te hebben, werd de weg van redelijke kwaliteit en werd het heerlijk om er te rijden.

Het verkeer was niet druk, en behalve bussen die als debielen rijden en alles van de weg drukken was het een genot. Er stonden borden als er snelheid drempels waren, mensen aan de kant van de weg zwaaide aardig en de natuur was groen en de weg schoon, allemaal heel anders dan in India. Het was duidelijk dat wegen goed onderhouden werden, in tegenstelling tot India waar ze alles laten verwaarlozen en het geld in de zak van een Ambtenaar verdwijnt. Ik wilde in eerste instantie doorrijden naar Kuhlna, maar door het lange grensoponthoud heb ik dat niet aangedurfd want in het donker rijden blijft een no-no en toen ik een soort (zanderig) plein aan de kant van de weg zag met daaromheen garages en veel ruimte heb ik daar me auto neergezet voor de avond.
Wat ik me daar op de hals haalde had ik al enigszins verwacht, maar toch was het wel even eumm, laten we zeggen wennen. Vanaf het moment van parkeren heb ik een haag van mensen om de auto heen gehad, die als een soort jas van water me overal leken te volgen en me insloten. Als ik achter in de camper ging zitten stonden ze naar de dichte ramen van de achterkant te kijken, als ik in de keuken stond stonden ze daar voor de deur. Geen hond die Engels sprak, ik was op het platte land, dat was te merken, en het gechit-chat geluid van al die mensen die in het Bengali stonden te praten voor mijn ramen en deuren werd op een gegeven moment irritant. Ik dacht, ja GVD, ik ga toch niet mijn ramen en deuren dicht doen omdat die mensen er staan, laat hun maar weg gaan. Dus, ik vier of vijf keer netjes gevraagd of men wat afstand wilde houden, maar het was tegen het luchtledige gezegd, geen enkel effect. Daarna kwam er iemand die wat Engels sprak, en ik heb hem het probleem uitgelegd, en hij heeft vervolgens aan die mensen uitgelegd dat ik het niet prettig vond dat ze me zo omsloten. Dat hielp, ongeveer 5 minuten, en alles was weer terug bij het oude.

Als je de deur open deed, kreeg je dit te zien, continu..
Ik ben maar eens boos geworden, heb Brox op de meute afgestuurd. Brox liep vrolijk pardoes een klein kind omver, men stoof uit elkaar, maar 2 minuten later was het weer hetzelfde liedje. Zo ver voor privacy, er was maar een oplossing, naar buiten stappen en met die mensen gaan praten of zo. En als je dat dan doet blijkt er ineens wel iemand te zijn die wel wat woordjes Engels brabbelt, en dan word het altijd toch nog wel gezellig. Mijn Gameboy uit het stof gehaald, en binnen 5 minuten had ik er 50 nieuwe vrienden bij. De ene ‘kom mee naar mijn huis wat eten’ tot ‘hier is een fanta’ en kom je thee drinken vlogen nu door de lucht. Raar hoe zo’n situatie verandert van stressig ‘staar niet naar me ik word gek’ tot ‘wat een aardige mensen’.

Verder ben ik al een paar weken aan het vertellen dat Brox naam Osama is. Iedereen vraagt naar zijn naam, en begint dat dan ook onmiddellijk te roepen, en als zijn naam bekend is roepen er zo 20 man zijn naam de hele tijd. Eerst vertelde ik dat ie geen naam had, maar dat werkte niet lekker, nu zeg ik dat ie Osama heet, Brox reageert er niet op, ik zeg dan dat ie getraind is alleen naar de baas te luisteren. Haha, die domme India’ers en Bangalezen geloven alles.
Waypoint van slapen op N 23 06.558 E089 06.706. Gereden vandaag 93 km, en km stand was 130153
Opmerking :
In de grondwet van Bangladesh staat vast de volgende zin:
Het is ieders recht om een buitenlander zo hard aan te staren met zoveel mensen tegelijk dat ie zich heel ongemakkelijk gaat voelen.
Als dat zo is, staat er in de grondwet van India:
Het is ieders recht om zo lang op je tutter te drukken dat diegene die voor je rijd er horensdol van word.
Donderdag 25 november 2004
Vertrek om 8:10 vanuit de garage slaapplaats. Het was wel weer een enerverend ochtendje want om 6 uur stonden er al wel weer 60 man, vrouw en kind naar me te staren, erg vaag als je net wakker word. Ik kan niet meer boos op die mensen worden, maar het blijft een ongemakkelijk gevoel.

De weg naar Khulna was een beauty, alhoewel het navigeren soms niet mee viel. Immers is er geen enkel leesbaar bord, ook niet de wegnummers of wat dan ook, dus soms heb je geen idee waar je bent. Er is maar een manier, en dat is veel vragen, stoppen en uit het raampje roepen waar je naar toe wilt. Meestal gebaart men dan recht door te rijden, ook als ze het niet weten, dus ik vraag het meestal een paar keer voor de veiligheid. Dit, mijn postduiven gevoel, mijn GPS en het feit dat er niet zo veel hoofdwegen hier zijn maakt dat het toch wel mee valt.

Om 11:00 was ik in centrum Khulna en vond een Hotel van allure. Hotel Royal, in de Lonely planet tot vaag te duur hotel gevonden, bleek een net verbouwd juweel te zijn, waar je in Europa makkelijk 300 euro per nacht voor betaald (ook belachelijk maar goed), hier koste het 12 Euro per nacht, al het personeel was zo vriendelijk en behulpzaam dat het irritant was, het eten was perfect, kamer perfect, er was maar een klein probleem, de lift raakte stuk, en ik zat op de 6e verdieping, laten we maar zeggen dat dat goed voor de spieren is.

In de middag me fiets gepakt en door het stadje heen gefietst, helaas is het dan zo druk dat fietsen bijna niet te doen is, er zijn zoveel fiets-riksja’s dat je vaker vast staat dan beweegt, dus mijn fiets maar op slot gezet en wat rond gelopen, nieuwe broek gekocht voor 170 Thakka (ik schat 3 1/2 euro), echt wel een goede, waar je in Nederland gewoon 50 euro voor betaald, wat frituursels gegeten, kip voor hond, en in de avond na een diner van een Garnalen Cocktail en Zoetzure kip met rijst (en dit alles voor 5 euro in een zeer chick hotel restaurant), heerlijk geslapen van half 10 tot 6. Hotel Royal en parkeergelegenheid op waypoint N 22 48.630 E089 33.72, eind km stand is 130228, vandaag 75 km gereden.
Vrijdag 26 november 2004.
Vrijdag in een Islamitisch land is als zondag bij ons, er is veel dicht, het land draait op halve kracht en groot voordeel, er is dan weinig verkeer. Ik had me die dag voorgenomen om met de fiets een rondje Kuhlna te doen, en zo gezegd… zo gedaan. Helaas werd mijn ochtend al wel weer vergald door de vele staarders, en toen ik eindelijk de security guard zo ver had dat ie mensen weg had gejaagd ging hijzelf staan staren als een kop zonder kip. Dat werd al snel gevolgd door de rest van het personeel van het Hotel, dus in no time stond het al weer vol. Dat is wel jammer van dit land, want het vergalt je lol wel een beetje. Toen ik twee jaar geleden hier met de rugzak was, ach, je loopt gewoon weg als het te erg is, maar met een camper, en vooral een hond, is het afzien geblazen
Er kijken meer mensen naar Brox dan naar mij en dat zou op zich wel goed zijn, als ze die hond dan met rust lieten. Maar hoe langer je de hond onder de mensen laat, de meer vreemde dingen ze gaan doen. Het begint met doggie doggie roepen, rare blaf geluidjes e.d. Iets later worden er takjes of steentjes gegooid om te kijken of ie leeft, dan volgen er al snel stukken etenswaar, broodresten en meer goedbedoelde zooi, als Brox dan opstaat en naar iemand loopt, gaan ze helemaal zenuwachtig lopen bewegen, waarom Brox denk ‘oh, hij wilt spelen’ en pardoes tegen de goede man op springt. Die schrikt zich een ongeluk, de rest ook, men stuift weg, Brox treurig. Weer iemand die niet wilt spelen, en gaat liggen, het hele schouwspel herhaalt zich dan.
Toch een heel stuk met de hond gelopen, helemaal naar de ferry toe, ik denk 4 of 5 km, best zwaar want het was heet, en al dat volk wat je achterna roept of loopt is ook niet alles. Ik leek af en toe wel de rattenvanger van Hamelen, al die mensen achter je aan, lopend, in Riksja, op de brommer, er stopte op een gegeven moment zelfs een bus. Toen ik vanaf de ferry terug wilde keren zei er een lollige riksja rijder van ‘kom in mijn riksja’ , hij zal wel bedoelt hebben, ik er in zitten, de hond erachter lopen, maar ik denk, ik zal hem hebben, en zet Brox op het voeteneind en ga er zelf ook in zitten, grote jongen die mij er nog uit krijgt. Riksja rijder was sportief, ondanks zijn honden angst reed hij me toch terug naar het Hotel, onderweg nog afval vlees van geit gescoort voor de hond. Daar bleek achteraf ook ogen en ballen in te zitten, die heb ik er even uitgevist.

Weer een poging gedaan om met de fiets door de stad heen te rijden. Ik zag leuke dingen om een plaatje van te schieten, was ik natuurlijk me camera vergeten, toen ik hem ben gaan halen zag ik de hele dag niks leuks meer, altijd hetzelfde liedje. Verder een beginnende verkoudheid geprobeerd te onderdrukken, wel 6 keer onder de douche geweest (de laatste keer dat ik een goede warme douche heb gehad…..ik weet het al niet eens meer maar kan goed 2 maanden geleden zijn), wat aan me auto lopen poetsen want die begint er aan de binnenkant echt groezelig uit te zien, om van de buitenkant nog maar niet te spreken met nog al die vogelkak uit Calcutta.
Had op mijn fiets tour een metaal bewerk winkel gezien, gewoon een soort smit die van alles met metaal kan, en ik bracht hem mijn plastiek Melitta koffie filter die 300 barsten en 400 stukken tape had, en vroeg hem of ie dit van metaal na kon maken. Hij keek even, zei jazeker, 100 thakka. Dat is iets meer dan 1 euro, en ik kon vast nog wel wat pingelen, maar vond het wel goed zo, ik kon het om 4 uur ophalen. Ben om half 4 gegaan om de man nog wat aan het werk te zien. Alles gaat met een hamer, een beitel en een stuk spoor rails als aanbeeld. Fantastisch hoe zo een man dat nog kan, in Nederland is zo een beroep al lang uitgestorven. Al tikkend met zijn hamertje en later solderend met een lel van een ijzer wat in de gloeiende kool heet gemaakt werd, maakte die man perfect mijn filter na. En dat allemaal gehurkt, want de halve bevolking hurkt altijd, maar op een manier zoals wij westerlingen dat niet kunnen. Ze kunnen dat hier uren volhouden, wij krijgen al duizelingen als we na 2 minuten hurken snel opstaan. Men leert dat van jongs af aan, men pist en kakt ook gehurkt en als er wat te wachten valt, dan hurk je.
Weer in het super dure restaurant gegeten, maar dit keer viel het erg tegen. Kreeg mijn voor en hoofd gerecht tegelijk, en op mijn klacht werd appelig gekeken. De tomaten soep smaakte naar iets heel vaags, maar tomaat was het zeker niet. In de avond met een fles bier uit mijn ijskast naar de hotelkamer om een film te kijken op tv, het bier gedroeg zich als champagne dus die ging over de tv en tafel heen (oeps) en de film, ….het einde niet gehaald…
Zaterdag 27 november 2004.
In de nacht werd me verkoudheid ernstig, het liep me links en rechts de neus uit, stomme airco ook altijd in die dure hotels, altijd hetzelfde gezeik.
In de ochtend nog wat lopen poetsen na een brillo metalen schuursponsje gehaald te hebben op de markt (7 thakka per stuk) en koffie met me nieuwe filter gezet. De lift van het Hotel was nog stuk, ik had geen zin om water 6 hoog te gaan sjouwen per trap, dus dat maar achterwege gelaten. Late ochtend uitgecheckt (11:15), richting Jessore gereden en mijn hele auto laten wassen voor 200 Thakka (wat achteraf nog te duur was).
Ik vond Khulna weinig veranderd, het bleef een stinkerige rommelige stad. Ze hebben er wel een overdekt air conditioned winkel centrum bij gekregen. Maar wat doen ze daar dan mee? Ze stoppen het vol met dezelfde winkels waarvan er buiten op de hoek al 50 zijn, zetten vervolgens de air conditioning uit, en vinden het raar dat de klanten weg blijven. Naja, de commercie in Azië niet altijd begrijpelijk.
Rustig doorgereden richting Dhakka, en dat moest via Jessore, waar ik de mensen van de truck-parkeerplaats al half beloofd had dat ik terug zou komen, dus ben ik maar de 20 km omgereden om daar de nacht door te brengen. Achteraf had ik daar weer spijt van, want de mensen massa was waarschijnlijk nog heviger dan voorheen. Ik voelde me ondertussen grieperig en had ook pijn in mijn rechter zij, mijn neus was rood van het snuiten en hoofdpijn kwam opzetten, dus tegen alle opinies in van iedereen (nee, je moet opblijven, mijn oom moet je nog zien, me zus moet je hond nog zien, je moet naar ons huis komen etc etc) ben ik lekker toch om negen uur gaan slapen (naja, het duurde wel een half uur voor de mensen niet meer op me camper klopte, aan mijn fiets zaten te frunniken of lawaai in het algemeen onder mijn raam liepen te produceren. Maar daarna toch tot half 7 (een record) geslapen).

Krijg trouwens de indruk dat he land veel Muslimmerigger is geworden dan 2 jaar geleden. Het kan ook dat het mij nu misschien meer opvalt, maar ik krijg toch de indruk meer moslim petjes (hoe die dingen heten weet ik niet) en grote baarden te zien, zonder overigens dat dat bedreigend of zo is, begrijp me niet verkeerd.
Zondag 28 November 2004.
Vandaag was het de dag dat ik naar Dhaka wilde rijden. Avontuur op zich, want ik moest minimaal 1x met een grote ferry mee over de Patna/Ganges rivier heen. Verder hadden verschillende mensen me verschillende wegen aanbevolen, dus het was een beetje vaag hoe ik zou rijden.

Met mijn GPS aan, de kaart op schoot en het raam open om te vragen, op naar Dhaka. Het eerste stuk weg was makkelijk, daarna met wat vragen was het ook wel te doen. Tussen Jessore en Magura werd de weg ineens van een ander type, iets wat ik nog niet eerder gezien had. Het was een soort grove kiezel waar ze de weg mee geteerd hadden. Als je er over nadenkt snap ik het, want dit is veel sterker en het water kan er door afvloeien, maar het rijd voor geen meter. Alles schud en trilt, was nou net wat ik NIET nodig had. Helaas geen keus, dus maar de snelheid beperkt tot 40 en door gereden. Opvallend was (en is) dat je in Bangla ALTIJD mensen ziet. Ik zocht een rustig plekkie om me toilet inhoud even te dumpen, maar het duurde 2 uur voor ik wat vond. Snel stoppen, boel leeg gooien en weer door scheuren, want de eerste gapers kwamen er al aan. (terwijl ik dit typ staat een vent me al minstens 10 minuten gigantisch aan te staren door de half dichte deur). Overal lopen mensen, op het platte land ook, in de stad is het overal mierenhoop, onvoorstelbaar.
Een voordeel heb ik toch ontdekt van al die starende mensen, en dat is als je de weg wilt vragen, stop maar gewoon, al is het in het midden van niks, binnen no-time heb je mensen om je heen om de weg te vragen.
In Magura aangekomen draaide ik Highway 7 op, er stond zowaar voor het eerst een bord ook in het Engels, en de weg verbeterde, maar de verkeer intensiteit werd ook gelijk 10x zo veel, en de bussen en vrachtwagens maakte het rijden er niet prettiger op helaas. Het is 45% bus, 45 % vrachtwagen en de rest pick-ups of jeeps, en vermenigvuldig dat met 3, dan heb je het aantal fietser met laadbak die ook een weghelft in beslag nemen, en das reuze gevaarlijk.
Ik voelde me nog steeds wat grieperig, en besloot rond 12 uur te tanken om dan op het tankstation even een dutje te doen. Dat duurde precies een half uur, toen begon het geklop op de auto weer (wat irritant zeg) maar had toch effe de oogjes dicht kunnen doen. Daarna de weg naar Dhaka vervolgt, onderweg nog even gestopt voor een bakkie soep, maar de staarders maken dat dan weer erg ongezellig.
Plots kwam ik bij het GHAT aan zoals dat hier heet, de haven voor de ferry boot naar de overkant van een joekel van een rivier. Ook hier weer de gebruikelijke puinhoop van 30.000 restaurantjes en winkeltjes, die allemaal hetzelfde verkopen, iedereen roept of wenkt je naar binnen, er staan zelfs mensen met fluiten midden op de weg om je zo gek te krijgen bij hun wat te gaan eten. Dit allemaal in de 1 km aanloop naar de oprit van de Ferryboot. Er stond ook een vaag ventje met een papiertje te zwaaien naar me, maar ondertussen trap ik daar niet meer in, sterker, ik kijk er niet eens meer naar en rijd gewoon door. 100 meter verder kwam ik in de wachtrij van auto’s te staan, en 3 min later kwam vage ventje met zijn ticket aangehold, helemaal buiten adem. Ik snapte wel wat ie zei, maar ik deed natuurlijk alsof ik dom was. Het kwam er op neer dat ie vond dat ik een soort haven belasting moest betalen. Ja doei, daar had ik geen zin in, en ik schudde van nee en ging door met het negeren van die gast. Hij bleef maar met het ticket zwaaien, maar hij sprak geen Engels en ik snapte er natuurlijk niks van, dus dat ging wel goed zo.
De rij met auto’s begon te rijden, ik reed de boot op, en die gast holt achter me aan, ik denk, nou, zou ie dan toch serieus zijn? Op de boot aangekomen was er een man die wat Engels sprak, en die zei dat ik 100 thakka belasting moest betalen. Ik zeg doei… doe ik niet, belasting is voor lokalen, niet voor buitenlanders en daarbij, blufte ik, is dat een ticket voor vrachtauto’s en ik ben een personen auto. Kon absoluut niet lezen wat er op het ticket stond, maar blijkbaar gokte ik correct. Daar moest vaag ventje over denken, al gauw ging de prijs naar 40 thakka, ik denk, nou ja, ben ik van hem af, voor die halve Euro, tegen mijn principes maar vooruit. Ik betaal die gast, hij loopt weg, en de conducteur van de boot komt er aan. Of ik maar even 700 Thakka ferry kosten wil betalen. Ik zag niemand verder betalen, dus ik schud van nee, draai me om en loop weg. Schip in rep en roer, mensen achter me aan, nou ja, hetzelfde liedje als voorheen. Ik moest natuurlijk wel betalen, en toen de prijs gezakt was naar 300 Thakka dat ook gedaan. Nog schandalig veel maar ik had geen keus.
De overtocht duurde een half uurtje, de meeste mensen deden zich in de kantine tegoed aan rijst met een hele kleffe vies uitziende saus er over, ik heb er maar van afgezien.
Na de ferry kwam er een paar kilometer hele slechte weg, waarna de rest van het stuk naar Dhaka weer goed werd. Had wel het gevoel dat ik omgeleid werd, volgens mijn GPS reed ik niet meer op de reguliere weg, maar uiteindelijk, rond 5 uur was ik toch in de vieze stinkstad, waar ik overigens wel leuke herinneringen aan heb. (zal ik me was van 2 jaar geleden nog eens op gaan halen?)
De reden om in Dhaka te blijven was om een Visa verlenging aan te vragen, anders was ik er niet gebleven, de stad heeft voor mij weinig te bieden. Het vinden van een parkeerplek viel erg tegen, en het werd snel donker en dan is het alleen maar nog moeilijker om een plekje te vinden. 2 uur rond gedoold, tot ik het echt gehad had, rijd er nog een halve taxi zool me spiegel er maar weer eens af (naja, hij zat er nog wel aan, maar niet meer zoals het hoort) en eindelijk een stil straatje gevonden, bleek achteraf dat ik voor de Zwitserse ambassade stond geparkeerd. Kan slechter natuurlijk, voor de Nederlandse bijvoorbeeld haha, die was ook vlak bij zag ik achteraf op mijn kaart.
Een van de eerste vragen die je altijd krijgt is … ben je alleen? Men kijkt dan vol ongeloof, want zo is de cultuur hier helemaal niet. Elke auto heeft minimaal een chauffeur en een passagier, dat is dan de baas, maar meestal ook (en vrachtauto’s helemaal) een technisch hulpje, een tweede en derde chauffeur en een slaafje die de banden checkt bij elke stop, thee haalt, de tol betaald bij bruggen etc. Ik heb ook al mensen genoeg gehad die met me mee wilde, maar ik houd de boot altijd maar af, je weet niet wat je in huis haalt nietwaar, maar het zou inderdaad wel eens makkelijk zijn.
Getankt op km 130410, 33 liter voor 675 Thakka.
maandag 29 november 2004
Vroeg gaan rijden omdat het in de ochtend nog niet zo druk is in de stad. Al snel het paspoort & Visa adres gevonden wat in de Lonely planet stond, maar na navraag bleek het kantoor verhuisd te zijn. Gadverdamme, had ik daarvoor nou zoveel moeite gedaan om een slaapplek in de buurt te vinden? Gelukkig was er een behulpzame Bengalees die toevallig de kant van het nieuwe kantoor op moest. Die wilde wel met me mee rijden. Ik dacht nog, die zal wel geld willen hebben straks. Na 15 minuten rijden zag ik aan de lange rijen voor de deur dat ik op het goede adres was, gelukkig was er voor mij een aparte ingang. Ook het paspoort office is een publiek plek dus publieke puinhoop. Voor op straat zitten de typers, formulieren verkoper ventjes, ronselaars, regelaars, alle soorten drank en eten verkopers, guards, noem het op. Gewoon je er door worstelen en je vooral nergens aan storen. Formulieren ingevuld, wachten tot om 10 uur het loket open ging. Dat deed het ook, om kwart over 10, ik was als tweede aan de beurt. Een dame keek verveeld naar mijn papiertjes, krabbelde er wat op, en gebaarde dat ik naar loket 1 moest. Daar mocht ik, nadat er na 15 minuten nog geen ventje achter het loket zat even 2500 thakka neertellen. (het was 2468, maar wisselgeld hadden ze niet) om vervolgens met mijn nieuw vergaard papiertje, naar loket 2 te gaan. Daar was het druk, duwen en schuiven, en achter het loket zat de man verveeld met een andere man te praten, rustig thee te drinken, af en toe eens uit zijn neus of oor te pulken, nu en dan heel boeiend weglopen alsof er iets heel dringends was, om dan pas weer 5 minuten later terug te keren met een voldaan blik in zijn ogen. Maar klanten helpen ho maar. Een half uur later duwde ik hem gewoon mijn papieren onder zijn neus, en na veel zuchten ging er een groot boek open (het leek India wel) er werd wat ingeschreven, ik kreeg een stukje papier mee met bewijs van aanvraag en hij kon nog net ‘8 januari’ zeggen. Dat betekende dus dat ik 8 januari in Dhakka moet zijn, maar of ik die Visa verlenging nou krijg, ik weet het niet. Hoop het wel, want op 8 januari is mijn originele Visa al lang verlopen, en als ik dan die verlenging niet zou krijgen zit ik met een vet probleem. Naja, zien we dan wel weer, voor nu heb ik tenminste een papiertje met een stempel.
Snel in de auto, het was al weer 12 uur, en als een scheet Dhakka uit gaan rijden, daar was ik ook nog wel even een uur mee bezig, op naar Cox Bazaar. In eerste instantie was mijn plan Chitagong, maar ik heb even geen zin in grote stinkende steden, en rijd door naar het Strand van Cox. De weg was erg slecht, voor het eerst eigenlijk dat ik dat meemaak in Bangladesh, het was nog wel niet zo ernstig als in India, maar het was geen reclame voor het land. De weg was ook erg druk, en ik reed soms een half uur achter dezelfde stink vrachtwagen, gewoon omdat ik geen zin had in te halen, want daar voor reed gewoon weer een andere stink vrachtwagen

Gestopt in een veld langs de kant van de weg om 16:40. Het is heel moeilijk een plek te vinden, deze was ook verre van ideaal. Over het algemeen loopt de weg op een soort verhoging, en van die verhoging kan je niet af. Beneden staat over het algemeen water, dat meestal tot rijstvelden omgetoverd of veel viskweek vijvers, maar me auto ergens neerzetten is schier onmogelijk. In vele landen kan je met je auto gewoon een veld op, hier kan dat niet of omdat het waterig is of omdat er gewoon geen 4 wieler toegang is, immers hebben de meeste mensen geen auto. Daarom is er geen toegang tot de velden per auto.
Toch dit gevonden en na de staarders weggestuurd te hebben (en ze bleven zowaar weg) eten gemaakt, koffie gezet, dit gaan typen, pilsje gedronken en slaapjes gedaan. Waypoint N 22 56.867 E 091 28.309. Km stand 130752.
Woensdag 30 november 2004.
Vrij goed geslapen ondanks dat ik dicht op de hoofdweg stond. Er waren geen staarders, dat was voor het eerst. Ontbeten, rondje gelopen met hond (en dan komen de staarders vanzelf) en toen ik weg wilde rijden vond ik een kaartje onder mijn vooruit van Village Development Funds, met daarop de tekst “ik ben Geert Veendam, uit Holland, welkom”. Haha, dat was leuk, die had dat in de nacht eronder gezet neem ik aan. Ik zal proberen of ik hem op de terugweg kan bezoeken, nu rijd ik door, want als ik vroeg in Chitagong kan zijn, kan ik er snel doorheen rijden. Helaas mocht het niet zo zijn, want na een half uurtje rijden kwam ik weer eens in een mega-file. Ik beruste me er maar in, maar het irritante was steeds dat er bussen op de verkeerde weghelft de boel inhaalde en vervolgens dus voor in de file blokkeerde.
Het werd bijzonder irritant, want elke keer als onze kant van de file wat reed, kwam er weer een bus de boel vast zetten. Na een half uur had ik er zo genoeg van dat ik een bus achterna ben gereden en gewoon even hard de boel vast zette. Ik denk, krijg wel een hoop abuse naar me hoofd, maar iedereen beruste er in, dat had ik niet verwacht. Voorin de file bleek waarom, er was een weg opbreking en maar een rijbaan beschikbaar, dus men moest om en om, en als er dan geen verkeer regelaar is, dan gaat dat dus gewoon NIET. Bangalezen zijn nog erger dan de Indiërs. En ik dacht dat het niet erger kon.
Wat later lette ik even niet op, reed er bijna een vrachtwagen bij me naar binnen, die kwam uit een zijstraatje stieren zonder op of om te kijken.
Binnen een half uur door Chitagong gereden ondanks dat het 10 uur in de ochtend was, en zowaar de weg naar Cox Bazaar gevonden. Ik kon me van de vorige keer een brug herinneren die nogal eng was, en ja hoor, ook nu was die brug er nog. Eerst moest ik even 100 Thakka tol betalen, wat toen veranderede in 200 en daarna in 400, dus toen ben ik zonder te betalen doorgereden. Bij de echte oprit van de brug stond een soort sluis die zo nauw was dat ik er met 2cm aan beide kanten net door paste. Hierdoor moest ik dus wel heel langzaam gaan, zodat er een dik ventje me achterna kwam lopen (en hijgen) voor zijn tol geld. Ik heb hem 100 gegeven en ben door gereden. De brug bleef nog steeds eng, losse planken en alles bewoog, toen ik even stil stond om een verkeersdrempel over te gaan voelde ik me net in de achtbaan.
De weg naar Cox was na het verlaten van de omstreken van Chitagong erg mooi en goed. De verkeersdrukte nam af en het was weer een genot om te rijden. Overigens, nog even een leerzaam detail tussendoor. Het is de gewoonte hier om als je bij een ongeluk betrokken raakt, zei het per ongeluk, zei het jouw schuld, zei het fataal, er maar een remedie is… zorgen dat je weg bent, oftewel heel hard wegrijden. Andere ding is dat een bus altijd gewoon midden op straat stopt om passagiers in/uit te laten, ook al is er plek zat langs de kant, dat ie daarmee alles blokkeert, das dan maar ff jammer.
Ik was eigenlijk een beetje bang dat ik Cox Bazaar niet meer terug zou kennen zoals het was. Ik kende het als een drukke lange hoofdstraat, en een stuk aan de kust wat weinig bebouwt was, er was een strand plek waar wat stoelen te huur waren, dat was het wel zo een beetje. Maar Cox Bazaar was erg populair aan het worden in Bangladesh, en wie weet was alles wel zo vol gebouwd dat ik er me auto niet eens meer kwijt zou kunnen. Kwam om 3 uur Cox binnenrijden en mijn vermoeden kwam gedeeltelijk uit, want er was in die twee jaar sinds mijn bezoek inderdaad erg veel gebouwd, en het slaperige stuk strand was helaas niet meer zo slaperig. Er was een pretpark gebouwd en veel hotels, en alle stille plekjes die ik nog kende van 2 jaar terug waren er niet meer. Ik besloot maar voor een nachtje een hotel met parkeer gelegenheid te zoeken, ook al om wat rust te krijgen en vond dit in het centrum. Stelde niet veel voor verder, en ze deden erg moeilijk over Brox, ook al bleef die gewoon in de auto. Had wel een douche, dat was wel weer even lekker, en een TV maar met weinig kanalen, dus wat rond gelopen, boodschappen gedaan en na het eten met een fles bier het bed opgezocht.
1 december 2004.
De ochtend een flinke wandeling langs het strand met Osama, eh ik bedoel Brox gemaakt, daarna op de fiets een rustig plekkie voor de auto gaan zoeken. Het zal niet meevallen hier in Bangladesh, want rustig staan is er hier niet bij in dit land. Mensen hebben weinig respect voor je, willen (moeten) met je praten, naar je auto staren, en kijken doet men meestal met de handen hier, dus alles wordt betast, aangeraakt, nog eens betast, vies en stuk gemaakt etc. Men doet er alles aan om je heel erg onbehagelijk te voelen, maar daar heb ik het al eerder over gehad.
Toch met mijn auto een veld aan de zee gevonden. Dit was officieel een bus parkeer plaats, maar zo groot dat ik in een rustig hoekje kon gaan staan. Ik sta 3 min van de zee af, en hoop het beste er maar van. Maar , zoals altijd in Bangladesh, kan je hier niet van rust genieten, en dat is wel jammer want het vergalt wel mijn vakantie hier in dit land. Toen ik er met de rugzak was, was het staren irritant, maar als je er genoeg van hebt dook je onder in je hotel kamer of een restaurant. Nu ik met de auto ben kan je je er bijna niet aan onttrekken, en het continu, 16 uur per dag gestaar naar je, het kloppen op je auto, verbuigen van je spiegels, het roepen en of fluiten naar de hond, luide conversaties en gelach onder je raam, het constante van dit alles maakt dat het heel snel gaat irriteren. En dan moet je mensen weg gaan jagen, die dan weer boos worden, waarop ik weer boos word, enfin, een minder prettige situatie. Maar ik sta hier verder goed, kijk het gewoon even een paar dagen aan. Heb de politie al op bezoek gehad, politie bureau is 100 meter hier vandaan. Ze adviseerde me om een slaafje in dienst te nemen om de mensen weg te jagen. Dat is misschien nog wel een idee maar voorlopig laat ik Brox nog maar af en toe het karwei klaren.
Donderdag 2 en vrijdag 3 december.
Heel langzaam krijg ik het crowd-control in de vingers, alhoewel het nu en dan nog wel eens mis gaat. Je moet er voor zorgen dat je niks toe laat (zero-tolerance) dus, en de mensen echt bot op een afstand houden. Twee keer zeggen wegwezen en als ze er dan na 20 seconde nog staan (wat meestal het geval is) gelijk Brox erbij roepen, die dan als een dolle achter de mensen aan gaat hollen, wel een leuk gezicht. Als je twee mensen toe laat die staan te staren naar je, zijn het er binnen no-time 4, dan 8 etc etc, en dan krijg je ze bijna niet meer weg. Helaas is dit het resultaat van het gedrag van de Bengalezen zelf, ik doe het niet uit plezier. Twee keer ging het mis, toen begonnen wat kinderen met stenen naar Brox te gooien, heb hard in moeten grijpen want ik denk als ik daar niks aan doe blijven ze dat doen, dus die kut-jochies (nee, het waren geen Marokkanen) een paar kilometer achterna gejaagd. Je krijgt ze niet te pakken maar geef ze wel flink de schrik zodat ze dat ieder geval niet meer flikken.

Met bamboe stokken en touw een omheininggemaakt
Verder de dagen vol gemaakt met kleine reparaties aan de camper (wieldoppen gedraaid, muggengaas gefixed, losse fineer stukjes lopen lijmen, generator een beurt gegeven etc etc. Dit tezamen met het strand lopen, boodschappen doen, internetten indien mogelijk (vaak geen stroom hier) en mensen jagen, maakt je dagen wel vol. Denk dat ik het nog een paar dagen uit houd en dan toch Bangladesh ga verlaten, in ieder geval eens de High Commision van India lastig vallen voor een Visum.
Nog de les van vandaag. De slagers hier verkopen altijd maar een soort vlees. Of rund (hangt dan aan haken en wordt er voor je afgesneden), of geit, dat gaat van hetzelfde laken en pak, de geiten hoofden staat voor op straat, uiteraard ook te koop, of kip, en dan moet je gewoon de kip aanwijzen die je wilt, uit een kooi, en die wordt vers geslacht voor je. Moet je dan wel effe 5 min op wachten, maar je weet zeker dat het vers is, het plastic zakje met vlees is dan altijd nog warm.
N 21 25.814 E091 50 396 , en dat is volgens de GPS map in de zee. Naja, je snapt het, ik stond er wel vlak bij,
