20110900 – September 2011, Rwanda

Voor de verandering eens niet een lel van een verhaal, maar wel veel foto\’s. Rwanda was apart, en echt overvol. Het leek Bangladesh wel. Hoogtepunt het bezien van de gorilla’s tegen de grens met Congo aan.
\r\

Maar lang hield ik het er niet uit, ondanks dat het land bloedjes mooi was en de wegen goed.

Knipsel_001

Aangekomen bij de grenspost van Rwanda liep ik als eerste naar het immigratie kantoor. Moest het gebruikelijke formuliertje invullen en vroeg om een visum voor 30 dagen. Geen probleem zei de man maar toen ik melde dat ik al op internet een aanvraag voor een Visum had gedaan (zoals dat hoort in dit land) betrok zijn gezicht. Geef me dan het goedkeuring nummer van je aanvraag vroeg hij. Dat heb ik niet, want ik had de aanvraag gedaan vlak voor mijn vertrek uit Arusha en daarna geen internet verbinding meer gehad. Dat is een probleem melde de pief en ging zijn superieur er bij halen. Die hoge bons was niet echt blij met me, dat was duidelijk. Hij vertelde me dat als ik geen nummer had, ik het land niet in mocht. Als ik de aanvraag niet had gedaan dan was er wat te regelen maar nu ik die had gedaan moest ik het goedkeuring nummer hebben. Wat nu dan, hoe lossen we dit op vroeg ik hem. Je moet maar terug naar Tanzania lopen en daar internet zoeken en kijken of je aanvraag is goedgekeurd. Er zat niets anders op.

Liet mijn auto in Rwanda staan en liep terug, eerst de brug over, daarna de berg op. Melde me bij de Tanzaniaanse douane om toestemming te vragen hun land weer in te lopen. Legde hem het geval uit en het was geen probleem. Liep wat tussen de houten hutjes door en vond een kantoortje die een laptop had staan. Op mijn verzoek of ik even kon internetten keek de man vreemd op. Sorry, er is geen stroom momenteel. Shit. Heb je geen generator dan vroeg ik. Jawel, maar geen geld voor benzine. Als je benzine koopt dan mag je internetten. De man begon belachelijke prijzen voor internetten op te lepelen en na wat onderhandelen mocht ik voor een liter benzine (1 euro) even internetten voor ook 1 euro. Beetje duur, 10 minuten internetten voor 2 euro maar wat doe je.

De verbinding was uiteraard super langzaam en het bleek dat mijn aanvraag nog steeds in behandeling was, er was nog geen goedkeuring. Met dat nieuws liep ik weer terug naar Rwanda.

Melde me weer bij de wat norse man die diep zuchtte. Ik zal mijn chef bellen zegt ie en wonder boven wonder had ik een kwartier later plots een visa voor 30 dagen (en 30 dollar). De auto papieren werden snel en kosteloos gestempeld en even later kon ik weg. Maar het was al een beetje donker aan het worden en ik vroeg, en kreeg toestemming om die nacht op het grens terrein door te brengen. Hier was ik achteraf heel blij mee en ik sliep heerlijk rustig en veilig.

Reed de volgende dag op tijd Rwanda in, op weg naar de hoofdstad Kigali. Een goede kronkelende weg door groene heuvels. Heel veel bananen plantages en heel veel mensen. En heel veel fietsers. Echt veel. Het was moeilijk een rustig plekje te vinden om zelfs maar koffie te gaan zetten. Had al snel horde staarders (lookie-loos zoals dat heet in het Amerikaans) om me heen.

Het is duidelijk dat men, na de genocide van 1994 druk bezig geweest is het verlies aan mensen levens weer op peil te brengen. Onder de afwas liepen de bananen sjouwers langs de weg omhoog hun last zwaar en de berg steil. Mooi punt om even uit te rusten en me aan te staren, net als de voorbijgaande kinderen die in groezelig schooluniform op weg naar school liepen. Ik deelde wat Ikea potloden uit en men was vriendelijk en nieuwsgierig.

De akkertjes zien er allemaal even goed verzorgd uit. Geen onkruid, netjes aangelegd en onderhouden, hier wordt duidelijk een hoop werk ingestoken. Het landschap is ook erg schoon, zelfs langs de straten. Geen zwerf vuil (plastic zakjes zijn in het hele land verboden), geen lege flessen. Spik en span.

Kon weer rijden zonder hevige scheuten pijn in me rug. Het bleef wel pijnlijk maar er zat duidelijk verbetering in.

IMG_2091 _Medium_

In Kigali vond ik de One Love Club, de enige campsite in heel Kigali. Je zou bij de naam een hoerenkast of zo verwachten maar niets was minder waar. De naam doelt op het werk wat deze organisatie doet. Ze hebben hier een prothese kliniek en een deel van het geld wat ik aan kamperen bestede, gaat naar deze kliniek. Er liepen dan ook veel hinkende mensen rond maar iedereen was super aardig.

In de middag pakte ik een mini busje naar het centrum, 3 kilometer verderop. Kigali is gebouwd op heuvels en de wegen zijn dan ook nooit vlak maar wel erg goed. Het verkeer is georganiseerd en bedeesd. De Hyunday coasters die ze als bussen gebruiken zijn modern, er mogen zelfs geen mensen in staan. In het centrum de grote ‘Place la unité ‘ met daaraan een groot winkelcentrum (voor Afrikaanse begrippen). Ik bezocht de supermarkt die verbazingwekkend goed en modern was (de prijzen ook natuurlijk). Het zag er fris en netjes en goed verlicht uit, alles was er te koop, veel meer dan in Tanzania. Dat had ik niet verwacht. Kocht wat Rwandeze koffie (die uitstekend was), yoghurt en poets middel voor de vloer.

\r\n\r\n


\r\n\r\n

\r\nHer en der lagen de benen in het rond


\r\n\r\nNam daarna een bakkie in de er naast gelegen Bourbon coffeeshop. Een westerse aangelegenheid met gratis wifi. De koffie was lekker maar heel duur (3 euro voor een bakkie) dus benutte de internet verbinding ten volste. Hierna liep ik wat rond in het centrum, alhoewel dat niet zo veel voorstelt. Kreeg onder het lopen van alles onder mijn neus geduwd. Een interessant ding was een 32Gig usb stick die ze me, na lang aanhouden voor 8 euro wilde verkopen. Dat was interessant maar ik vertrouwde het niet helemaal, ondanks dat het in ongeopende originele verpakking zat. Liet er een uitpakken en liep er mee naar een internet café en inderdaad, het ding was zo dood als een pier. Terug bij de verkoper (ik had nog niet betaald) gaf ik hem het ding terug en hij verlangde 2 euro voor het openmaken van de verpakking. Haha, de grapjas, liet hem lachend achter me.

\r\nNu ik een dag hier in Rwanda ben vallen me diverse dingen op. De hoeveelheden mensen waar ik het al eerder over had. Ik heb nog geen plekje zonder mensen gezien. Verder de goede wegen en moderne hoofdstad. Het afwezig zijn van die stomme snelheid drempels waar je in Tanzania om de kilometer mee te maken krijgt. De gezichten van de mensen, die wat veranderen van de ronde Afrikaanse hoofdjes naar de wat spitser toelopende tronies. Groot hoofd en wat smallere kin. Een wat meer druppel vorm. Teken dat ik in de buurt van Ethiopië kom. Ook hier de aanwezigheid van de dikke hulpverleners auto’s, die je al van verre herkent door hun grote lange antenne voorop de auto. De hoeveelheid vracht fietsers op de weg die enorme trossen bananen sjouwen of diverse jerrycan met water. Hierdoor rijd je eigenlijk alleen maar midden op de weg, wat op zich niet erg is want veel verkeer is er niet. Ook heel ernstig is dat je hier ineens weer rechts moet rijden. Niet dat er ook maar een teken of bord bij de grens stond, ik moest echt na 500 meter rijden stoppen, om het iemand te vragen. Dat wordt ook weer even wennen. Ook opvallend is dat je hier veel meer mannen het werk ziet doen. Zijn het in veel Afrikaanse landen de vrouwen die het zware werk doen, hier zijn de mannen ook weer present bij akkerwerk, grasmaaien langs de weg, of bouw projecten.

\r\n


\r\n\r\n

\r\nHoofdstad op een heuvel


\r\n\r\nRwanda is half zo groot als Nederland en telt officieel 12 miljoen inwoners. Het land is ook erg bergachtig dus niet alles is bewoonbare grond. Vandaar ook de hoeveelheden mensen. Vind Rwanda toch wat vreemd, 15 jaar geleden hakte de ene helft van de bevolking de andere aan gort. Mensen lieten vrienden hun eigen familie vermoorden en deden de meest bloeddorstige dingen die ik ook uit bijvoorbeeld Cambodja nog ken. Die herinneringen moeten iedereen toch nog vers in het geheugen liggen. Aleen al het aantal mensen wat benen of armen mist is duidelijk aanwezig, elke keer toch weer een herinnering aan de bloedbaden van toen. Veel van de mensen die gemoord hebben lopen gewoon nog rond. Die zijn niet helemaal goed bij hun hoofd en zo’n gast kan je toch gewoon nog tegen komen in het donker, dat geeft me toch een beetje onrustig gevoel.
\r\nHet land is erg vruchtbaar en die grond die niet voor bewoning word gebruikt word bebouwd. Veel bananen, rijst in de dalen (waar er water is), cassave, mais, aardappelen, ui, tomaat, koffie, heb het allemaal zien groeien. Wel alles op kleinschalig niveau.
\r\nVerbleef twee nachten bij de one-love club. Had dat eigenlijk niet gewild wat de plek ligt tussen twee aanvoerwegen in en is lawaaiig. Maar men had een douche met bijna warm water via zo’n enge elektrische douchekop. (In Tanzania bij Sunrise Beach was daar vorig jaar een Engelsman door geëlektrocuteerd en had 6 maanden ziekenhuis nodig om er boven op te komen). Ook had ik stroom, die, in tegenstelling tot de meeste delen van Afrika, niet om de haverklap uitviel. En ik had nog wat typ werk over Tanzania in te halen dus dacht, ach, doe nog maar een dagje extra.
\r\nDom als ik was (lees Tanzania verhaal) liet ik een portable harddrive uit mijn poten vallen. Pats, kapot. Hierop stonden 100.000 boeken, gelukkig vond ik een backup. Hoe belangrijk die zijn bleek toen ik wat later mijn reisfoto’s die ook vanaf 2003 wilde bekijken. Die staan ook op een portable harddrive, ik heb ondertussen bijna 40.000 foto’s, veel filmpjes en sinds Tanzania ook een camera op mijn auto die de hele rit elke dag registreert. Kost ruimte, dus op mijn gewone PC is dat niet te doen. Bij het aansluiten van de portable harddrive kreeg ik de melding dat ie ook niet meer werkte en ik de boel eerst moest formateren. Even was ik bang dat al mijn foto’s weg waren, gelukkig had ik ook hier van een backup (pfew).

\r\nDeed de volgende dag een poging mijn website te updaten maar kreeg allerlei vage meldingen dus liet dat maar voor wat het was. Bezocht het prothese centrum waar ik pal naast geparkeerd stond. Er werd me, wat summier uitgelegd hoe ze te werk gaan. Maar tussen elke zin droop er de ‘geef ons geld’ rethoriek tussen uit. Toen ook nog eens de zeer aardige Teresa, die de administratie deed, ging lopen zielig doen en me oude vergeelde foto’s onder me neus duwde van haar zoon die rug problemen had vond ik het wel welletjes. Men doet hier goed werk hoor, daar niet van. Zeker na de genocide van 1994 had men handen vol werk door al die afgehakte ledematen. Nu voorziet men echter vooral verkeer ongeluk slachtoffers van verse ledematen. Ook waren er veel diabeten die ledematen verloren. Vond dat een beetje een vreemd verhaal maar men vertelde dat de platteland doktors diabetes niet herkennen of niet weten wat men er doet, en in goed Rwandese gebruiken hakt men dan maar een been of arm af. Mmm, herinner me er aan in Rwanda niet naar een doctor te gaan. Als ik pijn aan me teen heb hakt ie me hele been er af.
\r\nOverigens is er na de genocide wel het een en ander verandert in Rwanda. Het is nog steeds geen top toeristische attractie. Daardoor is de toeristische infrastructuur beperkt tot wat dure hotels. Campsites zijn er vrijwel niet dus het is wat behelpen in dit land. Maar het heeft zeker de potentie en met wat vol houden zal dat vast wel goed gaan komen hier.

\r\n\r\n


\r\n\r\n

\r\nPlanken met de hand uit de boom gezaagd, kaarsrecht


\r\nDe nieuwe regering heeft het klasse systeem van Hutsi en Tutsi afgeschaft. Op de nationale identiteit kaart staat dan ook niet meer tot welke stam je behoort, men is Rwandees, en niet anders. In de hoofdstad Kigali is men hard bezig met bouwen van grote kolossale kantoor gebouwen en de regering probeert hard het land weer van de grond te krijgen. Niet zonder succes moet ik zeggen. Met een goede infrastructuur en vruchtbare grond, goedkope arbeid en politieke en sociale rust kan men het hier ver brengen. Mensen zijn vriendelijk en relaxed. Op een na. Dat was een jongetje van een jaar of 15 die langs de weg zat en me aan zag komen rijden. Hij had een grote machete in de hand en toen hij me aan zag komen rijden sprong hij op, zwaaide met zijn machete en maakte keel-door-snij gebaren. Ik ben maar niet gestopt maar vond het wel ernstig.
\r\nGoed ik wauwel weer, dus op naar zaterdag de 10e. Ik wilde graag de twee genocide monumenten bezoeken die zuidelijk van de hoofdstad liggen. Had de dag er voor geld gewisseld (werkende pin automaten heeft men hier niet) en vertrok naar het zuiden, weer over uitstekende weg. Het is opmerkelijk hoe goed de wegen hier geconstrueerd zijn met goede water afvloeiing en, in de bergen, stenen muren tegen vallend puin. Alleen hebben ze overal vergeten stoepen aan te leggen zodat de iedereen op straat loopt.
\r\nTankte diesel (erg duur, 1000 Rwanda Franc per liter) en vervolgde mijn weg naar Nyatama. Daar aangekomen zag het er verlaten uit. Een groot modern gebouw op een heuvel. Na wat zoeken naar de ingang, bleek het een kerk te zijn. Wij werken niet in het weekend , kreeg ik te horen (God werkt toch altijd?) en ik kon weer vertrekken. Zo snel geef ik niet op, dus reed 20 km verder door naar Ntarama. Hier was ook een monument en kon ik wel binnen, alhoewel de bewaker eerst de sleutel ergens moest gaan zoeken. Binnen trof ik aan een schouwspel aan wat nog wel even op mijn netvlies zal blijven staan. In de kerk zaten 4500 vluchtelingen. De milities waren er in de nacht binnen gedongen en hadden alle 4500 man met machetes, stokken en stenen vermoord. De kleding van deze 4500 mensen lagen opgestapeld op de kerk banken, zo ver het oog rijkt. De overblijfselen lagen in twee grote kelders achter het gebouw. Rijen met schedels en botten, vele schedels met gaten. Brrr, onvoorstelbaar wat hier gebeurt is. Wat mensen elkaar aan kunnen doen. De horror van die nacht, de ellende, het zal me lang bij blijven. Ik werd er deprie van en bleef niet lang. Mocht nog de kelder in om nog meer botten en schedels te zien maar dat liet ik maar achterwege. Had mijn portie wel weer gehad.

\r\nMen is hier over het algemeen katholiek. Getuige het T-shirt van een vrouw: Pray hard or go home. Leuk.
\r\n\r\nReed door, weer terug via Kigali richting het oosten. Wilde het Kivu meer zien om zo, via een rondje, naar het noorden, naar het Nationale Park Vulcano’s. Wilde daar berg Gorilla’s gaan bekijken. Mijn doel voor die dag, Kibuye, was niet eens zo ver weg maar de prima weg kronkelde, steeg en daalde tussen de 1200 en 2400 meter, alsof het een achtbaan was. Had er de hele dag voor nodig maar het was prachtig rijden door de groene bergen. Weinig verkeer, prachtige vergezichten en ik genoot volop. Jammer dat er geen rustig plekje was om te kamperen anders had ik zeker nog meer genoten. Die keren dat ik stopte voor lunch of koffie had ik onmiddellijk weer starende mensen om me heen. Vooral de kinderen zijn irritant want die beginnen onmiddellijk de enige Engelse woorden die ze kennen te brabbelen : Give me money. Dit ondanks dat bedelen per wet verboden schijnt te zijn.
\r\nTegen de avond belande ik in Kibuye, wat op zich niet veel bijzonders was, qua dorp dan. Had een adres van een campsite maar die bleek niet meer te bestaan. Vond mijn heil in het Holiday Hotel waar ik op het parkeerterrein voor 13 dollar de nacht mocht doorbrengen, pal aan het meer met een mooi uitzicht.
\r\n\r\n


\r\n\r\n

\r\nLake Kivu, groen zoals heel Rwanda


\r\nHad dorst van het dagje rijden en vroeg om een biertje. Dat had men wel, een Primus. Lokaal biertje, voor 1000 Rwanda Frank. Ik betaalde en de man haalde me toch een fles uit de ijskast. 0,75 liter. En zo koud dat het bevroren leek. Met uitzicht op het meer dronk ik het halve biertje op, het was gewoon te veel.
\r\nDe volgende dag was het nog steeds bewolkt en druilerig dus besloot verder te rijden. Wilde eigenlijk langs het meer oprijden maar bij de afslag aangekomen was het geen teer maar een zand weg. Heb overwogen die toch te nemen maar de donkere wolken zagen er dreigens uit. Op een zandpad met regen, in de bergen, das vragen om problemen en een betje mismoedig pakte ik toch maar weer de gewone weg terug naar Kigali. Daar spendeerde ik de nacht weer in de One-Love club, om de volgenmde ochtend koers naar het noorden te zetten.
\r\nHet was maar 110 km naar Kirigingi maar de weg was wederom bijzonder heuvelachtig. Het draaide en steeg en daalde maar de omgeving was wederom schitterend. Overal akkertjes met van alles en nog wat. Mais, aardappel, bonen en casave waren sterk over vertegenwoordigt. Naarmate ik bij Kiringi in de buurt kwam waren er eigenlijk alleen nog maar aardappel velden die er allemaal bijzonder goed bij lagen. De weg steeg naar de 2000 meter en de laatste 20 kilometer voerde over een smalle geasfalteerde weg. En wederom overal mensen. Op de toch al smalle weg liepen duizenden Rwandezen met grote zakken op hun hoofd, hele troepen schoolkinderen, fietsen met drie of vier 50 kilo zakken aardappelen, mensen hingen rond langs de straat en kinderen. Zo veel kinderen. De wat grotere gaan in de ochtend naar school maar de kleinere zitten allemaal langs de kant van de weg, te staren naar de schaarse voorbijkomende auto. De kreten van MUZUNGU !!! en Hello, wisselde zich af met ‘give me money’ ‘I am hungry en andere onverstaanbare zaken.
\r\nIn Kinigi aangekomen vond ik het Kinigi guesthouse en ik mocht op hun parkeerterrein kamperen voor 4 dollar. Iets verder op zat het hoofdkwartier van het ‘Nationale park Vulcanoes’ en dat was ook mijn doel. Liep dus na het parkeren vrolijk naar het hoofdkwartier om te kijken of ik de volgende dag de berg gorilla’s zou kunnen bezichtigen. Ik kreeg als antwoord dat ik de volgende dag om 7 uur in de ochtend langs moest komen, pas dan kon men zeggen of er plaats was. Liep daarom in de middag wat rond langs de aardappel velden. Sprak wat met lokalen het eeuwige gezeur om iets komt na 3 zinnen al weer boven, dat was dus van korte duur.
\r\nKinigi ligt op de grens met Congo. 4 of 5 grote vulkanen vormen de grens en op de hellingen van deze vulkanen, die dicht met oerwoud zijn begroeid, leven nog een aantal berg gorilla families. Waarschijnlijk een stul of 12, zo ver men weet. Een aantal van deze berg gorilla families kan je dus bezoeken/bekijken. Het kost een aardig sommetje, ik heb lang getwijfeld of ik dat er wel voor over had. Had eigenlijk diep in mijn hart al besloten dat ik het wel zou doen. Ook hierdoor al de dure Goro-Goro krater en Serengeti parken in Tanzania overgeslagen. Je moet een keuze maken nietwaar, het geld groeit me helaas niet op de rug. At die avond in het guesthouse (hele vage kip met kaas, maar wel lekker) en ging vroeg slapen om de volgende dag om 7 uur paraat te zijn.
\r\n6:45 melde ik me, met auto, bij het hoofdkwartier. Het stille kantoortje van de vorige middag was omgetoverd tot een toeristische happening. Om 7 uur begon er een groep Rwandese dansers op trommels te stampen en dansen uit te voeren. Heel erg fraai en goed verzorgd, leuke muziek en mooie lokale kleding. Er was heerlijke koffie (en thee) en om kwart over zeven kreeg ik te horen dat er een uitvaller was en dat ik mee kon. \r\n

\r\n\r\n

\r\nHij had er plezier in

\r\nZoals gezegd zijn er diverse Gorilla families en ik mocht de Umubano familie bezoeken (het klinkt net alsof ik op familie bezoek ga). Alle teristen werden zo opgedeeld in groepen. Ik had sinds Nederland nog niet zo veel blanke huidjes gezien. Er zijn ook trektochten naar ‘golden monkey’s’, vogels kijken tochten en nog iets wat ik even kwijt ben. Elke groep kreeg zijn gids, een tracker (om de dieren te zoeken, want die blijven natuurlijk niet op een plek zitten) en een leger mijnheertje met een AK 47 ter bescherming. Niet alleen tegen dieren (er zitten ook buffalo’s en olifanten) maar omdat we eigenlijk een stukje Congo in zouden lopen en daar is het niet altijd pluis. In mijn groep zaten twee andere Hollanders, 3 Duitsers en 2 Oostenrijkers. Van de Hollanders kreeg ik een lift van het hoofdkwartier naar het loop start punt. Daar was ik erg blij mee want het bleek een bijzonder slechte weg te zijn, die men begaanbaar had gemaakt door er grote stenen over heen te smijten. Dat zou mij zeker 2 uur gekost hebben, met de jeep koste dat slechts een half uurtje. Aangekomen bij het startpunt aan de voet van de vulkaan stonden er voor diverse mensen dragers klaar, iedereen kreeg een grote lange houten stok en hoppa, lopen. Het eerste half uur steeg het pad tussen aardappel velden door van 2600 naar 2750 meter. Goed te lopen, alhoewel de kinderen irritant waren. Vanuit alle uithoeken werd er ‘Hello’ naar je geschreeuwd. Dat bleven die kids vol houden tot je terug riep of zwaaide,, waarna dan de volgende Engelse zijn volgde. ‘Give me money!!” galmde het regelmatig tussen de heuvels.
\r\nNa een half uur bereikte we de grens van het nationale park. Daar kwam een einde aan de aardappel velden. Lokalen hadden er een grote muur van opgestapelde stenen gemaakt om zo de dieren uit het park te weerhouden hun aardappel velden te plunderen. De jungle begon dan ook plots en was intens dicht. Het pad veranderde in een smalle moddergeul van 20 cm breed, de planten overgroeide het harder dan de toeristen het plat konden lopen. Het klimmen begon serieus en doordat alles modderig was, was het glad. Er was niks om je aan vast te houden vandaar dat de lange stok uitkomst bracht om je toch wat houvast te geven. De brandnetels prikte steeds door mijn broek heen en de modder zette zich vast onder mijn schoenen. De overgroeiende planten hielden steeds mijn poncho vast, dat maakte het lopen nog moeilijker. Vaak werd er halt gehouden om te kijken welke richting we moesten, maar het was bijna claustrofobisch, een groene muur zo ver je kon zien. Al glibberend, zwetend, af en toe vallend, glijdend en vloekend bereikte ik 2900 meter hoogte. Officieel was dat 400 meter over de grens de Congo in. Daar vlakbij had de tracker, die ver voor ons uit was gelopen, de Gorilla familie ontdekt. 50 meter onder de plek moesten we tassen, stokken en bepakking achter laten, alleen de camera’s mochten mee. Ondertussen had de tracker door de dichte planten groei een weg gehakt. Omdat we nu over planten stengels en bladeren liepen was het nog eens extra glad en zonder stok was het balanceren op de stele helling moeilijk, zwaar en gevaarlijk. Maar alle moeite werd beloond. Plots doken er, tussen de groene planten, een aantal zwarte figuren op. De Gorilla familie. Aangevoerd door de zilver rug Charles, bestond de familie uit 4 vrouwtjes (waarvan een met kind), de big Boss Charles (een enorm beest) en nog een ander mannetje dat zich afzijdig hield.\r\n


\r\n\r\n

\r\nHij leek wat op mijn vader als ie zich een week niet scheert


\r\n\r\n De gorilla’s lagen te luieren in de dichte begroeiing. Charles deed een tukje en de vrouwen lagen lui languit in de struiken, zichzelf te krabben of breeduit te gapen. Veel activiteit was er niet. De beesten leken zich niet aan ons te storen ondanks dat we op zo’n 5 meter afstand van ze stonden. Heel af en toe stond er een gorilla op om dan met een luie rol in de verse bosjes 2 meter verderop te gaan liggen. En zo stond ik een uur lang tegen een steile helling de beesten te observeren. Hun mimiek deed me aan een familielid van me denken (ik noem geen namen) en de luiheid van beesten ook trouwens. Het was een machtig schouwspel ondanks dat er weinig gebeurde. Charles was reusachtig, een spierenbundel waar Arnold Schwarzenegger in zijn hoogtijdagen een puntje aan kon zuigen. Moet je geen ruzie mee krijgen, maar er straalde niks agressiefs uit het beest. Af en toe gromde hij eens, en dan gromde de dames terug. Een soort van ‘grom-gaat alles goed’, ‘grom-ja alles goed’ communicatie.
\r\n

\r\n\r\n

\r\nArnold aap.


\r\nNa een uurtje staren werd het tijd terug te keren. Gelukkig had ondertussen de zon de modder wat doen indrogen zodat dat in een sneltrein vaartje ging en onder de luide stemmen van ‘Hello- give me money’ keerde ik weer terug naar de parkeerplaats.
\r\nMoe keerde ik terug bij mijn auto, kocht een halve kilo Rwandese koffie en parkeerde mijn auto bij dezelfde geusthouse als de nacht daar voor. In de middag verschenen Tamin-Lee en Justine, als ook een Argentijn en een setje duisters, in no time zat mijn auto vol en vlogen er kopjes thee in het rond. Soms is het best leuk gastheer te zijn nietwaar.
\r\n\r\n

\r\n\r\n

\r\nEten en slapen, dat doen ze veel


\r\nReed de volgende dag terug naar Kigali. Stopte op een , hoopte ik, verlaten plek, voor de koffie maar al snel kwamen er een paar dreumels aan zetten. Ik vermoed jongetjes, tussen een jaar of 3 en 8. Ze zeiden niks maar staarde me aan. Ik deed geen moeite aardig te zijn, wist toch wel wat er zou komen. Maar engels spraken ze niet, dat leren ze hier pas in de bovenbouw. Toen ik weg reed konden ze ineens wel praten, en zowaar Engels. ‘I am hungry’ schreeuwde ze in koor. Dat geloof ik niet, dus ik negeerde ze, maar bij het wegrijden zag ik dat er een een steen oppakte om te gaan gooien. Stapte snel uit en joeg ze over de helling naar benee. Tuig.
\r\n\r\nVervelende van dat soort ervaringen is dat je een heel land gaat oordelen op de acties van een enkeling. Ondanks dat ik weet dat je dat niet moet doen, doe je het toch. Kut land met kut kinderen is dan je oordeel van zo’n land, terwijl er waarschijnlijk ook aardige tussen zitten. Je moet dan ook oppassen je oordeel over toekomstige ontmoetingen niet te laten bevooroordelen door dit soort ervaringen, maar je doet het onbewust toch.
\r\nKeerde terug naar Kigali. Deed wat boodschapjes. Onderzocht nog een alternatieve camping. Hotel Pallis of zoiets, vlak bij het vliegveld. Maar toen de manager begon te zeuren dat hij mijn fiets wilde hebben had ik het daar snel gezien. Parkeerde maar weer bij de one-love club en vertrok de volgende ochtend richting Uganda. Dat is niet zo ver, 80 km of zo en was dus snel gepiept. De weg was redelijk maar wederom erg heuvelachtig en bochtig. Maar dat maakte het misschien ook extra mooi. Reed twee uur door een dal, een kronkelend riviertje volgend en dichterbij Uganda reed ik door enorme thee plantages. Mooi groene velden en heuvels met kort geknipte thee struiken die er allemaal even goed uit zagen. Tegen de heuvels op mais, aardappelen en andere goed. Een lust voor het oog.

\r\n


\r\n\r\n

\r\nPhotogeniek Rwanda


\r\n\r\nDe grens aan de Rwanda kant was snel beslecht. Na een bezoekje aan Douane, immigratie en politie posten verliet ik Rwanda en reed ik nieuw avontuur tegemoet in Uganda.

\r\nMijn conclusie over Rwanda is niet bijster positief. Het is dat het land zo wonderschoon is en de wegen zo goed, anders had ik het waarschijnlijk op dezelfde hoop als Congo gegooid. Ook hier, net als in grote delen van Afrika zien de lokale de blanke alleen maar als een geld machine, enig ander contact is vrijwel onmogelijk. En laat ze GVD hun kinderen eens opvoeden (en er minder van maken, en hun kleren eens wassen). Jammer, het land heeft veel te bieden. Ik durf haast wel te zeggen dat ik in Rwanda meer staarders heb gehad dan in India, en dat wil wat zeggen. Rwanda classificeer ik qua staarders in de India/Bangladesh/Pakistan groep en dat maakt het land er niet makkelijker op.
\r\nHet bekijken van de Gorilla’s is zeker een hoogtepunt in het land. Als je je over de belachelijk hoge prijs er van kan heen tillen, de moeite waard.

\r\nRwanda hoef ik voorlopig niet meer te bezoeken.

\r\nWat dingen om te onthouden:
\r\nJe hoort officieel via internet een Visa aan te vragen. (http://www.migration.gov.rw/singleform.php) en doet moet je dan minimaal 3 werkdagen voor je bezoek doen. Doe je het niet, kom je het land ook wel in alhoewel de douane dan wat sputtert.

\r\nWisselkoers Rwanda Franc. 1 euro is ongeveer 840 Franc. (670 per dollar) . September 2011
\r\nDiesel koste net boven de 1000 Frank per liter en is in verhouding dus erg duur. Tank vol in Uganda, daar is het een stuk goedkoper.

\r\nFles bier ongeveer 1 euro in de winkel. Men heeft Primus bier, wat goed te drinken is