20090900 – September 2003, Hanoi (Vietnam), Halong bay en de trip terug naar China

31 augustus 2003, Hanoi, Vietnam
Geplaatst op Sunday 31 August @ 16:18:10 GMT+1 door casper

Vietnam is weer even wennen hoor, maar met plezier moet ik zeggen. Het land is druk, op elke vierkante meter gebeurt wat, het is lawaaig, en in de stad erg veel lucht vervuiling, want iedereen, maar dan ook iedereen rijd op een Honda viertakt brommer. Het hele leven gebeurt hier op straat, maar dan ook alles. De winkels rijden in de ochtend hun spullen naar buiten, de restrantjes (vaak 1 tafeltje) zetten hun spullen buiten op de stoep inclusief mini tuin stoeltjes en kook gerei. De brommers parkeren ook op de stoep, dus je snapt dat daar niet meer op te lopen is. Dus dat doe je dan maar op straat, met alle gevaren van dien. Vandaag een brommer gehuurd, en dat is wel een heel andere manier van rijden dan in NL hoor.

Vietnam is druk, alles gebeurt op straat

Omdat het zo erg druk is op de weg, moet je je plek opeisen, dus dat betekend dat als je af wilt slaan, je dat gewoon doet, of er nou een tegenligger aankomt of niet, die moet maar om je heen sturen. Om de een of andere vreemde reden werkt het allemaal wel. Niemand rijd hard, en men kent het klappen van de zweep, dus er gebeurt vrijwel nooit wat. Iedereen tutert voortdurend, vaak meer om te waarschuwen van ‘ ik kom er aan… oppassen’ en alles gaat door elkaar. Voetgangers steken zo over, zonder te kijken, paard en wagen, vracht en personen verkeer, en opa met zijn wandelstok, alles op de zelfde plek. Je kan je dus wel voorstellen wat een puinhoop, maar alles gaat gemoedelijk.

De hocus pocus doktor geneest je midden op straat

En zo komt dit land ook over. Als je over straat loopt zwaaien de dames van de restaurants je al vrolijk van een afstand toe, met een breede glimlach. Het is natuurlijk om je bij hullie binnen te lokken, maar het komt gewoon heel vriendelijk over. Zelfde geld eigenlijk vor alles hier.
Aan de andere kant kan je ook flink genept worden. Zo had ik uit mijn Loney planet boek een Hotel uitgezocht waar ik wilde verblijven en de officieele Vietnamese Airlines bus, waarmee ik van het vliegveld naar de stad ging, had ik dit verteld en gevraagd of ze me daar konden droppen. Dit kon natuurlijk eerst niet, en ze wisten een veel beter Hotel, maar daar trap ik niet meer in, dus poot stijf gehouden. Enfin, ze dropte me af bij een Hotel, er stond geen naam op, dus ik vroeg nog in de lobby bij de reception, is dit het Camellia Hotel? yes yes, it is, welcome, breede lach etc. Enfin, ik ingeboekt, prima plek hoor, niks mis mee, erg mooi Hotel, zeker voor (na afdingen) 13$ per nacht. Enige mindere puntje was dat er geen gordijn in de badkamer hing, dus als ik onder de douche stond kon heel Hanoi me bewonderen (of er nachtmerries van krijgen haha). Toen ik een rondje stad ging lopen, bleek dat het helemaal niet het Hotel was wat ik wilde, maar eentje in een buitenwijk. Grrrrrr, toen ben ik even boos geworden, maar ben wel de nacht gebleven, want ik had al betaald, en dat kreeg ik toch nooit terug.

Ben vanochtend alsnog naar het Camelia verhuisd, onder luid protest van het eerste Hotel. Zo word je dus genept waar je bij staat, het erge is dat ze gewoon tegen je liegen, en dat is minder (heb ik ze ook duidelijk en luid verteld).

Ga morgen voor 2 dagen naar Halong Bay, hoop daar dus over 2 dagen verslag van te kunnen doen. Vertrek dan 3e september in de avond met de nachttrein naar Vinh (ben ik al eerder geweest, heb daar een hele dag op het station doorgebracht, enfin, dat verhaal kan iedereen voor zich lezen als men wilt.) Ik ga me boel pakken, want ik word morgen vroeg om 7 uur opgehaald… leven is zwaar (zucht)….

2 September, Halong Bay, Vietnam
Geplaatst op Tuesday 02 September @ 16:06:41 GMT+1 door casper

Halong Bay is een van de landschappen die op de lijst van beschermde dingen van de UNESCO staat, dus moest erg mooi zijn.
Halong Bay ligt in het noorden van Vietnam, tegen de Chinese grens aan, en is eigenlijk een beetje de delta van de Rode rivier, de rivier die ook door Hanoi loopt en inderdaad rood gekleurd is door de rode aarde waar ze doorheen stroomt. Deze rivier stroomt in de Golf van Tonkin uit, en heeft hele vreemde rots gedrochten gemaakt, dit in samenwerking met eb en vloed van de zee. Ik had een tripje van 2 dagen en een nacht geboekt, met het slapen op een boot, en werd netjes opgehaald bij mijn hotel om 7:15 in de ochtend, met een klein busje. Er zaten al een stuk of 7 toeristen in die bus en onze gids begon gelijk een toespraak te houden. Hij was bijzonder moeilijk te verstaan, want hij had een heel heavy accent.

We werden netjes in de airco bus naar Halong Bay gereden, er werd ons wat info over de provincies gegeven (tenminste, zo ver ik het kon begrijpen). Na een uur of twee rijden werden we bij de eerste toerist trap gedumpt, en dat voorspelde eigenlijk niet veel goeds. Een of andere handwerk plaats, waar je lokaal gemaakte snuisterijen kon kopen, of een drankje kon drinken (tegen behoorlijke prijzen), waar zowat elke bus blijkbaar stopte, want het was een drukte van jewelste (tsing-tsjing, commissie voor de Chaffeur en Gids), maar ik zag weinig mensen kopen.

Na een half uurtje pauze door met de bus, en om half twaalf kwamen we bij de haven van Halong Bay aan. Mijn ergste vermoedens werden bevestigd, het was een gigantische toeristische zooi. Honderden boten die mensen oppikte of afleverde, allemaal om naar dat vreemde natuurlijk verschijnsel te mogen kijken.

In de haven was het een drukte van jewelste om alle toeristen in bootjes te stoppen

Wij werden met z’n 9-en bij een restrantje gedumpt voor een lunch, van rijst en waterige groente en onduidelijke andere dingen. Hierna lopend naar de aanleg plaats, en we beklommen het dek van een houten tweedecks mmm, boot, ja laat ik het boot noemen, maar wel een rare. Het was veel te groot voor 9 personen, dus er kwam nog een andere groep met Vietnamezen bij, die al (vrolijk) kwetterend het bovendek in beslag namen, en hup, afmeren en op naar de natuur verschijnselen.

Voordat we die te zien kregen mochten we nog twee grote grotten gaan bezichtigen. Ik moet zeggen, het waren erg mooie grote grotten, erg mooi uitgelicht ook, maar het was erg warm buiten, en nog warmer binnen, en omdat het druipsteen grotten waren, super vochtig. Je kan je voorstellen toen ik zag dat we een paar honderd trappen op moesten, ik spontaan in een zweetbui uitbarste, die me een paar uur doorweekt heeft gehouden. Met stralen tegelijk. Daardoor is natuurlijk ook die druipsteen ontstaan, door al die zwetende toeristen.

De stalagmieten en tieten waren erg mooi uitgelicht

Verder weer op het bootje, met de bemanning die om de 5 minuten kwam vragen of je een bier wilde drinken, want daar verdiende de boot hun extra geld weer mee. De volgende stop plek was gelijk onze slaap plek (en zwem plek) en die tocht duurde 4 uurtjes, dwars door de vreemde rots vingers die uit de zee omhoog staken. Het is erg moeilijk te beschrijven, je moet maar op de foto’s kijken als die ge-upload zijn.

Hier is ook een James Bond film opgenomen

Om een uur of 4 kwamen we bij een plek aan waar we konden zwemmen (andere plekken waren niet veilig volgens de kapitein, ivm haaien), heerlijk van het schip af geplonst in het warme zoute water. Hierna werd een gedeelte van de mensen van het schip geloodst omdat die in een hotel sliepen (was een slimme move van ze geweest) , en nog voor wij overblijvers ook even het land op konden gaan, was het schip al weer onderweg naar een baai, waar het voor anker ging. Er werd diner geserveerd, verse vis, net gevangen, en rijst en wat groente, niet geweldig, maar het vulde de maag, dit uiteraard vergezeld van een biertje of twee. Er was verder eigenlijk niks te doen op het schip, dus we zaten mekaar een beetje aan te gapen. Een spaans stelletje, een stille dikke Fransman, en een Israelier. Het was ondertussen donker geworden, en de bemanning was al de slaap spullen aan het klaarzetten. Er bleek beneden een paar hutten te zijn, waar we moesten slapen, maar het was er zo warm en bedompt, dat zag ik dus niet zo zitten, en op mijn verzoek werden de matrassen naar boven gehaald en op het bovenste dek neergelegd. KIJK, das nou nog eens lekker slapen, onder een super mooie heldere sterrenhemel (ik zag weer een vallende ster) in een baai, in de zuidchinese zee, met alleen de kabbelende golfjes…..

Lekker ´rustig´slapen onder de sterren hemel

Dat duurde dus precies 10 minuten. Toen kwam er een ander schip aan, die voor anker ging 20 meter van ons vandaan, met een joekel van een generator, die de hele nacht niet uit geweest is. Hoe kan je iemand zijn plezier verpesten zeg.
Voor het slapen gaan nog even in het donker gezwommen, en het leuke was dat er lichtgevende algen ronddreven. Elke beweging in het water gaf dus licht, en dat was een heel raar gezicht, lichtgevende handen en voeten onder water.

Rest van de nacht weinig geslapen, ondanks de mooie sterrenhemel. Het was erg warm, en die K^T generator, daar ergerde ik me aan (en dan kan je niet slapen).

De volgende ochtend om 6 uur ontbijt, van een stuk droog brood, een vet gebakken eitje, kopje vieze thee. Meer kregen we niet, meer was er niet. Om 8 uur kwamen de hotel gangers weer aan boord, en vertrokken we richting bewoonde wereld, waar we om 12 uur weer aankwamen bij het restrantje van vorige dag, en na een 4 uur durende bus rit (en een toerist-trap) werden we om 4 uur in de middag netjes bij ieder´s hotel afgeleverd. Einde reis. Leuk dit gezien te hebben, maar ik moet toch eens wat verzinnen om niet zo’n massa toeristen tripjes meer te doen.

12 September 2003, van Hanoi naar Kumming
Geplaatst op Friday 12 September @ 12:56:41 GMT+1 door casper

Rare mensen die Romeinen, oh nee die Chinezen, maar dat wisten jullie al.

Ik stapte woensdag avond de 10e op de trein van Hanoi naar Lao Cai, een plaatsje aan de Vietnamese/Chinese grens. De Lonely Planet schreef dat er twee maal per week een trein rechtstreeks door naar Kumming in China was, maar iedereen die ik het vroeg vertelde me iets anders. Of de trein was een jaar geleden al gecancelled, de trein reed niet vanwege het regen seizoen, de trein reed wel maar op andere dagen, enfin, er was geen peil op te trekken. Dus ik dacht, ik pak zelf de lokale trein naar de grens, steek de grens over, en dan pak ik een lokale trein naar Kumming. Makkie toch?? Jaaaaa, maar zo makkelijk is het natuurlijk noooit…

De trein reis was voorspoedig. Het was zowaar droog de rest van de avond. De trein vertrok om 10 uur in de avond, wat een prettige tijd is moet ik zeggen. Ik had een top-bunk, dus bovenste bed, en heb eerst nog wat zitten kletsen met een aardig meisje uit Bolivia (die kom je niet vaak tegen uit zuid-amerika) en een stuk of 30 kakkerlakken dood gemaakt (denk, komen die me vannacht ieder geval niet pesten). Na een redelijke maar korte nachtrust om 6 uur opgestaan. Ik had de avond daarvoor aan de conducteur gevraagd hoe laat we aan zouden komen,en die zei rond 6 uur, dus kon maar beter klaar zijn om te vertrekken. Er was weinig te eten in de trein, en vond nog een stuk oud brood in me tas,en na lang zoeken een warm water reservoir drie rijtuigen verder, dus ik kon koffie met brood eten als ontbijt.

De trein kwam niet om 6, maar om 8 uur aan. Tja, wat weten die Aziaten van tijd, niks dus. Ik wist dat de grens een kilometertje van het station was verwijdert. Een taxi brengt dan uitkomst en na veel geharrewar, onderhandelen en duuw en trek werk, achter op een brommer gesprongen die een redelijke prijs vroeg, op naar de grens post.

Het weer was een stuk beter, ik zag zelfs kleine stukkies blauw tussen de wolken.
De vietnamese grenspost was aan de ene kant van de rivier, de Chineze aan de andere, en de brug was niemands land. China had vietnam nog niet zo heel lang geleden aangevallen (eind 70’er jaren geloof ik), dus veel liefde is er niet tussen die twee landen. De formaliteiten bij de Vietnamese kant duurde lang, maar waren niet moeilijk. Paspoort inleveren en wachten. Na 20 minuten kreeg ik hem terug, werd bestempeld, en ik mocht oprotten naar China. Zo gezegt, zo gedaan, brug over lopen, en achteraan in de rij aan sluiten bij de grenspost. Eerst natuurlijk de nodige SARS formuliertjes invullen. Ik weet ondertussen zowaar me paspoort nummer uit me hoofd, ook wanneer en waar die af is gegeven, dat krijg je dan he. Bij de Chinese authoriteit aangekomen, keek die heel vreemd naar mijn paspoort (ze zagen niet veel buitenlanders denk ik). Na 3 minuten zat ie nog te mompelen en ik weet niet wat te doen achter dat burotje, en na 10 minuten dus nog steeds.

Ik werd er verder niet koud of warm van, maar omdat er maar een ventje zat, werd de rij achter mij hoe langer hoe breeder en langer en begonnen mensen te zuchten en zo. Ik ook, want ik had me rugzak nog om, en die banden begonnen na 30 minuten ook weer lekker te snijden. Eindelijk zag de goede man het licht denk ik, en hij stempelde mijn paspoort. ik mocht (na mijn bagage door de X-ray machine gehaald te hebben) door lopen, en werd al gelijk door de eerste taut opgewcht met een ‘ welcome to China’.

Nou ben ik langzamerhand bedreven geworden in het omgaan met tauts (voor nieuwkomers, dat zijn personen die toeristen opwachten om ze van alles en nog wat aan te smeren). Ik gebruik ze (misbruik ze dus) door info van ze los te krijgen, en gooi ze dan aan de kant als een stuk papier. Nouja, beetje overdreven natuurlijk, maar je begrijpt wat ik bedoel. Dus ook deze, nam mij netjes mee naar het trein station (ik wist natuurlijk niet waar dat was) en hij begon al te zeggen, geen trein vandaag. Niet geloven natuurlijk, en bij het station aangekomen zaten alle deuren opslot. Om eerlijk te zijn geloofde ik het nog steeds niet, want de rails lagen er, en zagen er gebruikt uit. En die taut maar vertellen… ja regenseizoen, de lijn is dicht blabla. Ik denk, sure ventje, je probeert me zeker een hotel aan te smeren of zo, dus ik zeg… ik ga naar het busstation, want ik wil naar Kumming vandaag.

Neee, geen bus vandaag zegt ie nog (de vuile huichelaar bleek dus achteraf) maar ik loop stug door, en bij het busstaion aangekomen bleek er om 12:30 een bus te gaan naar een plaatsje halverwege op de weg naar Kumming, dus ik denk, ik neem die, ben ik van die taut af, en ben halverwege onderweg, en als ik dan daar strand, heb ik de volgende dag niet zo veer meer te gaan.

Ik ben weer terug in China. En dit is een schone toilet hoor, de vieze bespaar ik je

Het eerste gedeelte van de trip was fenomenaal, ondanks de zeer slechte bus, en super hobbelige wegen. Het bewijs dat het de afgelopen tijd hard en veel heeft geregend was overal te zien. Er waren meer stukken weg door modderverschuivingen ondergestort dan dat er normale weg was. Het was echt niet normaal, en ik ben blij dat ik er niet in het donker en zeker niet was toen het regende. Soms waren er stukken weg weggeslagen, nou, het angstzweet stond me in me bilnaad af en toe. Het was enorm bergachtig, en de bergweggetjes waren angstaanjagens hoog, verschrikkelijke afgronden, en natuurlijk 0,0 vangrails of afrastering. Ik had af en toe het idee dat het achterwiel van de bus in de afgrond hing. Maaar… mooi was het, en de ene hoge pas na de andere ging voorbij, de ene diepe afgrond na de andere volgden mekaar op. Na 5 uurtjes in die bus, kwamen we aan bij Kaisjou( zo hete het plaatsje geloof ik) en ik wachte op het eind punt waar de bus zou stoppen. Maar de bus bleef maar door rijden, en ik begon ineens te vermoeden dat die bus helemaal niet naar de plek toe ging die ik dacht. Dus ik de Chinese letters voor op de bus gelezen, in de Lonely planet gekeken, en ja hoor,wat stond er voor op de bus : Kumming. Die stink bus ging dus wel naar Kumming, terwijl die stomme taut me steeds iets anders had voorgehouden, in de hoop denk ik dat ik bleef steken bij de grens, en hij aan me kon verdienen.

Onderweg met de hele bus eten, ook de chaffeur dronk een biertje

Ik was natuurlijk blij, want dat betekende dat ik me hele reis in 2 daagjes kon voltooien. De bus reis duurde nog tot 10 uur in de avond, en ik was kapot toen ik aan kwam, maar ik zit nu lekker in Kumming, en een prima Hotel en heb al een treinticket naar chendu in me handen (om vanuit daar door te vliegen naar Tibet)

De wijze les voor vandaag: Hoe erg je denkt een taut te belazeren, hij/zij belazert je harder