20040604 – Juni 2004, Pakistan noord, hoge passen en lekke band

26th Juni 2004. Noord Pakistan, lekke banden en hoge passen
Geplaatst op Friday 25 June @ 06:44:43 GMT+1 door casper

Gefeliciteerd dan maar he. Jaja, ik ben jarig vandaag en aangezien er niemand is om mij de hand te schudden doe ik het zelf maar. En ik geef mezelf ook even een schouderklopje als je het niet erg vind. Zeker zal ik een cake gaan kopen, als ik dat hier kan vinden hoor, want cake en taart heb ik nog niet gezien. Misschien dan maar wat mierenzoete keutels, of ander Pakistaanse lekkernij.

Ik schrijf nu wat verder over mijn Pakistaanse avonturen, ik hoop dat de lezer dit op prijs stelt. Ik zou het op prijs stellen als ik af en toe eens een reactie van een lezer zou krijgen, door een leuk item in het gastenboek, een berichtje in het forum of gewoon een mailtje. Ik heb dat wel nodig hoor, zodat ik niet denk dat ik dit allemaal voor de kat zijn K zit te schrijven. Tuurlijk, ik doe het voor mezelf, maar het is toch leuk als ik zou weten dat anderen het ook waarderen. 18 juni 2004. Van Islamabad naar Madran

Het had afgelopen nacht voluit geregend, geen motregentje dus, de hele camping was een grote modderpoel geworden. Overigens is een camping hier niet zoals in Europa hoor, maar gewoon een omheind stukje grond, dit keer toevallig met wat bomen en zelfs een huisje met sanitair. Te vies voor Europese begrippen, maar je kan je wel douchen en je ontlasting achter laten. Als je wilde douchen (koud) dan had je wel kans dat de 3000 aanwezige muggen je ter plekke leeg zogen, dat moest je maar voor lief nemen. Anyway, ik had geen zin om in die modderpoel te blijven staan en omdat iedereen die ik het vroeg me alsmaar de schoonheid van de ´Swat valei´ aan prees. Deze valei zou mooi en lekker koel zijn en zich en noord westen van Islamabad bevinden, op ongeveer een à twee dagen rijden. Nog snel even wat geinternet. Ik heb net even snel twee lellen van verhalen op de site gesplaatst, ze krijgen een hardaanval thuis als ze dit moeten gaan lezen,
Al kijkend op de kaart besloot ik een ´shortcut´te nemen en zoals zo vaak worden deze goedbedoelde ritjes drie keer zo lang als de normale weg, zo ook nu. I probeerde om via Haripur , Swabi en Madran de valei te bereiken maar ergens halverwege werd ik door een agent terug gewezen en moest ik helemaal terug naar het zuiden zodat ik weer vlak bij Islamabad op de hoofdweg kwam. Na twee uurtjes hoofdweg was het 6 uur en ik had het wel gehad, dus ik zocht een mooi veld uit om rustig de nacht door te brengen. Het was erg warm en ik voelde me erg moe en beetje koortsig, de rust was dus welkom.
Jammer dan, want na 2 minuten kwamen er van allerlei mensen uit van allerlei struiken, benieuwd wat deze vreemde auto was en vooral wat die rare tijger er bij deed (dat was Brox dus). Na een minuut of 10 stonden er een man of 60 in een halve cirkel om mijn auto mij aan te gapen. Ik probeerde wat conversaties aan te gaan, maar niemand die Engels sprak, het bleef dus bij gapen en af en toe een glimlachen om te laten zien dat ik geen kwaaie bedoelingen had. De sfeer was ook niet echt bedreigend of zo, maar dat gegaap van die mensen maakt je wel een beetje nerveus. Ben maar gewoon doorgegaan met het koken van mijn avond eten onder toezicht van zo´n 60 keurmeesters, waaronder een hoop kinderen, iedereen in typisch Pakistaanse kleding. Alles hetzelfde behalve de kleur.

Ik begon lekker mijn avondmaal op te eten, ondertussen was de menigte tot 80 gegroeid. Na een poosje kwam er een man aan die wat Engels poekelde, en dat maakte de boel wel wat makkelijker. Deze man nodigde me uit om mee te gaan naar zijn dorp en daar zijn auto te parkeren want in dit veld was het toch wel een beetje gevaarlijk meende hij. Wat er gevaarlijk was kon ie niet zeggen, het aloude ´van horen zeggen´concept dus. Ik mocht mijn auto op de binnenplaats van een huis midden in het dorp neerzetten, er werd een buitenbed neergezet en zelfs een ventilator en ik mocht, met de meute nu om me heen terwijl ik op het bed zat. gezellig met de dorps lieden keuvelen. Er konden er maar een paar Engels dus dat was voor mij makkelijk, maar iedereen wilde wel wat zeggen, en de Engels sprekende maakte overuren met vertalen.
Zo sprak ik met Jamshed Khan Painda Khel, die een advocaat was in het gerechts gebouw van Madran, goed Engels sprak, getrouwd was met 2 vrouwen en 3 kinderen had. Ook Arshad Khan die voor een Medisch bedrijf werkte kon zijn mondje niet houden. Hij was ook diegene die me een hele mooie pen gaf de volgende ochtend als afscheid cadeau. Ik mocht op een van de buiten bedden slapen, echter omdat het niet erg comfortabel leek (gewoon gevlochten touw tussen twee palen) en ik toch ook wel een beetje privacy wilde hebben heb ik dit afgewezen (jammer achteraf, want in de auto was het bloedheet).
Om een uur of 10 lukte het me eindelijk te gaan slapen, tenminste pogingen daar toe te doen want er bleven mensen om mijn auto heen zoemen, hardop praten en hierdoor gingen de honden in de omgeving weer blaffen. Om 4 uur in de ochtend vond een klein honden pupje mijn auto en ging er van 10 meter afstand hinderlijk naar blaffen, en stopte niet. Het waren honden van de lokalen alhier dus ik dorste geen steen te gaan gooien, al om was mijn nachtrust erg kort en verstoord. Toen ik dan op stond voelde ik me misselijk en koortsig, ik had alleen maar zin in een koude douche, maar die was hier ook niet te vinden.

Zaterdag 19 juni 2004.
Madran naar Saidu Sharrif
Ik had de vorige avond met Dhr Jamshed afgesproken dat ik bij hem thee zou drinken in de ochtend. Ik voelde het al aankomen dat dat niet zomaar thee zou zijn, en zo misslijk als ik was ging ik toch met hem mee naar zijn huis. Ik mocht het huis niet in, er werden voor het huis weer van die veld bedden of camping bedden neergezet. De reden waarom een vreemde nooit het huis van een Pakistani in komt is dat er dan de kans is dat je de vrouwen ziet, en dan heb je en groot probleem in dit land. Je ziet vrijwel ook geen vrouwen op straat, en iemands vrouw zien kan zelfs in extreme omstandigheden leiden tot de dood. Ik was hier van op de hoogte dus ik keek wel uit, en zat rustig op het veldbed voor het huis te keuvelen, toen een paar kinderen met thee, kip, parotha´s en rijst aan kwamen zetten. Ik probeerde zoveel mogelijk naar binnen te proppen, langzaam maar zeker lukte dat wel.
Na het ontbijt reed ik met Jamshed mee naar het gerechtsgebouw (of eigenlijk reed hij met mij mee) en ik moest mijn auto midden tussen de rechters en advocaten parkeren, werd rond geshowd alsof ik de Koning hemzelf was, tig keer thee drinken natuurlijk, handen schudden, iedereen wilde een praatje maken, enfin, het was op zich wel boeiend want het waren allemaal geleerde en geletterde mensen. . Ik kreeg van Jamshed een collega van hem mee met de auto die me de ruines van Takth-e-Bahi ging laten zien. Erg boeiende ruines die een paar duizend jaar oud zijn. Vele van de werelds beschavingen komen uit dit gebied, en waarschijnlijk keek ik naar een van de oudste nederzettingen van deze wereld. Toeristen waren er niet, soms kwamen er wat lokalen vertelde de man, toch was men bezig alles te restaureren. De steile klim naar het Budhistische tempeltje boven op de berg was mogelijk omdat de twee aspirines die ik genomen had goed begonnen te werken.
Na mijn ´gids´gedropt te hebben ben ik verder gereden richting swat vallei, de voortgang ging echter zeer langzaam. De weg was slecht, het was warm, ik voelde me rot, ik had dorst, enfin je kent dat wel, van die dagen dat alles niet lekker gaat. Langzaam maar zeker ging ik in de goede richting, en ik kwam onderweg een kantoor van het PTDC tegen, waar ik een stopje maakte. Immers waren er PTDC hotels door het hele land en hadden ze meestal parkeer en soms zelfs kampeer gelegenheid. Ik maakte een reservering in het dichts bijzijnde Hotel want ik wilde alleen maar liggen en slapen, ik zat er echt goed door. Ik overwoog zelfs even om op het reservering kantoor zelf te gaan slapen, maar de twee kamers die ze hadden waren slecht en vies. Ik wilde gewoon een week lang slapen, dus toch maar door gereden. Bij de zoveelste politie controle stond ik aan de kant van de weg een van de grote boeken in te vullen, iets wat hier heel normaal is, en wat zag ik ineens tot mijn grote verbazing….. Luigi Vespa kwam aankakken op zijn scootertje. Haha wat een gezicht, en wat een bewondering had ik voor hem zeg. Van Italie naar Laos op en neer op een Vespa. Anyway, de dienstdoende agent zag ineens twee buitenlanders en begon gelijk thee aan te bieden, wat we accepteerde want van een agent kan je het niet weigeren. Het duurde wel 20 minuten voor het kwam, ik viel ondertussen zowat in slaap, en terwijl we op de thee stonden te wachten zagen we ineens wat mensen zenuwachtig terugkomen de berg af, en na wat gepraat bleek dat iets verderop de weg werd geblokkeerd door boze bewoners en het hele verkeer dus vast stond. De politie werd er niet warm of koud van en voor mij had het dus geen zin om door te rijden. De Italiaan had daar op zijn Vespatje geen probleem mee en zoemde op een geven moment lustig de file voorbij, ik ging maar achteraan sluiten. De verkeers chaos was niet te overzien (en die zou ik in de komende tijd wel vaker mee gaan maken). Want wat gebeurt er. De weg wordt geblokkeerd. Er ontstaat file. Mensen die achter aan de file aansluiten willen niet wachten en rijden op de andere helft de file voorbij tot ook zij niet verder kunnen en ze dus beide kanten van de rijweg blokkeren. Aan de andere kant van de blokkade gebeurt hetzelfde, en op het moment dat de blokkade wordt opgeheven wil iedereen tegelijk weg. Dat kan dan niet, niemand wil op zij, en de boel staat hopeloos vast. Het is dan wachten op een agent die de boel regelt, en met veel passen, meten en insteken kan men dan auto voor auto weg laten rijden. Dit duurt uren, en het achterop komend verkeer zet de boel daar dan weer vast. Enfin, voor dat ik uit die puinhoop was, was ik een uur of wat verder. Het was wel gezellig, want al het volk stond op straat en een buitenlander is dan altijd leuker dan een lokaaltje. Ik probeerde maar een happy face op te zetten en alles over me heen te laten komen want ik kon er niks aan veranderen.
Eindelijk aangekomen bij het PTDC hotel lonkte de kamer naar me. Helaas hadden ze wel TV, zelfs satelliet TV, maar geen kanalen die via de vijand India binnen kwamen, dus ook geen sport kanaal. Geen voetbal dus vanavond, dat was wel jammer. Deed me middag dutje van 16:00 tot 20:00. Maakte wat eten voor mezelf en voor de hond, sliep weer tot 8 uur de volgende morgen, en na een ontbijtje en een hondenloopje sliep ik weer wat.

Zondag 20 juni 2004
Ik vond het maar het best om vandaag in het PTDC hotel te blijven. Brox ook wel, die zag die airco helemaal zitten en wilde de kamer niet eens meer uit haha. Ik had nog wat koorts en mijn stoelengang was ook van het dunne soort. Het hotel bevond zich in de buitenwijken van Saidu Sharif, er was weinig te beleven hier. Deed dus ook maar weinig, wat slapen, wat rusten, beetje camper opruimen en met de hond wandelen. Dat bracht wel weer leuke ervaringen met zich mee zoals de gast die groen van angst van mijn hond was maar toch heel graag met mij wilde praten. Eerst van een afstandje, later iets dichterbij, en voor ik het wist had ik natuurlijk al weer een uitnodiging te pakken. Hij was medisch student, zijn ouders hadden een groot huis met een mooie tuin, en ze hadden Nederlandse vrienden die hier een huis aan het bouwen waren (o.k., dat was apart).
In de middag regende het licht, de elektra in het Hotel viel natuurlijk prompt uit. Er was niets anders te doen dan een boek te lezen en te lanterfanten. Heerlijk.
Maandag 21 juni 2005
Begon de dag met een lekke band. Had in het Hotel al gezien dat mijn band wat zacht was, en dus een banden ventje bezocht. Dat is hier in Pakistan heel normaal, en ze halen in no time je wiel er af, dan je band, die maken ze met de hand, gooien met de hand de band er weer op en zetten het wiel terug, dit alles voor 50 roepies of zo. Ik wilde nog steeds naar Kallam toe, het noordelijke gedeelte van de swat vallei, maar hoe dichter ik daarbij in de buurt kwam, hoe toeristischer het werd, met ontelbare hotels en guesthouses, druk verkeer en veel toeristen (voornamelijk Pakistaanse hoor). Daar had ik dus eigenlijk niet zo´n zin in en na het bestuderen van de kaart dacht ik erover om rechts af te slaan de Shangla Pass over richting Korakoam Highway. In mijn gids boek stond dat die weg goed was en open van april tot september, daarna was ie dicht gesneeuwd. Ik heb het ook diverse malen nog gevraagd, en iedereen zei me dat die weg goed was. Je snapt het, dit was de engste weg die ik ooit gereden had.
Na het rechts af slaan de pass weg in, veranderde de weg in een zandweg. Op zich niet zo erg, maar deze was van slechte kwaliteit. Hoe verder ik kwam, hoe slechter de weg werd. De maximum snelheid was echt maar 10 km per uur. De pass op rijden was zwaar, maar de andere kant naar beneden was moeilijker. Het had aan die kant net gereden en alles was modderig en glad. Ik moest over wat bruggen waar ik in Nederland nog niet lopend over heen zou durven maar met mijn billen samengeknepen en mijn adem ingehouden ging dat weer goed. Ik heb in 8 uur tijd 44 km afgelegd, de banden, de remmen en de vering hebben het hard te verduren gehad vandaag, maar toch weer gehaald. In Besham aangekomen werd ik opgepikt door een politieman die me aan Inspector Cleauso deed denken, zowel zijn uiterlijk als zijn manieren. Ik moest achter hem aan rijden op zijn brommertje, naar het politie bureau en ik zag binnen allerlei mensen in cellen zitten. Ik werd min of meer bevolen om in Hotel Continental te overnachten want dat was het enige hotel met een overdekte binnen parking en achteraf was ik er wel blij om. Het dorp was een lange weg met aan weerskanten winkeltjes. Ik denk 30 % er van waren wapen winkels. Het spandoek dat tussen twee winkels over de straat was gespannen zat vol met kogelgaten. De mensen keken je aan, net als overal in Pakistan, maar hier voelde dat een beetje bedreigend. Ik ging met de hond lopen, voor het eerst aan de riem, en ik kreeg een hele horde kinderen achter me aan. Het neigde er even naar dat ze met stenen gingen gooien maar ik was slim genoeg om er een kind uit te zoeken die ik dacht dat de brutaalste was en ging daar even een handje geven. Engels sprak men niet, dus met gebaren duidelijk gemaakt dat ie niet met stenen moest gooien maar de hond moest aaien en toen was het ijs gebroken gelukkig. Zo liep ik over de zanderige banken van de woest stromende Indus rivier, met links van me kakkende mensen die tussen de stenen bij de rivier hun behoefte deden en rechts van me een stoot joelende kinderen die achter Brox aan liep. In winter tijd zouden deze zanderige banken ook onder lopen, en dan kan ik me voorstellen dat zo´n kolkende massa hele gebieden kan wegvagen.
Het diner gebuikte ik maar in het Hotel, waar ik een paar onverwachte gasten tegen kwam. Het waren twee westerlingen, die had ik al snel in de gaten, en dan maak je vanzelf een praatje met elkaar als je zo ver van de westerse wereld vandaan bent voel je je toch meer aangetrokken naar elkaar. Het bleek een Zweed en een Amerikaan te zijn (die iedereen vertelde dat ie Canadees was, Amerikaan zijn is toch gevaarlijk hier in dit land) die de K2 beklommen hadden (of een andere belachelijke hoge berg) en nu op de terugweg waren met hun Pakistaanse gids. Boeiend gesprek gehad, maar toch redelijk vroeg gaan slapen want het was een vermoeiende rit en dag geweest.

Dinsdag 22 juni 2004
Ik zat nu op de Karakoam Highway, de weg die in principe naar China loopt, en de weg conditie was natuurlijk 100 keer beter dan gisteren. Ik wilde vandaag terug naar Islamabad rijden. De temperatuur was lekker, het weer was goed, dus dat moest vandaag lukken. Islamabad was een rit van 7 uur met een Pakistaanse bus, dus ik schatte dat op 10 uur voor mij, maar nog te doen. Ik vertrok om 8:30 en het vlotte gelijk niet erg. Ik zat nog steeds vet in de bergen, dus bochtje naar links, bochtje naar rechts, bochtje naar links… etc. Rechte weg kennen ze niet hier.
Rond 11 uur tuterde er een auto en wees naar mijn achterband, dat kon maar een ding betekenen. En ja hoor, na inspectie bleek mijn linker achterband leeg te staan. Gatzie, er zat geen bandenventje in de buurt (er was vrij weinig in de buurt eigenlijk) dus moest ik zelf gaan wisselen. Op zich ook niet zo´n punt, dus wagen goed gezet, krikje gepakt en zwengelen maar. Na 5 minuten kwamen de eerste mensen uit de klei om te kijken hoe en blanke een wiel verwisselde en al snel kreeg ik van allerlei mensen allerlei goed bedoeld advies. Het enige advies wat ik kon gebruiken was waar er een banden ventje was, want mijn reserve wiel was niet op de juiste spanning en ik wilde er niet te ver mee rijden.
Een lokaaltje probeerde me in Urdu (de taal die ze hier spreken) uit te leggen waar de dichtstbijzijnde bandenplakker zat, en met wat aandringen sprong die bij me in de auto om dat te gaan wijzen. Het was maar 2 km rijden en de Pakistaanse banden man plakte mijn band op zijn Pakistaans. Dat betekend…Band er met de hand af, lek vinden, lek plakken, band er weer op, oppompen en dan luisteren en kijken of het lek dicht is. Oops, er zat een tweede lek in, dus het hele procédé herhaalde zich. Nadat hij zo bij het 4e gat was aangekomen vond ik het wel welletjes, dit was al 2 uur later dus, en vroeg hem of ie er niet een binnenband in kon zetten. Dat was zo gepiept. De hele ellende koste me 2,5 uur en 150 roepies, Islamabad zou ik nu wel niet meer halen. Op zoek naar een slaapplek dan maar, en ik kon me het Shell station in Haripur herinneren waar ik op de heenweg getankt had en waar de mensen zo aardig waren. Ik zou er vrijwel langs komen dus ik zou het daar maar gaan proberen. Die mensen bleken inderdaad super aardig te zijn, ik mocht mijn auto op het tankstation parkeren en daar slapen. Er kwam nog wel politie langs die me in eerste instantie verbood daar te blijven, maar met wat babbelen mocht het toch.
Het duurde niet lang of iedereen moest mijn auto van binnen zien, de hond bekijken en wilde met me praten. Iedereen wilde tegelijk mijn auto binnen, maar van dat soort ervaringen heb ik geleerd nooit meer dan 2 man in mijn auto toe te laten want er zijn ook hier mensen die bij het zien van de relatieve luxe in mijn auto vlugge handen en diepe zakken hebben.
Na verloop van tijd kwam er een Engels sprekende jonge man aanlopen die Altaf Ahmed hete. Hij was nog student, de medische kant uit ergens, zijn vader had een apotheek winkel om de hoek en deed iets in het ziekenhuis met een scanner of zo, ingewikkeld verhaal. Maar goed, het was een zeer beschaafde gast. Het vervelende is dat ie alles voor me wilde betalen, van het bakkie thee tot mijn avond eten, en daar schaam ik me dan wel voor want die mensen hebben het lang zo breed niet als ik. Later heb ik zijn vader en vaders winkel nog bezocht. Zijn vader informeerde naar de mogelijkheden voor de jongen om in Nederland te studeren. Ik beloofde dat te gaan informeren.
Altaf kocht wat yoghurt voor me omdat ik nog steeds wat buik probleempjes had, en na een diner van yoghurt en brood en het inpluggen van mijn oordopjes ben ik heerlijk gaan slapen.

Woensdag 23 Juni 2004
Haripur naar Islamabad
In de ochtend vroeg met de hond gaan lopen, wat parotha´s en thee als ontbijt genomen met dank aan de chef van het Shell station, na nog een bezoek aan de diverse kennissen en de nodige kopjes thee afscheid genomen van de Shell mensen en Altaf en mijn weg naar Islamabad voortgezet vanaf 8:30. Het was niet zo heel ver meer rijden dus stopte bij een klein riviertje voor een bakkie en wat schoonmaak werk. Arriveerde zonder bijzonderheden op de camping in Islamabad en bestede de middag aan wat schoonmaken en internetten en dergelijke. Laat in de middag arriveerde er een Duits paar, komend vanuit India, die me een aantal goede tips gaven , ook die over Agonda Beach (waar ik later 3 heerlijke weken zou hebben). Probeerde op het dak te gaan slapen onder mijn nieuw eigen ontwikkelde Bamboe tent met muggen net, maar een onweersbui gooide roet in dat eten.

Donderdag 24 juni 2004
Na een ontbijt van Amerikaanse pannenkoeken, met dank aan de geweldige supermarkten hier in Islamabad, toog ik naar de Indiase ambassade alwaar ik , in een wat minder lange rij als de vorige keer, mijn paspoort achter kon laten voor een visum om dat die zelfde middag op te kunnen halen. Reed vervolgens een uurtje of twee op mijn Vespatje op zoek naar een goede plek om een olie verversing te krijgen. Kon het niet vinden en besloot terug te keren, waar ik in de middag mijn Visum voor India ophaalde en wat boodschappen deed om die avond met de Duitse stel te gaan BBQ´en.