20041200 – Bangladesh en de vele vage ventjes

5 december 2004, Vage ventjes, Brox word gek en return to Cox Bazaar
Geplaatst op Sunday 05 December @ 04:47:47 GMT+1 door casper

Vrijdag 26 november 2004. Vrijdag in een Islamitisch land is als zondag bij ons, er is veel dicht, het land draait op halve kracht en groot voordeel, er is dan weinig verkeer. Ik had me die dag voorgenomen om met de fiets een rondje Khulna te doen, en zo gezegd… zo gedaan. Helaas werd mijn ochtend al wel weer vergald door de vele staarders, en toen ik eindelijk de security guard zo ver had dat ie mensen weg had gejaagd ging hijzelf staan staren als een kop zonder kip. Dat werd al snel gevolgd door de rest van het personeel van het Hotel, dus in no time stond het al weer vol. Dat is wel jammer van dit land, want het vergalt je lol wel een beetje. Toen ik twee jaar geleden hier met de rugzak was, ach, je loopt gewoon weg als het te erg is, maar met een camper, en vooral een hond, is het afzien geblazen

Er kijken meer mensen naar Brox dan naar mij en dat zou op zich wel goed zijn, als ze die hond dan met rust lieten. Maar hoe langer je de hond onder de mensen laat, de meer vreemde dingen ze gaan doen. Het begint met doggie doggie roepen, rare blaf geluidjes e.d. Iets later worden er takjes of steentjes gegooid om te kijken of ie leeft, dan volgen er al snel stukken etenswaar, broodresten en meer goedbedoelde zooi, en als Brox dan opstaat en naar iemand loopt, gaan ze helemaal zenuwachtig lopen bewegen, waarom Brox denk ‘oh, hij wilt spelen’ en pardoes tegen de goede man op springt. Die schrikt zich een ongeluk, de rest ook, men stuift weg, Brox treurig. Weer iemand die niet wilt spelen, en gaat liggen, het hele schouwspel herhaalt zich dan.

Toch een heel stuk met de hond gelopen, helemaal naar de ferry toe, ik denk 4 of 5 km, best zwaar want het was heet, en al dat volk wat je achterna roept of loopt is ook niet alles. Ik leek af en toe wel de rattenvanger van Hamelen, al die mensen achter je aan, lopend, in Riksja, op de brommer, er stopte op een gegeven moment zelfs een bus. Toen ik vanaf de ferry terug wilde keren zei er een lollige riksja rijder van ‘kom in mijn riskha’ , hij zal wel bedoelt hebben, ik er in zitten, de hond erachter lopen, maar ik denk, ik zal hem hebben, en zet Brox op het voeteneind en ga zelf in de seat zitten, grote jongen die mij er nog uit kreeg. Riksja rijder was sportief, ondanks zijn honden angst reed hij me toch terug naar het Hotel, onderweg nog afval vlees van geit gekocht voor de hond. Daar bleek achteraf ook ogen en ballen in te zitten, die heb ik er ff uitgevist. Daarna met de fiets door de stad heen gekruist, ik zag leuke dingen om een plaatje van te schieten, was ik natuurlijk me camera vergeten, toen ik hem ben gaan halen zag ik de hele dag niks leuks meer, altijd hetzelfde liedje. Verder een beginnende verkoudheid geprobeerd te onderdrukken, wel 6 keer onder de douche geweest (de laatste keer dat ik een goede warme douche heb gehad…..ik weet het al niet eens meer maar kan goed 2 maanden geleden zijn), wat aan me auto lopen poetsen want die begint er aan de binnenkant echt groezelig uit te zien, om van de buitenkant nog maar niet te spreken met nog al die vogelkak uit calcutta. Ik had op mijn fiets toch een metaal be-arbeid winkel gezien, gewoon een soort smit die van alles met metaal kan, en ik bracht hem mijn plastiek melitta koffie filter die langzaam 300 barsten en 400 stukken tape had, en vroeg hem of ie dit van metaal na kon maken. Hij keek even, zei jazeker, 100 thakka. Dat is iets meer dan 1 euro, en ik kon vast nog wel wat pingelen, maar vond het wel goed zo, ik kon het om 4 uur ophalen. Ben om half 4 gegaan om de man nog wat aan het werk te zien. Alles gaat met een hamer, een beitel en een stuk spoor rails als aanbeeld. Fantastisch hoe zo een man dat nog kan, in Nederland is zo een beroep al lang uitgestorven. Al tikkend met zijn hamertje en later solderend met een lel van een ijzer wat in de gloeiende kool heet gemaakt werd, maakte de mens perfect mijn filter na. En dat allemaal gehurkt, want de halve bevolking hurkt altijd, maar op een manier zoals wij westerlingen dat niet kunnen. Ze kunnen dat hier uren volhouden, wij krijgen al duizelingen als we na 2 minuten hurken snel opstaan. Men leert dat van jongs af aan, men pist en kakt ook gehurkt en als er wat te wachten valt, dan hurk je.

Weer in het super dure restaurant gegeten, maar dit keer viel het erg tegen. Kreeg mijn voor en hoofd gerecht tegelijk, en op mijn klacht werd appelig gekeken en de tomaten soep smaakte naar iets heel vaags, maar tomaat was het zeker niet. In de avond met een fles bier uit mijn ijskast naar de hotelkamer om een film te kijken op tv, het bier gedroeg zich als champagne dus die ging over de tv en tafel heen (oeps) en de film, ….die heb ik niet gehaald… Zaterdag 27 november 2004. In de nacht werd me verkoudheid ernstig, het liep me links en rechts de neus uit, stomme airco ook altijd in die dure hotels, altijd hetzelfde gezeik.
In de ochtend nog wat lopen poetsen na een brillo metalen schuursponsje gehaald te hebben op de markt (7 thakka per stuk) en koffie met me nieuwe filter gezet. De lift van het Hotel was nog stuk, ik had geen zin om water 6 hoog te gaan sjouwen per trap, dus dat maar achterwege gelaten. Late ochtend uitgecheckt (11:15), richting Jessore gereden en nog in Khulna, na wat bedrijven bezocht en te duur bevonden te hebben, mijn hele auto laten wassen voor 200 Thakka (wat achteraf nog te duur was). Ik vond Khulna weinig veranderd, het bleef een stinkerige rommelige stad. Ze hebben er wel een overdekt air conditioned winkel centrum bij gekregen. Maar wat doen ze daar dan mee? Juist, ze stoppen het vol met dezelfde winkels waarvan er buiten op de hoek al 50 zijn, zetten vervolgens de air conditioning uit, en vinden het raar dat de klanten weg blijven. Naja, de commercie in Asie heb ik nog nooit gesnapt.

Rustig doorgereden richting Dhakka, en dat moest via jessore, waar ik de mensen van de truck-parkeerplaats al half beloofd had dat ik terug zou komen, dus ben ik maar de 20 km omgereden om daar de nacht door te brenegn, achteraf had ik daar weer spijt van, want de mensen massa was waarschijnlijk nog heveiger dan voorheen. Ik voelde me ondertussen grieperig en had ook pijn in mijn rechter zij, mijn neus was rood van het snuiten en hoofdpijn kwam opzetten, dus tegen alle opninies in van iedereen (nee, je moet opblijven, mijn oom moet je nog zien, me zus moet je hond nog zien, je moet naar ons huis komen etc etc) ben ik lekker toch om negen uur gaan slapen (naja, het duurde wel een half uur voor de mensen niet meer op me camper klopte, aan mijn fiets zaten te fruniken of lawaai in het algemeen onder mijn raam liepen te produceren. Maar daarna toch tot half 7 (een record) geslapen).

Krijg trouwens de indruk dat he land veel Muslimmerigger is geworden dan 2 jaar geleden. Het kan ook dat het mij nu misschien meer opvalt, maar ik krijg toch de indruk meer muslim petjes (hoe die dingen heten wete ik niet) en grote baarden te zien, zonder overigens dta dat bedreigend of zo is, begrijp me niet verkeerd. Zondag 28 November 2004. Vandaag was het de dag dat ik naar Dhaka wilde rijden. Avontuur op zich, want ik moest minimaal 1x met een grote ferry mee over de Patna/Ganges rivier heen. Verder hadden verschillende mensen me verschillende wegen aanbevolen, dus het was een beetje vaag hoe ik zou rijden. Met mijn GPS aan, de kaart op schoot en het raam open om te vragen op naar Dhaka uur. Het eerste stuk weg was makkelijk, daarna met wat vragen was het ook wel te doen. Tussen Jessore en Magura werd de weg ineens van een ander type, iets wat ik nog niet eerder gezien had. Het was een soort groffe kiezel waar ze de weg mee geteerd hadden. Als je er over nadenkt snap ik het, want dit is veel sterker en het water kan er door afvloeien, maar het rijd voor geen meter. Alles schud en shaked, was nou net wat ik NIET nodig had. Helaas geen keus, dus maar de snelheid beperkt tot 40 en door gereden. Opvallend was (en is) dat in Bangla je ALTIJD mensen ziet. Ik zocht een rustig plekkie om me toilet inhoud even te dumpen, maar het duurde 2 uur voor ik wat vond, snel stopte, boel leeg gooide en weer door scheurde, want de eerste gapers kwamen er al aan. (terwijl ik dit typ staat een vent me al minstens 10 minuten gigantisch aan te staren door de half dichte deur). Overal lopen mensen, op het platte land ook, in de stad is het overal mierenhoop, onvoorstelbaar.
Een voordeel heb ik toch ontdekt van al die starende mensen, en dat is als je de weg wilt vragen, stop maar gewoon, al is het in het midden van niks, binnen no-time heb je mensen om je heen om de weg te vragen.

In Magura aangekomen draaide ik Highway 7 op, er stond zowaar voor het eerst een bord ook in het Engels, en de weg verbeterde, maar de verkeer intensiteit werd ook gelijk 10x zo veel, en de bussen en vrachtwagens maakte het rijden er niet prettiger op helaas. Het is 45% bus, 45 % vrachtwagen en de rest pickupjes of jeeps, en vermenigvuldig dat met 3, dan heb je het aantal fietser met laadbak die ook een weghelft in beslag nemen, en das reuze gevaarlijk.
Ik voelde me nog steeds wat grieperig, en besloot rond 12 uur te tanken om dan op het tankstation even een dutje te doen. Dat duurde precies een half uur, toen begon het geklop op de auto weer (wat irritant zeg) maar had toch effe de oogjes dicht kunnen doen. Daarna de weg naar Dhaka vervolgt, onderweg nog even gestopt voor een bakkie soep, maar de staarders maken dat dan weer erg ongezellig. Plots kwam ik bij het GHAT aan zoals dat hier heet, de haven voor de ferry boot naar de overkant van een joekel van een rivier. Ook hier weer de gebruikelijke puinhoop van 30.000 restaurantjes en winkeltjes, die allemaal hetzelfde verkopen, iedereen roept of wenkt je naar binnen, er staan zelfs mensen met fluiten midden op de weg om je zo gek te krijgen bij hun wat te gaan eten. Dit allemaal in de 1 km aanloop naar de oprit van de Ferryboot. Er stond ook een vaag ventje met een papiertje te zwaaien naar me, maar ondertussen trap ik daar niet meer in, sterker, ik kijk er niet eens meer naar en rijd gewoon door. 100 meter verder kwam ik in de wachtrij van auto’s te staan, en 3 min later kwam vage ventje met zijn ticket aangehold, helemaal buiten adem. Ik snapte wel wat ie zei, maar ik deed natuurlijk alsof ik dom was, maar het kwam er op neer dat ie vond dat ik een soort haven belasting moest betalen. Ja doei, daar had ik geen zin in, en ik schudde van nee en ging door met het negeren van die gast. Hij bleef maar met het ticket zwaaien, maar hij sprak geen Engels en ik snapte er natuurlijk niks van, dus dat ging wel goed zo. De rij met auto’s begon te rijden, dus ik reed de boot op, en die gast holt achter me aan, ik denk, nou, zou ie dan toch serieus zijn? Op de boot aangekomen was er een man die wat Engels sprak, en die zei dat ik 100 thakka belasting moest betalen. Ik zeg doei… doe ik niet, belasting is voor lokalen, niet voor buitenlanders en daarbij, blufte ik, is dat een ticket voor vrachtauto’s en ik ben een personen auto. Mmm, daar moest vaag ventje over denken, maar al gauw ging de prijs naar 40 thakka, ik denk, nou ja, ben ik van hem af, voor die halve Euro, tegen mijn principes maar vooruit. Ik betaal die gast, hij loopt weg, en de conducteur van de boot komt er aan. Of ik maar even 700 Thakka ferry kosten wil betalen. Ik zag niemand verder betalen, dus ik schud van nee, draai me om en loop weg. Schip in rep en roer, mensen achter me aan, nou ja, hetzelfde liedje als voor heen, ik moest wel betalen, maar het uiteindelijk op 300 Thakka afgemaakt. Nog schandalig veel maar ik had geen keus.

De overtocht duurde een half uurtje, de meeste mensen deden zich in de kantine tegoed aan rijst met een hele kleffe vies uitziende saus er over, ik heb er maar van afgezien.
Na de ferry kwam er een paar kilometer hele slechte weg, waarna de rest van het stuk naar Dhakka weer goed werd. Had wel het gevoel dat ik omgeleid werd, volgens mijn GPS reed ik niet meer op de richtste weg, maar uiteindelijk, rond 5 uur was ik toch in de vieze stinkstad, waar ik overigens wel leuke herinneringen aan heb. (zal ik me was van 2 jaar geleden nog eens op gaan halen?)
De reden om in Dhakka te blijven was om een Visa verlenging aan te vragen, anders was ik er niet gebleven, de stad heeft voor mij weinig te bieden. Het vinden van een parkeerplek viel erg tegen, en het werd snel donker en dan is het alleen maar nog moeilijker om een plekkje te vinden. 2 uur rond gedoold, tot ik het echt gehad had, rijd er nog een halve taxi zool me spiegel er maar weer eens af (naja, hij zat er nog wel aan, maar niet meer zoals het hoort) en eindelijk een stil straatje gevonden, bleek achteraf dat ik voor de Zwitserse ambassade stond geparkeerd. Kan slechter natuurlijk, voor de Nederlandse bijvoorbeeld haha, die was ook vlak bij zag ik achteraf op mijn kaart.

Een van de eerste vragen die je altijd krijgt is … ben je alleen? Men kijkt dan vol ongeloof, want zo is de cultuur hier helemaal niet. Elke auto heeft minimaal een chauffeur en een passagier, dat is dan de baas, maar meestal ook (en vrachtauto’s helemaal) een technisch hulpje, een tweede en derde chauffeur en een slaafje die de banden checkt bij elke stop, thee haalt, de tol betaald bij bruggen etc. Ik heb ook al mensen genoeg gehad die met me mee wilde, maar ik houd de boot altijd maar af, je weet niet wat je in huis haalt nietwaar, maar het zou inderdaad wel eens makkelijk zijn.

Getankt op km 130410, 33 liter voor 675 Thakka. maandag 29 november 2004 vroeg gaan rijden omdat het in de ochtend nog niet zo druk is in de stad. Al snel het paspoort & Visa adres gevonden wat in de Lonely planet stond, maar na navraag bleek het kantoor verhuisd te zijn. Gadverdamme, had ik daarvoor nou zoveel moeite gedaan om een slaapplek in de buurt te vinden? Gelukkig was er een behulpzame Bengalees die toevallig de kant van het nieuwe kantoor op moest, dus die wilde wel met me mee rijden. Ik dacht nog, die zal wel geld willen hebben straks. Na 15 minuten rijden zag ik aan de lange rijen voor de deur dat ik op het goede adres was, gelukkig was er voor mij een aparte ingang. Ook in pasport office is het een publiek toegang en dus publieke puinhoop. Voor op straat zitten de typers, de formulieren verkoper ventjes, hazzelsers, alle soorten drank en eten verkopers, guards, noem het op. Gewoon je er door worstelen en je vooral nergens aan storen. Formulieren ingevuld, wachten tot om 10 uur het loket open ging. Dat deed het ook, om kwart over 10, ik was als tweede aan de beurt, een dame keek verveeld naar mijn papiertjes, krabbelde er wat op, en gebaarde dat ik naar loket 1 moest. Daar mocht ik, nadat er na 15 minuten nog geen ventje achter het loket zat nog maar eens 2500 thakka neertellen. (het was 2468, maar wisselgeld hadden ze niet) om vervolgens met mijn nieuw vergaard papiertje, naar loket 2 te gaan. Daar was het druk, duwen en schuiven, en achter het loket zat een man verveeld met een andere man te praten, rustig thee te drinken, af en toe eens uit zijn neus of oor te pulken, nu en dan heel boeiend weglopen alsof er iets heel dringends was, om dan pas weer 5 minuten later terug te keren met een voldaan blik in zijn ogen. Maar klanten helpen ho maar. Een half uur later duwde ik hem gewoon mijn papieren onder zijn neus, en na veel zuchten ging er een groot boek open (het leek India wel) er werd wat ingeschreven, ik kreeg een stukje papier mee met bewijs van aanvraag en hij kon nog net ‘8 januari’ zeggen. Dat betekende dus dat ik ieder geval 8 januari in Dhakka moet zijn, maar of ik die Visa verlenging nou krijg, ik weet het niet. Hoop het wel, want op 8 januari is mijn originele Visa al lang verlopen, en als ik dan die verlenging niet zou krijgen zit ik met een vet probleem. Naja, zien we dan wel weer, voor nu heb ik tenminste een papiertje met een stempel.

Snel in de auto, het was al weer 12 uur, en als een scheet Dhakka uit gaan rijden, daar was ik ook nog wel even een uur mee bezig, op naar Cox Bazaar. In eerste instantie was mijn plan Chitagong, maar ik heb even geen zin in grote stinkende steden, en rijd door naar het Strand van Cox. De weg was erg slecht, voor het eerst eigenlijk dat ik dat meemaak in Bangladesh, het was nog wel niet zo ernstig als in India, maar het was geen reclame voor het land. De weg was ook erg druk, en ik reed soms een half uur achter dezelfde stink vrachtwagen, gewoon omdat ik geen zin had in te halen, want daar voor reed gewoon weer een andere stink vrachtwagen
Gestopt in een veld langs de kant van de weg om 16:40. Het is heel moeilijk een plek te vinden, deze was verre van ideaal. Over het algemeen loopt de weg op een soort verhoging, en van die verhoging kan je niet af. Beneden staat over het algemeen water, dat meestal tot rijstvelden omgetoverd of veel viskweek vijvers, maar me auto ergens neerzetten is schier onmogelijk. In vele landen kan je met je auto gewoon een veld op, hier kan dat niet of omdat het waterig is of omdat er gewoon geen 4 wieler toegang is, immers hebben de meeste mensen geen auto. Daarom is er geen toegang tot de velden per auto. Toch dit gevonden en na de staarders weggestuurd te hebben (en ze bleven zowaar weg) eten gemaakt, koffie gezet, dit gaan typen, pilsje gedronken en slaapjes gedaan. Waypoint N 22 56.867 E 091 28.309. Km stand 130752. Woensdag 30 november 2004. Vrij goed geslapen ondanks dat ik dicht op de hoofdweg stond. En, er waren geen staarders, dat was voor het eerst. Ontbeten, rondje gelopen met hond (en dan komen de staarders vanzelf) en toen ik weg wilde rijden vond ik een kaartje onder mijn vooruit van Village Development Funds, met daarop de tekst “ik ben Geert Veendam, uit Holland, welkom”. Haha, dat was leuk, die had dat in de nacht eronder gezet neem ik aan. Ik zal proberen of ik hem op de terugweg kan bezoeken, nu rijd ik door, want als ik vroeg in Chitagong kan zijn, kan ik er snel doorheen rijden. Helaas mocht het niet zo zijn, want na een half uurtje rijden kwam ik weer eens in een mega-file. Ik beruste me er maar in, maar het irritante was steeds dat er bussen op de verkeerde weghelft de boel inhaalde en vervolgens dus voor in de file blokkeerd