20050700 – India (rugzak) en de home office

Juli 2005, India, de home office en stortregentijd
Geplaatst op Wednesday 13 July @ 09:41:50 GMT+1 door casper

Daar zit ik dan weer in India.
Het is nu monsoon tijd (regentijd dus), en dat is te merken. Door de wateroverlast, die je eigenlijk elk jaar hier wel hebt, moet je regelmatig je plannen aanpassen. Naar het noorden gaan (de bergen in) ging niet, er was de afgelopen week erg veel regen gevallen, en dan krijg je dat er stukken weg wegspoelen, of dat er stukken berg de weg op lawineren. Dat betekend dus geblokeerde wegen. Het was blijkbaar dit jaar dubbel ernstig, (maar volgens mij zeggen ze dat ieder jaar), iets verderop de bergen in had het zelfs gesneeuwd en zaten (en zitten) er hele trossen met touristen vast. Leuk als je vlucht naar Nederland of zo gaat en je die daar dus door mist.

Anyway, kwam op 6 juli ondanks een vertraging van een uur op schiphol) toch nog op tijd in Delhi aan. Plaatselijke tijd om 11 uur in de avond. Het regende en donderde tijdens de landing, wat erg veel turbulentie met zich mee bracht en dat is nooit een pretje.
Door douane en paspoort controle heen ging redelijk vlot, maar eenmaal buiten staand, hoosde het op zijn tropisch. De vaste prijs voor een Taxi naar het centrum was 250 roepies, niet al te weinig maar daar is dan weinig aan te doen. Heb het wel geprobeerd hoor. Iemand bood me ineens de rit voor 100 roepies aan, en toen ik mee liep naar die auto begon ik het al niet te vertrouwen. Het was een gewone auto, geen taxi, en de prijs van 100 ipv 250 vond ik wel een groot verschil. Toen er dan ook nog twee man in die auto gingen zitten om me weg te brengen vertrouwde ik het steeds minder, en vermoede ik dat ik waarschijnlijk ergens gedumpt zou worden en de auto met mijn bagage erin snell weg zou rijden. Dus, ik pakte mijn mobiel, deed net of ik een gesprek aan het maken was, en maakte erg hard duidelijk dat ik in die en die auto zat en liet het woord licence plate duidelijk vallen, alsof ik het kenteken door de telefoon door gaf. Plots was ik blijkbaar niet meer interesant, want de besturder wist ineens niet meer waar mijn hotel was, waar de wijk in Delhi waar ik naar toe moest was en vertelde me vriendelijk doch beleefd dat ik maar beter een gewone taxi kon pakken. Dat dus ook maar gedaan, en om half een in de nacht checkte ik in mijn vaste Hotelletje op Main Bazar ParaGanj (Delhi), waar ik heerlijk sliep.

De volgende dag maar besteed aan wat uitrusten, rondlopen en aclimatiseren, wat informeren over waar de home Office was, die ik wilde gaan bezoeken om voor volgend jaar de vergunning te gaan krijgen om naar de grens met Myanmar te rijden. Na wat informeren bleek het officieel ‘ ministry of Home affairs’ te heten, er waren twee vestigingen dus ik kon me morgen uitleven. Ook kwam ik er dus achter dat de boel in Noord India slecht begaanbar was, en ik en bezoek aan het noorden nu wel even kon vergeten.
De dag er na in de ochtend naar het Ministerie van binnenlandse zaken gegaan (tenminste dat lijkt me de juiste vertaling), en bij het eerst adres werd ik doorgestuurd naar het tweede (zoals altijd in India) en met wat navragen, het verhaal paar keer uitleggen en wat aandringen en in rijen staan, bleek dat ik bij ‘ the department of resticted areas’ moest zijn. Wat ik daar aan trof was naturlijk India op zijn best, en wie hier nooit geweest is kan het zich moeilijk voorstellen. Het is een groot kantoor, met een buro of 10, en veel kasten. Overal, maar dan ook overal dor het hele kantoor, grote hoge stapels met folders met papieren, dikke boeken zoals ze ze hier in Azie alleen nog kennen (heten ledgers) en verder een hoop sooi. In het kantoor zaten drie mensen. Een vrouw zat aan de telefoon, een man zat de krant te lezen, en een andere vrouwtje zat een beetje voor haar uit te staren.

Ik verwachte veel problemen, maar nadat ik het verhaal had uitgelegd vertelde mevrouw1 dat het geen probleem was zolang ik het (de vergunning) maar op tijd aan zou vragen. Zo een aanvraag zou ongeveer 3 maanden in beslag nemen, en als ik daar rekening mee zou houden moest het geen probleem zijn.

Een beetje beeduusd verliet ik na 45 minuten het ministerie weer met alle papieren in mijn hand. Ik had gerekend op zeker een halve dag, mischien wel een hele, maar dit was dus even wat anders. India… altijd anders dan je verwacht.
De rest van de dag maar besteed aan het rondlopen in Connaught place, (beetje het moderne centrum, waar veel toeristische winkeltjes zitten) het kijken of ik wat electronisch wensen die ik nog had hier goedkoper kon verwezenlijken dan in Europa (niet dus) en in de avond naar de film gegaan.
Volgende dag (vrijdag?) een ticket voor de trein naar Jhansi gekocht (dat is altijd wel een hele happening hier, een rij met 50 loketten, geen engelse aanduiding, overal lange rijen, vind het juiste loket maar), en daarna niet veel meer gedaan. In de avond naar een Hindi film gaan kijken, er niet veel van gesnapt deze keer, en vroeg gan slapen. Zaterdag de trein naar Jhansi gepakt (voor geintereseerde, trein nr 2002, vertrek New Delhi om 6 uur in de ochtend, prima treintje), na aankomst aldaar de bus naar Kajuraho gepakt, waar ik om 4 uur in de middag kwam en ik dus mijn goede vriend Banti begroete. Wat valt hier in Kajuraho te doen?? NIETS, daarom is het wel relaxt. Alleen maar beetje het Indiase leven gade slaan en beleven, op het pleintje in het midden van het dorp hangen, Chai drinken (mierenzoete thee gemaakt van buffalo melk, water, gember en dus veel suiker), kletsen, hangen, kletsen, meer thee drinken, slapen, eten, en kletsen, dan heb je het zo wel gehad. Omdat Kajuraho een toeristisch plekje is (er staan hier heel erg mooie oude temples met erotische afbeeldingen) komen er een paar keer per dag een of twee tourbussen met toeristen binnen rijden. Het is dan en komisch gezicht hoe deze besprongen worden door de lokale bevolking, die deze groep van zeg 30 toeristen , die net vers uit hun kamer in het Holiday-in of zo komen, van alles proberen te verkopen, en dat uiteraard voor zulke woerkerprijzen dat je er koud van word. Elke toerist, die dan van bus naar tempel loopt heeft minimaal 3 verkopers met zich mee, die hun postkaarten, snuisterijen, gidsen, water of wat dan ook in het gezicht duwen. Als de toeristen dan binnen in de tempels zijn dan komen die verkopers (vaak nog 14 jarig grut die niet naar school gaan) terug met de sterkste verhalen wat ze allemaal verkocht hebben. Het is komisch dat zo te zien en je kan er gerust een paar uur naar kijken.

Ik heb een brommertje gehuurd, beetje rammelbakje van 110 cc, en scheur daar mee wat rond. Liet me verleiden door een paar kennissen die een goede zwemplek wisten, ongever 30 km hier vcandaan, maar dat resulteerde in een dag rijden op de brommer, met z’n drieen (en dat zit niet komfortabel, echt niet), over zandweggetjes met gaten, stof in de ogen en bek, pijn aan de reed, en geen zwemplek. Dat heeft zowat de hele dag gekost.

Zo gauw het weer wat betert (het regent nu weer pijpenstelen) ga ik denk toch weer verder, maar voorlopig zit ik hier wel ok..