20061100 – Khajuraho (India) naar Goa met Jonathan

Eind November 2006, back to mijn stek
Geplaatst op Saturday 02 December @ 04:03:40 GMT+1 door casper

Jonathan is 3 weken met me mee gereisd. Lees hiervoor zijn verslag (het vorige). Ik moet zeggen dat ik het erg gezellig vond, en de ruzie die we verwacht hadden was niet op komen dagen. Tuurlijk zo nu en dan een spanningspuntje, maar zelfs die waren zeer sporadisch, met andere woorden het was erg leuk. Jonathan, bij deze dus bedankt voor je gezelschap, en ook voor de koffie en drop. En… voor je het vergeet, jij bent blank, dus jij hoeft niet te betalen… (onderonsje)
We waren er ondertussen wel achter dat India nooit is zoals je het verwacht, en dat is de kracht (en de ellende) van het land. Ik zeg dat nu niet om iets interessants te zeggen of zo, het is echt zo. Als je verwacht dat je een hoop tol moet betalen, mag je ineens gratis door, en als je verwacht dat je in de avond parkeerplek hordes met mensen naar je gaan staren komt er geen hond opdraven. Het is echt heel frappant maar zeer de waarheid. Daarom is een dag in India vrijwel niet te plannen want het gaat altijd anders dan je verwacht. Het kost veel meer tijd. Je bent er ineens veel eerder dan verwacht, enfin, zo kan ik nog wel even door gaan, je snapt vast wat ik bedoel

We hebben in de week Mombai veel op de scooter bezocht, het strand (dat ik heel vies verwachte maar dus heel schoon was) (en oh het water was wel vies), de hanging gardens, een erg mooi park boven op een heuvel, dat de eerste keer erg rustig was, en toen we er de tweede keer rust gingen zoeken zat het park bomvol met schoolkinderen, Ford market, (een kolfje naar de hand van Jonathan, met een slacht gedeelte waar je heerlijk misslijk van kan worden), Colaba zelf, Elelpahnt Island (wat een balle sooi) en nog wel wat plekken die ik vast vergeet. Verder vind ik het een vieze stad geworden (als het dat al niet was). De India’ers vinden mijn auto een bijzonder prettig pis punt, met gevolg dat ik steeds plassen met pis onder en tegen mijn auto heb, ze pissen gewoon tegen de banden, het zijn net honden. Je kan je dus de reuk en de vliegen wel indenken die er vanaf komen, bah bah. Een keer hoorde ik het klateren, dit terwijl ik net aan het ontbijt zat. Ik gooi de deur open, kop thee in me hand en zie een man tegen mijn achterwiel aan staan zeiken. Ik wordt boos en gooi in een reflex de man de hete thee over zijn voeten. Hij pist tegen mijn wielen, ik pis thee over zijn voeten. Hij werd er niet eens boos over en liep na afgeschud te hebben rustig weg. Wat een vies volk zeg.

Het vieze stuk waar Jonathan en ik door heen liepen in de visserhaven van Colaba staat me nog op het netvlies gebrand. Het blijft toch vreemd hoe mensen zo in hun eigen vuil kunnen leven, Toch is er wel een uitleg voor. Vroeger, als men het vuil op straat donderde kwam er altijd wel een koe, varken of hond die het op at, (ja koeien eten hier echt papier) en als dat niet gebeurde was er wel een recycler (zoals de vuilnis verzamelaars heten) die het mee nam. Het vuil verdween dan vanzelf. Tegenwoordig, met al het plastic en kunstoffen eten de beesten het niet op en is er ook niemand die het ophaalt en dus blijft het liggen. Dat is een fenomeen van de laatste jaren en men heeft er gewoon nog geen oplossing op. Vroeger kakte wij ook naast ons huis, en piste we tegen de boom in de tuin, en dat doen ze in India dus gewoon nog steeds. Dit vermengt met de berg afval kan je je ongeveer voorstellen wat we zagen en ruikten.

Gekke bekken trekken kan in India ook, hanging gardens in Mumbai.

Hoe dan ook, Jonathan is gisteren weer terug gevlogen dus vandaag zat ik even in een dipje. Dat heb ik altijd als ik weer alleen ben maar dat gaat morgen wel weer over. Heb me vandaag ook erg druk gehouden om niet depri te worden. Ik ben toch al twee maanden met andere aan het reizen (Eerst met Banti, daarna met Jona) dus het gaat wel weer even wennen worden. Ook afscheid genomen van Raju, die mijn brommer en fiets elke dag poetste en van Tushar en Latesh, die in een krot vlak bij mijn parkeerplek woonden en elke dag cricket midden op straat tussen het drukke verkeer speelde totdat de politie aan kwam lopen om dan vervolgens alle cricket spullen te laten verdwijnen en heel onschuldig te staan kijken. Komisch gezicht.

Om nog even terug te omen op het stuk weg van Agra naar Mumbai, even het volgende. Deze weg is met vlagen erg goed. Ze hebben er stukken express highway tussen die vergelijkbaar is met onze snelweg. Ondanks de vele en hoge tol kosten is het dat zeker waard. Er zitten een paar minder mooie stukken tussen en zeker de paar honderd kilometer voor mumbai kunnen wel eens wat aandacht ontvangen. Verder heb je tankstations van Reliance, sommige daar van hebben een A1 eetgelegenheid. Die is op zich erg goed, maar heel erg mooi is dat ze daar ook goede warme douches hebben (kosten 15 roepies)en je van water kunnen voorzien. Zeker een aanrader voor elke overlander.

Op woensdag de 29ste werd ik al vroeg wakker, zoals ik ook al gehoopt had omdat ik wilde proberen voor de spits Mombay grotendeels te verlaten. Ik kon me herinneren van vorige keer dat het eindeloos duurde voor ik Mombay uit was en als ik dat in de spits moet doen gaat het een halve dag kosten. Nou is tijd niet in zo een gebrek, maar een halve dag in de stinkende uitlaatgassen en de hitte meer stilstaan dan rijden, dat zag ik niet zo zitten. Ik had op de kaart gezien dat er een Eastern Expressway was, die via trombay en een brug een heel stuk af snee naar de kant die ik op moest, alleen wist niemand me er iets over te vertellen, zoals altijd in India. Je krijgt altijd veel onbruikbare en ongevraagd advies, maar als je eens echt wat info nodig hebt weet niemand wat. Enfin, na een kort ontbijtje en alles vastgezet te hebben ging ik tegen mijn principe in, om 6 uurin de ochtend in het donker rijden. In Mombay durfde ik dat wel (maar wel heel voorzichtig) omdat ze hier en daar straatverlichting hebben. Met God en het geluk aan mijn kant (ik weet niet welke beter hielp)reed ik een een keer naar de aflag richting Trumbai (een wijk in Mumbai) en vandaar in een keer naar de overkant van het water en richting Goa. Dat scheelde zeker een paar uur met vorige keer en ik was dus erg in mijn nopjes. Vanaf het begin van National Highway 17 (bij Panvel) was het 546 km naar Goa dus dat moet in twee dagen te doen zijn. Het was in de ochtend ook bewolkt (voor het eerst sinds maanden dat ik wolken zie) maar tegen de middag begon het zoals gewoonlijk erg warm te worden. Hoe verder ik van Mumbai af kwam hoe rustiger het werd op de weg en nadat men me weer eens probeerde af te zetten bij een tol-brug (het bord zei duidelijk 15, men vroeg 60) parkeerde ik de auto in een verlaten steengroeve voor de lunch. Ik was nog niet uitgestapt of de eerste kijker kwam al aanlopen, een moslim man met een wit petje op. Zijn eerste woorden/gebaren waren “ik ben arm, heb geen eten, geef me geld”. Wat is dat met die India-ers, ze hebben echt het idee dat elke blanke een rijdende bank is of zo. Het om geld gevraag word ook steeds erger. Vorige keer was het ook wel, maar lang niet zo erg. Nu komen er veel mensen op je af, zeggen niet eens hallo of iets anders maar gelijk ; geef me 10 roepies’ of zo. Ik snap echt niet waar dat vandaan komt. Ik negeerde de man gewoon, en deed op een gegeven moment de deur maar dicht, hij liep daarop weg. Toen ie uit zicht was deed ik de deur weer open, en na 3 minuten stond ie weer voor de deur. Ik deed demonstratief de deur in zijn gezicht dicht waarop ie weer weg liep. Toen hij weer uit gezicht was en ik de deur weer open deed stond ie 5 minuten later dus weer voor de deur en hij begon nu echt irritant te worden. Ik smeet de deur weer dicht, waarop ie begon te schreeuwen dat ie geld moest, want ik mocht hier niet parkeren (let wel op, een verlaten steengroeve) en anders moest ik maar weg gaan. Toen schoot ik toch even uit mijn slof, wat denkt ie wel dat ik een domme Nederlander ben of zo. Dus ik hebhem met verheven stem (en in het Nederlands) gezegd dat ie heel snel op moest rotten want anders kwam ik hem even een paar tikken geven (ik word in dit land soms echt agressief, heb ik anders nooit) Hierop droop de man weer af, maar mijn lol was er af, dus heb voor straf mijn toilet leeg gegooid (had die man toch nog een kado) en ben weer verder gereden.

Omdat ik al om 5 uur op was wilde ik niet te lang door rijden. De weg was best vermoeiend vooral omdat het veel heuvels of eigenlijk kleine bergen tegen kwamen. Toen ik om 3 uur de parkeerplek van vorige keer tegen kwam heb ik mijn auto daar neergezet en ben buiten heerlijk een biertje gaan drinken. Wat wel jammer was dat ondanks er weinig gestoord werd, er toch een idioot kwam vragen wat ik hier deed, want het was hier erg gevaarlijk. Die verhalen ken ik, maar toch sta je dan minder lekker.

Overigens is Hindi in India de officiële voetaal maar ik heb wel gemerkt dat dat in praktijk niet klopt. Elke streek heeft zijn eigen taal. Gujerati , Tamil of Maharati zijn zo wat dialecten en dan is Hindi mooi taal nummer twee. Dat is wel irritant want soms weigert men gewoon Hindi te leren (men vind het een opgelegde taal van de overheid) en dan is communiceren erg moeilijk. De volgende dag verder afgezakt over highway 17. Dit stuk is erg bochtig maar bijzonder fraai. De palmbomen komen langzaam opzetten en de omgeving is erg groen met veel begroeiing.

Op een gegeven moment zag ik water van een berg af komen, dat uit een pijpje als een kraan die altijd maar open stond de weg op stroomde. Hier parkeerde ik mijn auto en vulde mijn watertank. Na het water eerst geroken en bekeken te hebben. Op zich wil dat niet alles zeggen maar het zag er goed uit en ik moet toch ergens water vandaan halen. Terwijl ik net weg wilde rijden kwam er een vrachtwagen aan en de chauffeur stopte om water te drinken en ging met zijn rug vlak bij mijn uitlaar zitten. Ik had dit niet in de gaten en starte mijn auto waardoor het witte shirt van de man helemaal onder de zwarte roet kwam te zitten. Ik ben toch maar weg gereden, want dit is India haha.
Naarmate de dag vorderde werd de weg, wel steeds smaller. Ook de kwaliteit werd steeds minder en in de buurt van Kudal boog de weg ineens geheel af van wat er op de kaart stond. Het bleef ook wel highway 17, maar het was duidelijk een tijdelijke weg of zo, want het was erg nauw en heel hobbelig. De weg boog binnendoor naar savantvadi en richting Banda, en daar werd de weg zo smal en slecht dat ik het ergste vreesde. Een aantal keren toe was het echt millimeter die er tussen mij en de tegenliggers zaten, en de meeste hiervan, grote dikke vrachtwagens, roste gewoon door. In mijn gedachte zag ik al mijn zonnescherm er af gereden worden, of gewoon een dikke botsing. Ik heb echt peentjes gezweet. Dat duurde wel een uur zo, en met veel kunst en vliegwerk (en een beetje geluk) ben ik er zonder kleerscheuren vanaf gekomen. Maar als iemand dit leest doe ook die weg rijd, pak in godsnaam de weg via Vengurla, want dit was super eng.
Ik moet eerlijk zeggen dat voor dit enge stuk, highway 17 een heel aangename weg is, erg mooi, door groene heuvels, veel palmbomen en water, het was echt een pretje.
Net na Banda was er de staatsgrens met Goa, en de weg verbeterde tijdelijk. Ik had van een Nederlander in Mumbai de tip gehad om eens bij Kerri Beach te gaan kijken, dat is het aller noordelijkste puntje van Goa, en omdat ik mijn lieveling parkeerplek vandaag toch niet meer kon halen reed ik die kant op. Dat heb ik wel geweten, die weggetjes zijn zo smal dat ik met mijn dikke auto er met moeite door paste. Als er een tegenligger aankwam was het al helemaal een probleem en moesten er allerlei halsbrekende toeren worden uitgehaald om elkaar te passeren. Dat duurde dus allemaal heel lang en toen ik eindelijk bij een badplaats aan kwam lag ik twee minuten later in de warme zee. Hiervan terug gekomen zocht ik een parkeerplek voor de nacht maar die kon ik niet vinden en toen ik eindelij met veel pas en meetwerk op een stuk duin stond kwam er iemand doodleuk vertellen dat dat niet kon omdat het privé terrein was. Uit ellende maar door gereden en vlakbij Mapusa aan het water gaan staan.

De volgende dag na nog 3 kwartier kleine landweggetjes bereden te hebben weer op Highway 17 terecht gekomen om die vervolgens weer naar het zuiden te volgen. Ik kon me de weg niet meer zo herinneren van vorige keer, maar het leek echt veel smaller dan 2 jaar terug. Mijn auto is niet veel breder dan toen maar nu moest ik echt al mijn stuurmanskunst gebruiken om tegenliggers te ontwijken omdat de weg zo smal was op sommige stukken dat het gewoon eng was. Het verkeer was erg druk. Bij Margoa de gebruikelijke puinhoop die ik ook van vorige keer me nog wel herinnerde. Er is blijkbaar wel een bypass, want op een geven moment stond er een bord ‘verboden voor vrachtwagens. Dus ik denk, dan sla ik de bypass in, maar na 10 km hield die weg gewoon op. Toch weer terug en door het centrum van Maroa heen, waar je met al het verkeer door de nauwe straatjes van de stad moest en deze nauwe straatjes dan ook nog eens moest delen met een optocht (het was blijkbaar vandaag wereld aids dag), weg opbrekingen en bussen die vonden dat de nauwe straatjes een prima plek was om eens rustig passagiers in of uit te laden. Je snapt, Margoa passeren duurde even en hierna werd de weg weer een slagje slechter en smaller. Het verkeer werd wel iets rustiger gelukkig, Ik zat ondertussen wel een beetje in de rats, want ik liep me echt te verheugen op het mooie parkeer plekje aan het strand in Agonda, waar ik vorige keer 3 heerlijke weken heb gestaan, maar begon in mijn gedachte ernstig te twijfelen of deze grote auto wel door het smalle dorpje paste, of het smalle bruggetje de 9 ton wel kon verdragen, of et etc.

Het strand van Agonda, nog steeds een paradijs?

Alle zorgen waren echter voor niets. Ik reed in een keer het strand op. In die twee jaar was er wel een hoop bij gebouwd, maar het stukje waar ik naar toe reed was onveranderd. Er was wel een soort van poort gebouwd, en er stond een bord waaruit ik kon opmaken dat ik moest betalen. Tja, dat is India, als ze ergens de toerist geld kunnen ontfutselen dan zullen ze dat zeker doen. En India zou India niet zijn als het onverwachte niet zou gebeuren. Toen ik het stukje strand opdraaide zag ik het gele gevaarte van Kees&Els geparkeerd staan. Laatste wat ik van hun had vernomen was dat ze naar Nepal zouden gaan, dus hoe ze nu hier ineens verzeild raakte was wat bizar. Ik nam me voor me niet aan ze te ergeren en ze gewoon te negeren, helaas ging dat wat moeilijk want ik had mijn motor nog niet eens afgezet of ze stonden al voor me neus met minder aardige opmerkingen. Waarom had ik dit geschreven, waarom had ik zus gedaan… bla bla. Ik heb het maar me ene oor in en me andere oor uit laten gaan, ik denk als ze me niet eens de tijd gunnen om te parkeren zit het ze blijkbaar erg hoog, en dan is er helemaal niet mee te praten. Daarbij had ik daar op dat moment ook geen behoefte aan….

Ik neem me voor ongeveer een week a 10 dagen hier te blijven, wat te klussen en te genieten, om dat vervolgens mijn weg te vervolgen.Ik ben hier niet mobiel bereikbaar, maar neem me telefoon mee als ik eens in de twee dagen boodschappen ga doen in Caracoam. Sms’en blijven dan wel aankomen geloof ik, en mail is altijd welkom natuurlijk.