20100100 – Januari 2010, Tunesië naar Marokko

Helaas kan je niet van Tunesië, via Algerije, naar Marokko toe. Dat zou de richtste weg zijn om richting zuid Afrika te gaan. Maar deze twee landen hebben al decennia lang strijd, dus zijn die grenzen gesloten. Dat betekende dus een slordige 1000 km omrijden en wederom de boot terug naar Italië. Maar dat betekende ook dat ik een aantal vrienden zou kunnen bezoeken onderweg. En zo reed ik via Italië door Frankrijk en Spanje, op weg naar Marokko.

In plaats van 6 uur te laat, zoals op de heen reis, was het Grimaldi schip dit keer 12 uur te laat. Gelukkig had ik een mail hierover van Grimaldi ontvangen, zodat ik niet 12 uur voor niks aan de haven stond. In Tunis bleven het Afrikaanse taferelen, gemixt met een vleugje Italiaanse saus. Had ik op de heenreis nog vermoed dat de chaos werd veroorzaakt omdat er twee schepen tegelijk aan kwamen, nu heb ik die mening bijgesteld. Het is er gewoon altijd een zooitje. Het begon bij het zeuren van de douane om geld, bier, parfum etc. Het eindigde in een file van 400 auto’s die alle tegelijk het schip in wilde rijden waardoor het daardoor gigantisch vast stond. Men gunde elkaar geen millimeter. Het was ook zo dom geregeld dat de auto’s van 4 kanten aan kwamen, en die moesten dan invoegen. Niks ritsen. Duwen!. Er stonden wel 100 uniformpjes te kijken, geen een er van nam de moeite om enige soelaas te bieden. Het was zo erg dat op een gegeven moment alle auto’s tegelijk begonnen te claxonneren, dat was eigenlijk wel weer gaaf.

Eenmaal aan boord gereden was de Italiaanse bemanning duidelijk gestrest. Men liep te schreeuwen en wijzen, op zo’n manier dat het geheel onduidelijk was wat ze nu bedoelde, waardoor ze harder gingen schreeuwen. Duh, Italiaanse logica. Parkeerde de auto maar aan een kant, sloot de boel af en sloot mezelf op voor de rit , eum vaart, van 24 uur.

Dat doet me herinneren aan de vorige dag toen ik in Tunis liep. Er was een drukke markt, het was duwen en trekken, en heb minimaal een keer een zakkenroller gehad die probeerde mijn jaszak even open te maken. Gelukkig ben ik ondertussen wijs daar in en kreeg die niet de kans maar toch. Leuker was dat op een gegeven moment iemand blijkbaar wat probeerde te stelen van een ander. Geen idee of het ook een zakkenroller of gewoon een dief was, maar er duwde zich een vrij grote kerel dwars door de menigte, iemand liep er achter aan en schreeuwde wat. De reactie van de omstanders was onmiddellijk. Iedereen duwde de vluchtende dief, in een poging hem om te gooien, één man begon lukraak op hem in te slaan, recht in zijn gezicht. Gewoon een omstander dus he, die waarschijnlijk niet eens wist wat er aan de hand was. De gehavende dief bleef echter vluchten, en strompelde steeds moeilijk door een haag van mensen die hem belaagde, om even later om een hoek uit het zich te raken. Een politie agent, waarvan er altijd wel een op de hoek van de straat staat, stond verveeld toe te kijken en deed absoluut niets.

Toch nog even terugblikken op wat Tunesische ervaringen.
Ik schreef al eerder, in Tunesië groeit het afval probleem. Plastic zakjes, lege flessen (plastic en glas) en hopen puin zijn de drie grote boosdoeners. Vermoedelijk is dat in het merendeel van Afrika hetzelfde probleem en ik snap niet dat men daar niets aan doet, zeker in Tunesië, wat toch niet echt een arm land is. Ik heb dat in het vorige verhaal ook al wel aangehaald, zeur er nu even over door.

Het oplossen, of ieder geval sterk verminderen, van het afval probleem staat vast niet hoog op de prioriteiten lijst van de overheid maar in zo’n toeristisch land als Tunesië zou het dat wel moeten. Het probleem is op zich niet zo moeilijk op te lossen lijkt me, maar het kost wel tijd en geld.
Om te beginnen plastic zakjes gewoon afschaffen. Punt. Niet over zeuren, gewoon doen. Laat de mensen maar een linnen of katoenen tas gebruiken, sluit de plastic zakjes fabrieken. Zet er gewoon een fabricage en invoer verbod op. Of hef een hele hoge belasting er op (maar dat vind ik weer zo’n Nederlandse ‘ oplossing’ waar ik niet van houd).
Ten tweede moet je zorgen dat afval overal opgehaald en verwerkt wordt. Dan hebben de mensen geen reden meer om hun afval langs de kant van de weg te deponeren. Dat ophalen gebeurt in de steden deels wel, maar op het platteland natuurlijk niet. Ik denk dat dat het moeilijkste oplosbare deel van het probleem is.

Derde is dat je statiegeld op flesjes en blikjes zet, of minimaal een recycling waarde. Forceer de biermaker maar om hun ouwe blikjes/flesjes terug te kopen. Zeker in een land waar armoede heerst, is de rotzooi dan snel weg. Ik denk dat je met die drie simpele punten het al een heel eind de goede kant op stuurt. Gooi er wat tv spotjes tegen aan dat afval maken vies en slecht is en ik weet zeker dat je over een paar jaar een heel ander landschap ziet. In plaats van plastic zakjes bomen zie je dan weer wat meer natuur.

Ik ben in Tunesië bij de kapper geweest om me te laten scheren. Uiteraard aan de man gevraagd of hij een schoon nieuw mesje gebruikt, wat hij natuurlijk beaamde. Maar toen hij het nieuwe mesje in zijn scheerding deed, draaide hij met zijn rug naar me toe en kon ik niet echt zien dat hij het ook werkelijk deed. Onder het scheren sneed hij me twee keer. Ik maakte me er een beetje zorgen over, immers heb je zo een portie hiv in je bloed, om over andere ziektes nog maar te zwijgen. Later sprak ik er met Ritwan over en die verzekerde me dat er altijd een vers mesje ingaat, dus ik was weer wat gerust gesteld.

De twee keer herhaalde die procedure zich, alleen zwoer de man dat hij net een nieuw mesje in zijn scheermesapparaat had gedaan. Moet dat maar geloven, maar mocht ik volgende maand aids hebben… het is de schuld van de kapper in Sousse, de kapper die naast de groentemarkt in de Medina zit.

In Nederland hebben jullie het glad gehad, veel sneeuw en ijs, maar ik heb in Tunesië ook last van de gladheid gehad. Niet van ijs, maar van olie. Op de ochtend van de 8e januari motregende het een beetje, ik reed van mijn strandplekje richting Sousse. Voelde ineens mijn auto wegschuiven. Heel vaag gevoel en ik snapte het eerst niet zo. Gelukkig reed ik langzaam dus er gebeurde verder niet zo veel, tot er ineens een taxi vlak voor me stopte om een passagier op te pikken. Ik trapte vol op de remmen maar voelde dat, ondanks dat ik ABS heb, de auto gewoon door gleed. Ik hield al rekening met de klap toen gelukkig de taxi chauffeur gas gaf en zo een flinke botsing werd vermeden. Reed heel langzaam verder, maar de weg was echt spiegel glad. Dat krijg je als het er weinig regent en de auto’s een olielaag op het wegdek achter laten. Bij lichte regen word het dan net een ijsbaan, maar wel een die je niet aan ziet komen en daardoor des te gevaarlijker.

Toen ik in de woestijn van Tunesië Sahara brood te eten kreeg, wilde ik wat terug doen en pakte uit de auto een stuk peperkoek. Vol trots riep ik ‘en dit is Nederlands brood’ en zette het in het midden zodat iedereen kon pakken. Het kleine jochie pakte als eerste een stuk, stopte het in zijn mond en spuwde het onmiddellijk weer uit, al keel-schraap geluiden makend. Iemand anders pakte iets later ook een stuk en ik zag dat ie het, na een paar seconde, terug in zijn hand spuugde. Ik heb verder niemand van de peperkoek zien eten, en na een paar minuten werd de restanten brood als ook peperkoek verwijderd. Ik vermoed voor de dromedarissen, want de Tunesier is duidelijk geen fan van peperkoek (of ontbijtkoek zoals het ook heet).

Tunesiërs zijn, net als vele andere Afrikaanse en Aziatische volken, niet echt super weg gebruikers. Rode stoplichten worden op grote schaal genegeerd, er wordt te hard gereden en onverantwoord. Men is asociaal in het verkeer.
Heb op mijn drie weken in dit land erg veel ongelukken gezien (en er zelf dus ook een gehad). De nodige kop en staart botsingen maar ook auto’s van de weg en zo. In het noorden van Tunesië was er een bizar ongeluk gebeurt. Een grote dieplader met granieten rotsblokken (van die 10 ton blokken) was waarschijnlijk te hard de bocht door gegaan en had twee van zijn blokken verloren. Die waren midden op de weg terecht gekomen (dikke deuk in het asfalt) en waren toen door geschoven naar de zijkant. De chauffeur mag van geluk spreken dat er geen tegenligger was, die was zo plat als een duppie geworden. Het was net 15 minuten eerder gebeurd toen ik er langs kwam. Moet er niet aan denken….
Toch zijn er erg veel politie controles (echt erg veel), ook op snelheid, maar blijkbaar werkt dat niet goed genoeg. De overheid heeft al gesteld dat er geen auto’s ouder dan drie jaar het land mogen worden ingevoerd, om op die manier de oude wrakken van de weg te krijgen.
Ook zijn er erg veel plekken waar je maar 50 mag, net als in Nederland. Maar voor de gemiddelde Tunesier is dat niet een reden om 50 te gaan rijden, wel een reden om goed te kijken of er niet een controle is. Ook een eenrichting verkeer bord is niet een teken dat je er niet in mag, maar een teken dat je er voorzichtig in mag…

Na de 24 uur boot tocht die ik heerlijk in de auto heb doorgebracht was ik weer terug in Italië. Er was weer eens 0,0 controle. Geen paspoort, geen auto papieren, zelfs geen poging tot.
Omdat de boot om 12 uur in de nacht aan kwam, was het wat moeilijk een slaap plekje te vinden. Sliep een paar uur op een dicht benzine station en reed bij het eerste licht richting de camping waar ik op de heenreis ook geweest was. Had me er helemaal op verheugd, en me er ook helemaal op voorbereid. Dat wil zeggen, had al twee weken de was niet gedaan of schoongemaakt. Doe ik lekker in Italië dacht ik. Dom natuurlijk, eenmaal bij de camping aangekomen was ie net dicht voor 2 maanden ‘ vakantie’. Daar stond ik dan met me vieze was en camper. Uit wrok maar richting Frankrijk gaan rijden, waar ik 2 dagen later bij Joël aankwam.

Joël kende ik van het Grimaldi schip tussen Zuid Amerika en hier. Hij is een cineast en had in Argentinië een film gemaakt voor het komende tweehonderd jarig bestaan van dat land. Omdat hij al in Dakar van boord ging en ik waarschijnlijk toch in zuid Frankrijk kwam op weg naar Afrika, had hij gevraagd of ik zijn immense statief mee wilde nemen. Goud van hart als ik natuurlijk ben, heeft dat grote ding 6 weken in mijn auto in de weg gelegen. Toen ik hem de avond voor mijn aankomst bij hem, een sms stuurde kreeg ik gelijk de melding terug dat hij de volgende dag naar zijn moeder ging, met andere woorden, kom de boel brengen en rot maar weer op. Het was niet anders. Ik dacht een aardige Fransman gevonden te hebben. Helaas, ik moet verder zoeken.

De tol op de Franse snelwegen is schrikbarend. Veel en vaak. Er zaten stukjes tussen, waar je van het ene tol-station bijna het andere kon zien. Bedragen van 20, 30 en zelfs een keer 50 euro!!. Stelletje gekken.
Bij Joël aangekomen aten we wat samen in de avond en de volgende dag reed ik door naar de Franse Alpen waar Nelly en Marcel op me wachten. Die had ik in Iran en Turkije ontmoet (in die volgorde) en ze bezitten een leuk huisje op het niet-zo platte land van de uitlopers van de Pyreneeën in Zuid Frankrijk. Daar verhuren ze ook kamers. Het is een erg mooi gebied bleek en er is veel te doen. Wandelen, para-gliden, wild water varen, gewoon zonnen of zwemmen, enfin, noem het maar op. Als je ook eens een weekje lekker wil relaxen, moet je ze zeker bezoeken, kijk voor meer info op www.bourgdemat.com

Bij Nelly en Marcel bleef ik een dag of drie. Kreeg van Marcel, als Apple freak, heel wat hulp op dit gebied. De tweede dag besloot Marcel dat de inmiddels opgegroeide kippen, die hanen bleken te zijn, beter in de pan konden liggen dan met z’n allen vechten om die twee kippen die er nog waren. Dus in de ochtend de hanen bij de vleugels gepakt en toen ik de achterkant vast hield en Marcel het kopje, gaf hij een flinke zwengel met zijn hakbijltje. Hiermee hakte hij niet alleen de kop van de haan er af, maar ook een flink stuk van zijn hand. Hij bloede harder dan de haan (die koppetje aan het duiken was ), het zag er lelijk uit. Omdat hij echt flinke stukken uit zijn hand had gehakt kon het, leek mij, niet gehecht worden. Naar een doktor gaan had dus geen zin en ik heb hem, met mijn EHBO cursus kennis zo goed en kwaad als het ging verbonden. Heb naderhand zelf de rest van de hanen maar een kopje kleiner gemaakt, zonder hakbijltje dit keer. Dat ging wel snel, het plukken daarna was wat tijdrovender. Ach, zo kom je de dag ook door.

Hakkie takkie
De volgende dag leek het redelijk te gaan met de hand van Marcel en ik besloot richting mijn Zwitserse/Colombiaanse vrienden te gaan, die momenteel in Noord Spanje zaten. (Nelly en Marcel, nog bedankt voor drie enerverende dagen.

Armin en Marisol zaten in het huisje van hun (schoon)ouders in L’Escala, net over de grens met Frankrijk. Ik besloot echter via Andorra te gaan rijden, dwars door de Pyreneeën, niet alleen omdat het een mooie weg moest zijn, maar ook omdat diesel daar erg goedkoop zou moeten zijn. De weg was inderdaad mooi, ondanks dat het weer niet echt mee hielp. Andorra ligt hoog en het kost wel wat PK om naar boven te komen. Eenmaal daar was het koud, er werd overal geskied, en de diesel was 90 cent per liter. Denk dat het financieel gezien een onverstandige keuze was, zeker nadat ik twee toltunnels van 20 euro per stuk tegen kwam, en ontdekte dat de diesel in Spanje ook maar 1 euro kost (nou ja…maar, het blijft natuurlijk belachelijk veel belastinggeld).

Armin en Marisol in het Dali Museum
Op de wegen in Noord Spanje kom je vrijwel overal prostitutie tegen. Heel vaag. Vaak zo midden in het niks, zit dan een schaars gedoste dame, op een klapstoeltje, langs de kant van de weg. Bij de eerste dacht ik nog…die zit haar koe te bewaken of zo. Hé, soms ben ik ook naïef hoor. Bij de tweede, een paar kilometer verder, begon ik toch andere gedachtes te krijgen en rondom de kust stond er in elk weiland wel een wulpse dame. Rare meiden, zo met die kou, midden in het weiland met een kort rokje. Kind, je krijgt blaas ontsteking. Blijkbaar is er toch vraag naar, anders zouden er niet zo veel staan.

Dali maakte een hoop tekeningen, sommige erg vaag, maar met veel niveau’s er in
Bij het huisje van Armin en Marisol was geen plaats om te parkeren maar er was boven op de berg een oude toren met parkeerplaats en die voldeed prima. Bracht ook drie dagen bij hun door en bezocht onder andere het Dalí museum wat ik eigenlijk heel erg leuk vond (en een aanrader is). Ik ben niet zo’n museum mens, als ik de oude potscherven al ruik begin ik al last van slaapziekte te krijgen, maar het Dali museum is echt interessant en boeiend.

Boven op de berg
Na drie gezellige dagen reed ik naar Barcelona. Daar zat Leo. Een Mexicaan die ik nog uit de India/Nepal tijd kende. Via sms spraken we voor de volgende dag in het centrum van Barcelona af. Om 1 uur. Maar ik ben altijd vroeg wakker dus pakte om 9 uur al het treintje van El Masnou naar het centrum van Barcelona en liep in een dikke drie uur half het centrum door. Vanaf de Plaza Catalunya met omwegen naar de Sagrada Familia. Een knotsmaffe kerk-achtig bouwwerk die je gezien moet hebben. Omdat het ondertussen 12 uur was wilde ik er niet naar binnen en liep daarom via de Arc de Triomph (jaha, echt niet alleen in Parijs) naar de ontmoetingsplek met Leo. Daar aangekomen was hij er niet. Ik sms-de hem nog eens maar kreeg geen antwoord. Na 15 minuten wachten sms-de ik maar dat ik aan nam dat ie nog lag te ronken en ik verder zou gaan lopen en het wel zou horen als ie bij positieven zou zijn. Beetje teleurgesteld ging ik lunchen bij een Chinees buffet (eten was lekker maar alles was koud) en liep daarna nog een uurtje door de oude stad Barcelona. Leuke kleine en smalle steegjes met plots verassende binnenplaatsjes. Om 5 uur terug in de auto was ik kapot. Ik had twee dagen daarvoor nieuwe schoenen aangetrokken omdat de hond van Nelly en Marcel mijn schoenen lekker had gevonden (en er hele happen uit had gegeten). Zo veel lopen op nieuwe schoenen, afijn, je weet hoe het is. De volgende dag wilde ik maar met de toeristen bus rond gaan rijden in het centrum en niet meer lopen. Het regende echter en de bus eigenaren hadden daar geen rekening mee gehouden. De dubbeldekkers die ze er voor gebruikte waren van boven open en ik had geen zin om 22 euro te betalen om dan de rest van de dag nat en koud te zijn (naast zere voeten). Ging dus redelijk vroeg weer terug naar de auto waar in de middag ineens Leo voor mijn neus stond. Hele avond zitten kletsen, hij liet me trots zijn film zien over zijn afgelopen 3 jaar reizen.

Sagrada Familia
De volgende dag, ondanks dat het weer er beter uit zag, toch door gereden naar het zuiden. Het bleef echter koud, onderweg kwam de regen ook weer terug. Week van de grote doorgaande route af door net voor Valencia naar rechts af te buigen. Het verkeer werd gelijk een stuk minder. De weg steeg langzaam omhoog en het landschap veranderde van uitgestrekte mandarijn velden (waar veel bomen nog vol zaten) naar uren lang van olijf bomen velden. Als de weg hoger of lager was, wisselde de olijven zich voor uitgestrekte graan velden (die overigens nu leeg waren) of uren lange velden met druiven stronken. Na en rond Albacete mooie glooiende wegen (super-perfecte wegen trouwens) en heuvels, fraaie uit en ver gezichten, beekjes, een genot om te rijden. Het bleef echter koud en wisselvallig.
Een aantal dorpjes hadden een oplossing bedacht voor de automobilisten die hard hun pittoreske dorpjes door scheurde. De stoplichten sprongen op rood als je harder dan 40 reed, en dat werkte perfect moet ik zeggen.

Voor ik het wist stond ik op een camping in Fuengirola, aan de Costa del sol. Daar was het lekker weer maar ik schrok wel een beetje van de enorm hoeveelheid campers die er stonden en reden. Als dat nu al zo was, moet ik er niet aan denken hoe dat in de zomer is. Op de camping van Fuengirola paste ik nog net ergens tussen. Veel bejaarde Noren, Zweden, Duitsers en Engelsen die hier overwinterden. Noch dure grap voor 25 euro per nacht. Reed op de fiets door het Fuengirola van weleer (ik heb er ooit in mijn jeugd 2 jaar gewoond). Was het in de 70’ er jaren al een volgebouwde bende, nu is het een nog voller gebouwde overgeorganiseerde bende en ik besloot om niet meer te gaan kijken naar mijn oude woonplek. Beter om dat maar positief in mijn geheugen te laten. Het enige wat nog redelijk intact was, was het flatgebouw Las Gaviotas in Los Boliches, waar ik ooit een prettige zomer door had gebracht.

Er wonen toch blijkbaar nog wel een hoop Nederlanders in Fuengirola. Er was zelfs reclame in het Nederlands op de lokale radio.
Na een dag bijkomen zag ik op de weerkaart al weer donkere wolken dichterbij komen en besloot niet meer op mijn familie te wachten die over 16 dagen een week zouden komen skiën in de Sierra Nevada, hier vlakbij. Reed door naar Algeciras waar ik die zelfde avond een boot boekte om op zondag 28 januari om 8 uur in de ochtend het Europese continent te verlaten, op weg naar zuid Afrika.

Mijn korte verblijf in Europa heeft me toch wel weer wat doen schrikken. Je ziet dingen gebeuren in Europa (maar eigenlijk in alle westerse landen) die je waarschijnlijk pas ziet als je een poosje bent weg geweest. Een van die dingen die angst aanjagend is zijn de prijzen. Voor producten die elders in de wereld zeg 1 euro kosten, betaal je in Europa gewoon het dubbele, of meer. Niet alleen brandstoffen, maar ook etenswaren en diensten zijn belachelijk duur. Ik haalde al eerder het voorbeeld aan van koffie. Waarom kost het 100km verder maar de helft? Dat kan niet aan de grondstoffen prijzen liggen, ook niet aan markt fluctueringen. Als ik, voor een stukje snelweg in Frankrijk, van nog geen 20 km, 15 euro aan tol moet betalen (das bijna 1 euro per km) dan denk ik, waar zijn we mee bezig? Als ik in Italië, 3 euro voor een bakje champignons moet betalen, of 1,50 voor 2 plakjes ham, dan is dat toch niet meer normaal. Een liter diesel…1,2 euro (dat is in oud geld 2,60 gulden), terwijl het in andere landen 10 cent kost, zit er ergens wat scheef. Een oprolbare waterslang van 20 meter moest in Barcelona 115 euro kosten !!! (de oude die stuk was had me 17,50 gekost 4 jaar terug).
Drie bakjes Bulgaarse yoghurt, in een supermarkt in Barcelona, 2,49 euro. (overigens vond ik diezelfde yoghurt later bij de Lidl in de buurt van Valencia voor 1,10…raar of wat?).
Ik denk dat er vier grote boosdoeners zijn die deze soms belachelijke prijzen veroorzaken. (ok, 4 ½ ).
Ten eerste de belastingen die overal op drukken,. Niet alleen verkoop belasting (BTW) maar invoer rechten (is ook belasting), inkomsten belasting, BPM belasting, vennootschap belasting etc. De belastingdruk in Europa is geloof ik (in totaal) 60% of zo, dus tel maar uit. Ik heb het nu over alle belastingen samen.? Die belastingen worden geheven om onze welvaart staat te betalen, maar krijg langzamerhand het idee dat de kosten veel groter zijn dan de baten..

Tweede oorzaak is de middelman. In Europa wordt niks rechtstreeks gekocht, alles gaat via via. Tussen consument en product zitten vaak zoveel tussenpersonen die er allemaal aan willen verdienen dat hierdoor de prijs veel te hoog geworden is. Dus de koffie word eerst door een Europese koffiehandelaar gekocht van een koffieboer (die willen er alle twee aan verdienen), dan wordt het verscheept (de verscheper wil er aan verdienen), dan wordt het opgeslagen (het op en overslag bedrijf moet er aan verdienen), dan wordt het gebrand en verpakt (die willen er aan verdienen), het wordt dan aan zeg Simon Levelt geleverd (en die wil er ook vet aan verdienen). Bij elke tussenstap komt de overheid ook nog eens handje ophouden met hun belastingen en invoerrechten. Gevolg is dat de 10 cent per kilo, die de armlastige boer krijgt, niets maar dan ook niet meer te maken heeft met 8 euro per kilo die we er hier in Nederland voor betalen, dat is dus 80 keer de productie prijs!!
(diegene die de middelman uit kan schakelen heeft een gouden toekomst…, maar dat is weer een ander verhaal).
Derde reden is natuurlijk dat er een aantal bedrijven schatrijk van deze koffie worden, en dat zijn bedrijven waar je normaal gesproken niet veel van hoort.
Vierde reden is dat de Europese consument zich als een halve zool alles maar goed vind en zich nergens meer voor interesseert. Men is zo druk met produceren en consumeren dat al het andere er bij in schiet. Dat ze daarbij aan alle kanten de poten uit het lijf worden getrokken laat men gewoon toe. Enig kritisch denken of gezonde weestand is weg.

Vierde reden is gebakken lucht. Marketing is een kostenpost die niets wezenlijks aan een product toevoegt. Het enige wat marketing doet is om te proberen de consument een (zijn) product te laten kopen. Dit wordt vaak gedaan door een image op te bouwen. Neem Nike schoenen, die 150 euro kosten. Je kan mij niet vertellen dat die 7 keer beter zijn dan de 20 euro schoenen van de schoenenreus. Ze zijn vast marginaal beter, maar geen 7x dus. Maar, Nike promoot zijn schoen op zo’n manier dat men toch liever die dure schoen koopt. Slim van Nike natuurlijk, maar die 130 Euro extra betaal je dus voor de image, oftewel gebakken lucht. Elke advertentie op TV, in dagblad of op internet, betaal je zelf. Heb je daar al eens over nagedacht?
Neem als voorbeeld de lampen van mijn auto. Die gaan een keer stuk, alhoewel men volgens mij lampen kan maken die nooit stuk gaan. Maar dat is niet interessant want dan zou men nooit meer lampen verkopen. Dus nu maakt men lampen die na zoveel brand uur gewoon stuk gaan. Het bewijs daar voor is dat mijn linker lamp stuk ging, en twee weken later de rechter ook. Kan geen toeval zijn. Volgens mij is dit met veel producten zo, die worden gemaakt op zo’n manier, dat ze na een bepaalde tijd stuk gaan. Toen ik nieuw peertje ging kopen waren er 5 of 6 verschillende merken. Prijs varieerde van 1,20 euro tot 22 euro. Voor het zelfde lampje !! zo een verschil kan je toch niet wegpraten?

Alom al denk ik dat we in het westen flink zijn doorgeschoten met onze consumptie maatschappij en vraag me af waneer dat mis gaat. Is dat doom-denken? Ik weet het niet. Maar ik weet wel dat als je een poosje niet in Europa bent, je je wezenloos schrikt als je terug komt.

Hoe dan ook, ik rijdt Afrika in, en zal per land een verslag maken en hier neerzetten. Het eerste verslag zal dus Marokko zijn.